Rekenkamer: fiscus moet vooral naar aangiften bedrijven kijken

De aandacht die de Belastingdienst de laatste jaren besteedt aan het voorkomen van onvolledige of verkeerde belastingaangiften is een positieve ontwikkeling, maar de dienst heeft nog niet genoeg zicht of dat ook resultaat oplevert. Vooral bij bedrijven is nog veel te halen.

Dat concludeert de Algemene Rekenkamer in een onderzoek naar de Belastingdienst op verzoek van de Tweede Kamer.

Met de preventieve benadering moet worden bereikt dat iedereen de verschuldigde belasting betaalt. Op deze manier wordt “systematisch en structureel” ingespeeld op het gedrag van burgers en bedrijven. 

Gebrek aan inzicht

Toch ontbreekt het de Belastingdienst nog aan het inzicht of de juiste middelen en mensen worden ingezet en of die inzet voldoende is. Die informatie is van belang omdat driekwart van het personeel van deze afdeling (12.700 fte) belast is met de handhaving. 

In de aanpak is flink geïnvesteerd. Om te zien hoeveel er extra aan belastinginkomsten kan worden binnengehaald, is betere managementinformatie nodig en moet het effect van de aanpak worden geëvalueerd, concludeert de Rekenkamer. De totale belasting- en premieontvangsten in Nederland bedragen 230 miljard euro per jaar. 

Een maatregel die goed werkt, is het vooraf invullen van de aangifte. Daarmee is de Belastingdienst in 2013 begonnen. In de vooraf ingevulde delen van de aangiften komen 55 procent minder fouten voor en in de totale aangiften 29 procent.

Veel te halen bij bedrijven

De Belastingdienst moet zich vooral richten op bedrijven. Onderzoek wijst uit dat vooral het midden- en kleinbedrijf (1,7 miljoen bedrijven) te weinig belasting betaalt. Van de stand van zaken bij grote bedrijven (zo’n 9000) heeft de Belastingdienst niet eens een goed overzicht. 

Verder is gekeken naar de zogenoemde tax gap, de gemiste belastingopbrengsten door bijvoorbeeld onjuiste aangiften of bedragen die buiten beeld worden gehouden. Daarvan heeft de Belastingdienst volgens de Rekenkamer geen goed beeld; er is geen schatting van de omvang. De Rekenkamer beveelt aan daarin meer inzicht te krijgen.

Staatssecretaris Wiebes neemt een groot deel van de aanbevelingen over, maar sommige kunnen “niet onverkort” worden overgenomen. Over de evaluatie van de handhaving bij particulieren zegt Wiebes dat dat precies is waar hij mee bezig is in zijn hervorming van de Belastingdienst.