Check recht loonkostenvoordeel in dienst nemen stagiair

Een betaalde stagiair kan een doelgroepverklaring ontvangen als hij voldoet aan de voorwaarden... Lees meer >

Een betaalde stagiair kan een doelgroepverklaring ontvangen als hij voldoet aan de voorwaarden.

(Met ingang vanaf 1 januari 2018 zijn er 4 loonkostenvoordelen:
LKV oudere werknemer (56+)
LKV arbeidsgehandicapte werknemer
LKV doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden
LKV herplaatsen arbeidsgehandicapte werknemer)

De werkgever heeft dan recht op het loonkostenvoordeel (LKV).

tagiairs die een vergoeding ontvangen waarop de werkgever loonheffingen moet inhouden en afdragen zijn verzekerd voor de Ziektewet (ZW) en vallen daarmee onder het werknemersbegrip voor de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl).

Dit geldt zowel voor stagiairs die een marktconforme beloning ontvangen (echte dienstbetrekking) als voor stagiairs die een stagevergoeding ontvangen (fictieve dienstbetrekking).

Tijdig doelgroepverklaring aanvragen
De stagiair moet dan wel binnen 3 maanden vanaf de aanvang van de stage een doelgroepverklaring LKV aanvragen. Doet hij dit niet (hij is hiertoe niet verplicht), dan kan de werkgever geen aanspraak maken op het LKV.

Let op!
Neemt de werkgever de stagiair na afloop van de stage in dienst en heeft de stagiair geen doelgroepverklaring LKV aangevraagd binnen 3 maanden na de start van de stage? Dan heeft deze werknemer geen recht meer op een doelgroepverklaring LKV en kan de werkgever dus geen aanspraak meer maken op het LKV.

Meer informatie

Gerelateerde handreikingen

Identificatie- en registratieplicht werknemers: voorkom het anoniementarief

Iedereen moet zich kunnen identificeren met een geldig identiteitsbewijs. De wijze van identificeren kan verschillend zijn afhankelijk van de... Lees meer >

Iedereen moet zich kunnen identificeren met een geldig identiteitsbewijs. De wijze van identificeren kan verschillend zijn afhankelijk van de toepasselijke wet- en regelgeving.

Verificatieplicht

Bij indiensttreding van een nieuwe werknemer bent u verplicht naar een geldig identiteitsbewijs te vragen. De werknemer is verplicht het originele document te tonen. Dit kan bijvoorbeeld een paspoort zijn, een identiteitskaart (ID-kaart) of vreemdelingendocument. De verificatieplicht houdt in dat u het identiteitsbewijs van werknemers bij indiensttreding moet controleren op echtheidskenmerken en geldigheid.

Identificatie en de Wet arbeid vreemdelingen (Wav)

De regels voor het laten werken van vreemdelingen staan in de Wav. Werken in Nederland is vrij toegestaan voor personen met de Nederlandse nationaliteit of de nationaliteit van één van de landen van de Europese Economische Ruimte (EER) en Zwitserland. Voor deze landen geldt vrij verkeer van werknemers, sinds 1 juli 2018 ook voor inwoners van Kroatië die in Nederland willen werken. Voor de werknemers buiten de voornoemde landen geldt in principe dat zij in bezit moeten zijn van een verblijfsvergunning en/of tewerkstellingsvergunning.

Voorkom een boete en werk mee aan de CBS-enquête

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) verzamelt cijfers. Voor een deel komen die cijfers binnen via ingevulde enquêtes.... Lees meer >

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) verzamelt cijfers. Voor een deel komen die cijfers binnen via ingevulde enquêtes. Krijgt uw organisatie een enquête van het CBS, vul deze dan altijd in, anders kan dat uw organisatie duur komen te staan.

Hoewel het CBS strikt genomen geen overheidsinstelling is, zijn de taken en bevoegdheden vastgelegd in de Wet op het Centraal Bureau voor de Statistiek. Uit deze wet blijkt dat het voor het CBS belangrijk is dat uw organisatie de enquêtes invult. Het CBS selecteert uw organisatie op basis van een steekproef. De resultaten gebruikt het CBS voor statistieken over bijvoorbeeld economische groei en werkgelegenheid. Veel input is belangrijk, want uit de al beschikbare gegevens – bijvoorbeeld wat is ondergebracht in het Handelsregister – is niet altijd alle benodigde informatie te halen. Met inbreng vanuit organisaties kan het CBS zijn taak dus beter vervullen.

