Uitkeringsbedragen per 1 juli 2014

Per 1 juli 2014 worden de AOW, ANW, WW, WIA, WAO, TW, Wajong, WWB, IOAW en IOAZ aangepast als gevolg van de stijging van het wettelijk minimumloon per 1 juli 2014. Dit komt doordat deze uitkeringen gekoppeld zijn aan het wettelijk minimumloon. Het minimumloon stijgt per 1 juli a.s. van € 1.485,60 naar € 1.495,20 bruto per maand.

Alle bedragen per 1 juli 2014 volgen hieronder.

Wet werk en bijstand

Per 1 juli 2014 stijgen de bijstandsuitkeringen. De netto normbedragen per 1 juli 2014, voor mensen vanaf 21 jaar tot de pensioengerechtigde leeftijd, die een uitkering krijgen op grond van de Wet werk en bijstand zijn als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden
 

per maand
1.291,52

vakantie-uitkering
67,97

totaal
1.359,49

Alleenstaande ouders
 

per maand
904,06

vakantie-uitkering
47,58

totaal
951,64

Alleenstaanden
 

per maand
645,76

vakantie-uitkering
33,99

totaal
679,75

Gemeentelijke toeslag bij het niet kunnen delen van kosten (van toepassing op alleenstaande ouders en alleenstaanden)
 

per maand
258,3

vakantie-uitkering
13,6

totaal
271,9

De netto normbedragen voor mensen vanaf de pensioengerechtigde leeftijd, die een uitkering krijgen op grond van de Wet werk en bijstand zijn als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden
 

per maand
1.365,17

vakantie-uitkering
71,85

totaal
1.437,02

Alleenstaande ouders
 

per maand
1.248,13

vakantie-uitkering
65,69

totaal
1.313,82

Alleenstaanden
 

per maand
991,81

vakantie-uitkering
52,2

totaal
1.044,01

De netto normbedragen voor mensen die in een inrichting verblijven zijn als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden
 

per maand
445,15

vakantie-uitkering
23,43

totaal
468,58

Alleenstaande ouders en alleenstaanden
 

per maand
286,2

vakantie-uitkering
15,06

totaal
301,26

Mensen hoeven niet al hun spaargeld op te maken vóór ze in aanmerking komen voor een bijstandsuitkering. Het vrij te laten vermogen voor gehuwden/samenwonenden, alleenstaande ouders en alleenstaanden is als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden en alleenstaande ouders
11.700,00

Alleenstaanden
5.850,00

Voor mensen die een bijstandsuitkering ontvangen en een eigen huis bewonen, geldt een extra vrijlating van maximaal € 49.400,00.

IOAW en IOAZ

De IOAW (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers) is bestemd voor oudere langdurig werklozen, die 50 jaar of ouder waren toen zij werkloos werden. De IOAW is ook bedoeld voor gedeeltelijk arbeidsongeschikte werklozen, ongeacht hun leeftijd.

De IOAZ (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen) is bestemd voor ex-zelfstandigen van 55 jaar of ouder en gedeeltelijk arbeidsongeschikte ex-zelfstandigen (ongeacht hun leeftijd), die noodgedwongen hun bedrijf of beroep moesten beëindigen.

De IOAW en de IOAZ vullen het totale inkomen van de rechthebbende en zijn of haar partner aan tot bijstandsniveau. Op de hierna volgende normbedragen worden dus de bruto inkomsten van de rechthebbende en zijn of haar partner in mindering gebracht.

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden (beide partners 21 jaar of ouder)
 

per maand
1.462,87

vakantie-uitkering
117,03

totaal
1.579,90

Alleenstaande ouders vanaf 21 jaar
 

per maand
1.406,55

vakantie-uitkering
112,52

totaal
1.519,07

Alleenstaanden vanaf 23 jaar
 

per maand
1.126,68

vakantie-uitkering
90,13

totaal
1.216,81

Alleenstaanden vanaf 22 jaar
 

per maand
888,51

vakantie-uitkering
71,08

totaal
959,59

Alleenstaanden vanaf 21 jaar
 

per maand
748,73

vakantie-uitkering
59,9

totaal
808,63

Voor mensen onder de 21 jaar gelden lagere bedragen. In tegenstelling tot de bijstand wordt bij de IOAW geen rekening gehouden met vermogen. Bij de IOAZ wordt wel rekening gehouden met andere inkomsten en ook met vermogen. Zo blijft vermogen tot een bedrag van € 128.547,- buiten beschouwing. Het vermogen hier boven wordt geacht jaarlijks 4 procent inkomsten op te leveren. Dat wordt in mindering gebracht op de uitkering.

