Verschil in btw-tarieven maakt medische hulpmiddelenmarkt onduidelijk

De FHI, de Nederlandse brancheorganisatie voor medische technologie, en Nefemed, de belangenorganisatie van leveranciers van medische hulpmiddelen, klagen over oneerlijke concurrentie op de markt voor medische hulpmiddelen. Dit komt door onduidelijkheid over btw-tarieven rondom de hulpmiddelen. De organisaties willen een duidelijke, landelijke aanpak van de Belastingdienst.

Het is momenteel onduidelijk voor welke medische hulpmiddelen het btw-tarief van 6% en voor welke die van 21% geldt. Als een vernevelaar wordt geleverd met slangetjes en maskers in één doos dan geldt het tarief van 6%. Worden de slangetjes los verkocht, dan geldt ineens het tarief van 21%. Er zijn zo`n 500.000 medische hulpmiddelen op de markt en daar komen regelmatig nieuwe producten bij.

Er kan zelfs per regio een ander belastingtarief gelden. Veel leveranciers werken echter landelijk. Omdat zorginstellingen zelf niet btw-plichtig zijn, beïnvloeden de belastingtarieven direct de prijs en daarmee ook de keuze van een ziekenhuis voor een bepaalde leverancier. De Belastingdienst ontkent dat er regionale verschillen zijn. De Belastingdienst deed al eens een naheffing over producten die ten onrechte tegen lager btw-tarief geleverd werden.