Invullen CBS-enquête is niet verplicht voor natuurlijke personen
Niet voor alle rechtsvormen (tool) is meedoen aan de CBS-enquête verplicht. Om te voorkomen dat de enquêtes leiden tot een te lage respons zijn ondernemingen en zzp’ers, in tegenstelling tot natuurlijke personen, in elk geval verplicht om mee te werken. Het CBS laat dit weten in de begeleidende brief die met de enquête naar organisaties verstuurd wordt. Als een organisatie de vragenlijst liever door een accountant laat invullen, dan stuurt het CBS een machtigingsformulier. Mocht uw organisatie toch niet in staat zijn om de enquête in te vullen, dan is via de website van het CBS te vragen of het invullen van de enquête later mag. Maar dit uitstel is er niet voor alle soorten enquêtes krijgen. Er is bijvoorbeeld geen uitstelmogelijkheid voor de enquête Internationale Handel in Goederen.

Wie niet meewerkt aan de CBS-enquête kan een boete krijgen
Als uw organisatie binnen de gevraagde termijn niet meewerkt aan een onderzoek herhaalt het CBS het verzoek om mee te werken. Uw organisatie krijgt dan veertien dagen de tijd om de enquête alsnog in te vullen. Dit is de zogenoemde begunstigingstermijn. Daarna kan het CBS een dwangsom opleggen. De hoogte van de last onder dwangsom is afhankelijk van de omvang van uw organisatie, de duur van de periode waarvoor de gegevens zijn gevraagd en het responsgedrag. De grootte van uw organisatie wordt berekend aan de hand van het aantal werknemers. Het CBS kan om gegevens vragen voor een periode van een maand, een kwartaal of een jaar. Het responsgedrag is onderverdeeld in niet meewerken op incidentele, regelmatige en structurele basis. In de tarieventabel zijn de boetebedragen terug te vinden. De boete bedraagt ten hoogste € 5.000 (artikel 43, CBS-wet).

Indien wij u hiermee moeten bijstaan informeer ons dan tijdig over de uitnodiging.

Wat gaat het Belastingplan 2019 allemaal brengen

Over een paar weken is het alweer Prinsjesdag. Dan zal ook het Belastingplan 2019 worden gepresenteerd. Wat gaat er... Lees meer >

Over een paar weken is het alweer Prinsjesdag. Dan zal ook het Belastingplan 2019 worden gepresenteerd. Wat gaat er op fiscaal gebied allemaal veranderen de komende jaren?

Op de derde dinsdag van september vindt altijd Prinsjesdag plaats. Op deze dag worden door het kabinet de plannen voor 2019 en verdere jaren bekendgemaakt. Op fiscaal gebied staat er naar verwachting een boel op stapel. Wat is er te verwachten?

Inkomstenbelasting (IB)

De meeste aftrekposten in de IB worden beperkt. Met ingang van 1 januari 2019 zijn aftrekposten in de tweede schijf aftrekbaar tegen een tarief van 49,5% (door invoering vlaktax). Vanaf 1 januari 2020 wordt de aftrek van een groot aantal aftrekposten afgebouwd in jaarlijkse stappen van 3%-punt. Dit wil zeggen dat vanaf 2023 de aftrekposten nog maar aftrekbaar zijn tegen het tarief van de eerste schijf van 36,93%.
Verhoging algemene heffingskorting en arbeidskorting.
Het tarief van box 2 wordt verhoogd naar 27,3% in 2020 en 28,5% in 2021.
Afschaffing aftrek voor monumentenpanden.
Afschaffing aftrek scholingsuitgaven.
Afschaffing heffingskorting voor uitkeringsgerechtigden voor de Ziektewet.

Vennootschapsbelasting (VPB)

Het tarief van de VPB gaat voor winsten tot € 200.000 omlaag van 20% naar 19%, voor winsten boven de € 200.000 wordt het tarief 24% (is nu 25%).
In de VPB geldt vanaf 1 januari 2019 dat ook voor gebouwen in eigen gebruik de afschrijving beperkt wordt tot 100% (is nu 50%) van de WOZ-waarde.
In de VPB kunnen verliezen vanaf 2019 nog maar zes jaar (is nu negen jaar) voorwaarts worden verrekend met winsten.
Herziening fiscale eenheid in de VPB door spoedmaatregel die terugwerkende kracht heeft tot 25 oktober 2017, 11.00. De spoedreparatiemaatregel wordt later vervangen door een nieuwe concernregeling die medio 2020 middels een conceptwetsvoorstel voor internetconsultatie wordt aangeboden.
De dividendbelasting wordt per 1 januari 2020 afgeschaft.
Per 1 januari 2020 komt er een bronbelasting op rente en royalty’s op uitgaande geldstromen naar landen met zeer lage belastingen.
Fiscale beleggingsinstellingen mogen niet meer investeren in vastgoed als zij voor het 0%-VPB-tarief in aanmerking willen blijven komen.

BTW

Het lage BTW-tarief van 6% wordt per 2019 verhoogd naar 9%.
De kleineondernemersregeling in de BTW wordt aangepast. Hiervoor zal een apart wetsvoorstel in het Belastingplan 2019 worden opgenomen.
De BTW e-commercerichtlijn wordt geïmplementeerd (zal een apart wetsvoorstel worden).