Voor mensen die een IOAZ-uitkering krijgen en een pensioentekort hebben, wordt een bedrag tot maximaal € 117.444,- voor aanvullende pensioenvoorzieningen buiten beschouwing gelaten.

AOW

AOW’ers die getrouwd zijn of samenwonen hebben elk een eigen recht op een AOW-uitkering (basispensioen). De hoogte daarvan is gerelateerd aan de helft van het netto minimumloon. De AOW voor een alleenstaande is gerelateerd aan 70 procent van het netto minimumloon. Voor een eenoudergezin is dit 90 procent van het netto minimumloon. Bij de laatste groep gaat het om pensioengerechtigden, die een kind verzorgen jonger dan 18 jaar voor wie zij kinderbijslag ontvangen.

Voor gehuwde/samenwonende AOW’ers van wie de partner jonger is dan de pensioengerechtigde leeftijd gelden afwijkende regels. Normaal gesproken is het pensioen gerelateerd aan 50 procent van het netto minimumloon (de uitkering voor een gehuwde). Daar bovenop komt een toeslag van maximaal hetzelfde bedrag (bruto € 737,76). Per 1 april 2015 kan er geen recht op partnertoeslag meer ontstaan. Als het recht op pensioen al is ingegaan voor 1 februari 1994 dan valt de AOW’er onder een overgangsregeling en is het pensioen gerelateerd aan 70 procent van het netto minimumloon. De toeslag is dan maximaal 30 procent.

De bruto uitkeringsbedragen per 1 juli 2014, voor AOW’ers van wie het recht op pensioen is ingegaan na 1 februari 1994, zijn als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden
 

per maand
737,76

vakantie-uitkering
50,61

totaal
788,37

Gehuwden/samenwonenden met maximale toeslag (partner jonger dan 65 jaar)
 

per maand
1.475,52

vakantie-uitkering
101,22

totaal
1.576,74

Maximale toeslag
 

per maand
737,76

vakantie-uitkering
50,61

totaal
788,37

Alleenstaande ouders
 

per maand
1.370,01

vakantie-uitkering
91,11

totaal
1.461,12

Alleenstaanden
 

per maand
1.079,83

vakantie-uitkering
70,87

totaal
1.150,70

De bruto uitkeringsbedragen per 1 juli 2014, voor AOW’ers van wie het recht op pensioen is ingegaan vóór 1 februari 1994, zijn als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden
 

per maand
1.079,83

vakantie-uitkering
70,87

totaal
1.150,70

Gehuwden/samenwonenden met maximale toeslag (partner jonger dan 65 jaar)
 

per maand
1.475,52

vakantie-uitkering
101,22

totaal
1.576,74

Maximale toeslag
 

per maand
395,69

vakantie-uitkering
30,35

totaal
426,04

Alleenstaanden
 

per maand
1.079,83

vakantie-uitkering
70,87

totaal
1.150,70

Anw

De Algemene nabestaandenwet (Anw) is een volksverzekering die recht geeft op een uitkering aan volwassenen van wie de partner is overleden. Het kan gaan om een huwelijkspartner of een partner met wie ongehuwd werd samen gewoond. De nabestaandenuitkering bedraagt 70 procent van het netto minimumloon. Wanneer de nabestaande één (of meerdere) kind(eren) onder de 18 jaar verzorgt, bedraagt de nabestaandenuitkering 90 procent van het netto minimumloon. De voormalige halfwezenuitkering van 20 procent is opgenomen in deze nabestaandenuitkering voor alleenstaande ouders. Wanneer er sprake is van een verzorgingsrelatie, waarbij de nabestaande samenwoont omdat er iemand intensieve zorg nodig heeft of omdat de nabestaande zelf intensieve zorg nodig heeft, bedraagt de nabestaandenuitkering (verzorgingsuitkering) 50 procent van het netto minimumloon. Daarnaast komen weeskinderen ook in aanmerking voor een uitkering.

De hoogte van de Anw-uitkering is afhankelijk van het inkomen van de nabestaande. Andere uitkeringen worden er geheel van afgetrokken. Van inkomen uit arbeid blijft een deel buiten beschouwing (50 procent van het bruto minimumloon plus een derde deel van het meerdere).

