Verlies uit aanmerkelijk belang

Jan heeft in 2005 een bv opgericht met een kapitaal van € 18.000. Hij had hiermee grootse plannen, maar door de economische crisis is succes uitgebleven. Om verdere kosten te vermijden, heeft hij zijn accountant opgedragen de bv te liquideren. Bij de liquidatie zal er naar verwachting niets overblijven. Wat zijn hiervan de fiscale gevolgen voor Jan?

Iemand die grootaandeelhouder is, heeft een zogenoemd aanmerkelijk belang. Dit betekent dat de desbetreffende aandelen in box 2 vallen en niet in box 3 zoals de aandelen Philips en Shell. Jan is daarom over de waarde van deze aandelen niet de 1,2% verschuldigd. Een aanmerkelijk-belanghouder wordt tegen een tarief van 25% belast voor ontvangen dividenden en de behaalde verkoopwinst. Een verkoop- of liquidatieverlies is een verlies uit aanmerkelijk belang.

De ontwerper van de huidige Wet inkomstenbelasting, Willem Vermeend, heeft het zo bedacht dat een verlies uit de ene box niet moet kunnen worden verrekend met de positieve resultaten behaald in een andere box. Zo kan een verlies uit aanmerkelijk belang niet worden verrekend met loon, bijverdiensten, ondernemingswinst en uitkeringen (box 1). Er geldt echter één uitzondering. Als iemand zijn aanmerkelijk-belangpositie beëindigt, kan hij het verlies in box 1 verrekenen

Concreet betekent dit voor onze hoofdpersoon dat als de liquidatie van zijn bv in 2013 wordt voltooid, hij het verlies van € 18.000 kan verrekenen in 2015. Het in aanmerking kunnen nemen van het verlies is mogelijk als in het voorgaande jaar geen sprake meer is geweest van een aanmerkelijk-belangpositie. Het kunnen benutten van het verlies gaat dus met enige vertraging gepaard. De verrekening geschiedt in de vorm van een korting op de belasting in box 1 ter grootte van 25% van het aanmerkelijk-belangverlies (tax credit).