Loonbelasting

Het verlaagde bijtellingspercentage van 4% voor elektrisch aangedreven nulemissie-auto’s gaat gelden tot en met een catalogusprijs van € 50.000. Boven de € 50.000 gaat een bijtelling van 22% gelden per 2019.

Toezichtsplan Arbeidsrelaties Belastingdienst

De Belastingdienst houdt toezicht op de juiste toepassing van de loonheffingen in het licht van de kwalificatie van de... Lees meer >

De Belastingdienst houdt toezicht op de juiste toepassing van de loonheffingen in het licht van de kwalificatie van de arbeidsrelatie. Gedurende het handhavingsmoratorium dat geldt tot 1 januari 2020 kan de Belastingdienst alleen handhaven bij kwaadwillenden. Dat zijn opdrachtgevers die opzettelijk een situatie van schijnzelfstandigheid laten ontstaan of voortbestaan. Sinds 1 juli richt de handhaving zich niet langer alleen op de ernstige gevallen, maar ook op de andere kwaadwillenden.

Voor meer informatie, raadpleeg het gepubliceerde toezichtsplan HIER.

Ik heb een naheffingsaanslag voor de btw gekregen – wat moet ik nu doen?

U hebt een naheffingsaanslag BTW ontvangen. De aanleiding kan zijn dat de aangifte niet of te laat aangifte is... Lees meer >

U hebt een naheffingsaanslag BTW ontvangen. De aanleiding kan zijn dat de aangifte niet of te laat aangifte is gedaan of dat u deze niet (volledig) of te laat heeft betaald. Het kan ook zijn dat er een suppletie aangifte is ingediend. Of dat u een startende ondernemer bent en u op papier btw-aangifte heeft gedaan.

Als er geen btw-aangifte is gedaan, zal de Belastingdienst zelf een schatting doen van hoeveel btw u moet betalen. Dan kan het bedrag van de naheffingsaanslag behoorlijk hoog zijn.

Er zijn mogelijkheden om de naheffingsaanslag zelf te checken. Klik voor meer informatie daarover HIER

Forse belastingverhoging nodig om van aardgas af te komen

Er is een belastingverhoging van ongeveer 75 procent nodig om particulieren, bedrijven en woningcorporaties zo ver te krijgen dat... Lees meer >

Er is een belastingverhoging van ongeveer 75 procent nodig om particulieren, bedrijven en woningcorporaties zo ver te krijgen dat ze hun woning en bedrijfsgebouwen van het aardgas afkoppelen. Om de aanschaf van elektrische warmtepompen financieel aantrekkelijk te maken, moet de belasting op stroom juist met meer dan 50 procent omlaag.

Aanpassing tarieven energiebelasting
Het Klimaatakkoord moet ervoor zorgen dat de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen in 2030 met 49 procent gedaald is. Kleinverbruikers betalen sinds de invoering van de energiebelasting 26 cent per kubieke meter aardgas en 10,5 cent voor elk kilowattuur stroom. In het voorstel van Samsom gaat de gasbelasting de komende jaren met 20 cent omhoog en de stroomheffing met 6,5 cent omlaag. De klimaattafel wil dat de energiebelasting voor grootverbruikers procentueel evenveel stijgt als die voor kleinverbruikers. Grootverbruikers hebben nu een belastingtarief van 1 tot 6 cent per kubieke meter.

Warmtepompinstallatie
De overstap van aardgas naar een warmtepompinstallatie is duur, omdat bestaande woningen hiervoor verbouwd moeten worden. De onderhandelaars verwachten dat de kosten voor een warmtepomp snel zullen dalen naarmate de warmtepomp massaal op de markt wordt gebracht.

Nederlandse klimaatakkoord
Samsom is door Minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat aangewezen als onderhandelaar voor het Nederlandse klimaatakkoord. Het adviesorgaan bestaat uit onder meer gemeenten, milieuorganisaties, woningcorporaties, huiseigenaren, energie-, bouw- en installatiebedrijven, vakbonden en banken. Uiteindelijk is het aan de Tweede Kamer of de voorstellen van Samson en andere onderdelen uit het Klimaatakkoord ook echt wordt uitgevoerd.

Geen enkele boete voor nep-zzp’ers uitgedeeld

Het vorige kabinet, Rutte II, bedacht de Wet DBA om een einde te maken aan ‘schijnzelfstandigheid’, maar er is... Lees meer >

Het vorige kabinet, Rutte II, bedacht de Wet DBA om een einde te maken aan ‘schijnzelfstandigheid’, maar er is de afgelopen twee jaar geen enkel bedrijf beboet voor het inhuren van zogenoemde ‘schijnzelfstandigen’. In mei 2016 kwam er een wet om de inhuur van nep-zzp’ers beter en vaker te kunnen bestraffen.

