Meerdere contracten mogelijk bij seizoensarbeid

De ketenbepaling in de Wet werk en zekerheid regelt dat werknemers na een opeenvolging van drie contracten (met een tussenpoos van maximaal zes maanden) in twee jaar een vast contract moeten krijgen. Dit pakt vervelend uit bij seizoensarbeid. De ketenbepaling wordt bij cao mogelijk zo aangepast dat de maximale tussenpoos voor seizoenarbeiders kan worden teruggebracht naar drie maanden.

Voor wie geldt dit?

Het moet gaan om functies waarin de werkzaamheden door klimatologische of natuurlijke omstandigheden seizoensgebonden zijn en maximaal negen maanden per jaar kunnen worden verricht.

Voordeel van deze maatregel is dat bij seizoensarbeid na een tussenpoos van drie maanden een nieuw tijdelijk contract kan worden aangegaan met de werknemer zonder dat er sprake is van opeenvolgende contracten. Dit moet dan wel bij cao zijn geregeld.

Afspraken bij cao

Cao-partijen kunnen zelf besluiten over het al dan niet verkorten van de tussenpoos naar ten hoogste drie maanden, voor welke seizoensgebonden functies dit gaat gelden en tegen welke voorwaarden. Er geldt nog wel een beperking. De verkorte tussenpoos van de ketenbepaling mag niet gelden voor functies die aansluitend door dezelfde werknemer kunnen worden uitgeoefend gedurende een periode van meer dan negen maanden per jaar. In dat geval ligt het namelijk voor de hand om niet telkens kortdurende tijdelijke contracten aan te gaan, maar juist een langer durend (al dan niet tijdelijk) dienstverband.

Betreft het functies waarin de werkzaamheden normaliter langer dan negen maanden worden verricht, dan kan men gebruik maken van de bestaande mogelijkheid om de ketenbepaling bij cao te verruimen tot maximaal zes contracten in een periode van maximaal vier jaar.

Het is de bedoeling dat de verkorte tussenpoos in gaat per 1 juli 2016. De Tweede kamer is inmiddels akkoord gegaan met het voorstel, de bal ligt nu bij de Eerste kamer