Bedrijven vonden de wet onduidelijk en waren bang dat er veel boetes zouden worden uitgedeeld. Daarom besloot het vorige kabinet om nog niet voluit te handhaven. Wel zouden „evident kwaadwillende” bedrijven beboet worden. Het huidige kabinet zette die lijn voort.

Onderzoeken belastingdienst
De Belastingdienst zegt dat het sindsdien 49 onderzoeken heeft ingesteld naar „mogelijke evident kwaadwillenden”. In 38 gevallen kon de fiscus het bewijs niet leveren en werd het onderzoek gestaakt. Elf onderzoeken lopen nog. De Belastingdienst is van plan om op korte termijn meer controles uit te voeren. De fiscus moet van het kabinet straks niet alleen „evidente” maar ook „opzettelijke” schijnzelfstandigheid kunnen bewijzen.

Voordelen zzp-er voor opdrachtgever
Voor bedrijven is het goedkoop om zzp’ers in te huren omdat ze voor hen geen premies voor pensioen of sociale lasten hoeven te betalen. Ook hebben ze dan niet te maken met de relatief strenge ontslagregels in Nederland. Volgens onderzoek van Oeso, de club van rijke landen, voldoet zo’n 15 procent van de Nederlandse zzp’ers aan de kenmerken van een schijnzelfstandige. Bijvoorbeeld omdat ze maar één opdrachtgever hebben en niet vrij zijn in hun bedrijfsvoering.

Steeds meer schenkers sluiten zich aan bij het Cultuurfonds

Het Prins Bernhard Cultuurfonds, dat al bijna tachtig jaar de motor van cultureel Nederland draaiende houdt met de ondersteuning... Lees meer >

Het Prins Bernhard Cultuurfonds, dat al bijna tachtig jaar de motor van cultureel Nederland draaiende houdt met de ondersteuning van duizenden mooie en bijzondere projecten per jaar, is adviseur in filantropie voor particulieren, ondernemers en bedrijven.

Mecenaat op Maat 
Speciaal voor cliënten die nauwer betrokken willen zijn bij hun schenking en de besteding daarvan, heeft het Cultuurfonds het zogenoemde Mecenaat op Maat ontwikkeld. “Dan is de schenker nog nadrukkelijker betrokken bij de besteding van zijn geld. Als Cultuurfonds doen we dan een bestedingsvoorstel voor een of meer projecten. De mecenas denkt actief mee welk project het beste past bij zijn ideeën en op welke manier hij betrokken wil worden.” Ook als de mecenas er niet meer is, blijft de administratieve ondersteuning beschikbaar.

Regeling onderhoud monumentenpanden gaat veranderen

Den Haag erkent het belang van de financiële ondersteuning voor onderhoud aan rijksmonumenten; “dit erfgoed is een onmisbare bouwsteen... Lees meer >

Den Haag erkent het belang van de financiële ondersteuning voor onderhoud aan rijksmonumenten; “dit erfgoed is een onmisbare bouwsteen voor de samenleving”. Bij afschaffing van de fiscale aftrek voor onderhoud aan rijksmonumenten dient er dus een andere maatregel in de plaats te komen teneinde onderhoud aan aan ons erfgoed aantrekkelijk te houden en mogelijk te maken. Het erfgoed moet immers in stand blijven.

Subsidieregeling
Het idee is nu om de fiscale aftrek om te vormen naar een subsidieregeling. Hierbij zal de focus komen op monumentale elementen enerzijds en anderzijds zal getoetst worden op de kwaliteit van het onderhouden. Dat laatste is nu niet het geval en verder wordt nu ook fiscale aftrek verleend voor onderhoud aan Cv-installaties en dergelijke. De focus gaat gericht worden op puur behoud van de historische waarden en dus de historische elementen.

Fiscale aftrek verdwijnt per 2019
Deze subsidieregeling wordt gezien als beter en meer gericht op het doel: behoud van het erfgoed. Daarom komt de fiscale aftrek voor onderhoud aan monumenten per 1 januari 2019 te vervallen en wordt deze door een subsidieregeling vervangen.

Nieuwe regeling
Er komt dan één nieuwe regeling voor onderhoud. Deze geldt voor zowel alle huidige als toekomstige eigenaren van rijksmonumenten. Ten behoeve van de instandhouding van het monumentale pand kunnen de eigenaren een beroep doen op de subsidie. Deze zal dan maximaal 35% van de instandhoudingskosten bedragen die worden gemaakt. Dit zou gelijkwaardig zijn aan de huidige tegemoetkoming via de fiscale aftrek.
Dus is er nog onderhoud dat niet onder de “instandhoudingseis” zal vallen dan is het goed daar dit jaar nog werk van te maken.

ga naar nieuwsarchief >