Nabestaanden die voor juli 1996 al een AWW-uitkering (de voorganger van de Anw) ontvingen, krijgen in ieder geval een bodemuitkering van 30 procent van het bruto minimumloon, ook als hun inkomen hoger uitvalt dan de bovengenoemde inkomensgrens.

In onderstaand overzicht zijn de bruto Anw-bedragen per 1 juli 2014 opgenomen. De bedragen zijn weergegeven exclusief de tegemoetkoming Anw. Deze bedraagt bruto € 16,50 per maand.

 

 
bedrag in euro’s

Alleenstaande ouders
 

per maand
1.410,39

vakantie-uitkering
108,98

totaal
1.519,37

Alleenstaanden
 

per maand
1.131,76

vakantie-uitkering
84,76

totaal
1.216,52

Verzorgingsuitkering
 

per maand
728,48

vakantie-uitkering
60,54

totaal
789,02

Wezenuitkering tot 10 jaar
 

per maand
362,16

vakantie-uitkering
27,12

totaal
389,28

Wezenuitkering van 10 tot 16 jaar
 

per maand
543,24

vakantie-uitkering
40,68

totaal
583,92

Wezenuitkering van 16 tot 21 jaar
 

per maand
724,33

vakantie-uitkering
54,25

totaal
778,58

Wajong

De Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) biedt jonggehandicapten een uitkering op minimumniveau. De grondslag (afgeleid van het bruto minimumloon) waarop de uitkering wordt berekend, gaat per 1 juli 2014 omhoog. Ook de grondslagen voor Wajonger beneden de 23 jaar, die worden afgeleid van de bruto minimumjeugdlonen, worden op die datum verhoogd.

Per 1 juli 2014 zijn dit de bruto grondslagen (exclusief vakantietoeslag) per dag:

 

 
bedrag in euro’s

Vanaf 23 jaar
68,74

22 jaar
58,43

21 jaar
49,84

20 jaar
42,28

19 jaar
36,09

18 jaar
31,28

Naast de Wajong-uitkering heeft elke Wajonger onder de 23 jaar recht op een tegemoetkoming. Deze tegemoetkoming compenseert (deels) de inkomensachteruitgang die de invoering van de Zorgverzekeringswet heeft veroorzaakt. De bruto tegemoetkomingen per maand zijn als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

22 jaar
1,84

21 jaar
4,49

20 jaar
9,11

19 jaar
15,2

18 jaar
15,84

Maximumdagloon (WW, WIA en WAO)

Per 1 juli 2014 worden bestaande bruto uitkeringen verhoogd met 0,65%. De hoogte van de WW, WIA en WAO-uitkering hangt mede af van de hoogte van het laatstverdiende loon en het maximumdagloon. Per 1 juli 2014 wordt het maximumdagloon verhoogd van € 197,00 naar € 198,28 bruto.

Toeslagenwet

De Toeslagenwet zorgt voor een aanvulling op een aantal uitkeringen tot het sociaal minimum. Het gaat bijvoorbeeld om de WW, WIA, WAO, Wajong en ZW-uitkering. Er ontstaat recht op een toeslag als een uitkeringsgerechtigde een uitkering ontvangt, die lager is dan het normbedrag.

Het normbedrag voor gehuwden is gekoppeld aan 100 procent van het bruto minimumloon. Het normbedrag voor alleenstaanden vanaf 23 jaar is op netto basis gerelateerd aan 70 procent van het netto minimumloon. De normbedragen van 18- t/m 22-jarigen zijn gekoppeld aan 75 procent van de desbetreffende netto minimumjeugdlonen. Het normbedrag voor alleenstaande ouders is gekoppeld aan 90 procent van het netto minimumloon.

De toeslag vult de uitkering aan tot het normbedrag, maar het totaal van de uitkering en toeslag samen is niet meer dan het vroegere loon.

Een toeslag op de uitkering kan worden aangevraagd bij het UWV.

Per 1 juli 2014 zijn de bruto normbedragen per dag (exclusief vakantietoeslag) als volgt:

 

 
bedrag in euro’s

Gehuwden/samenwonenden
68,74

Alleenstaande ouders
64,67

Alleenstaanden vanaf 23 jaar
51,81

Alleenstaanden van 22 jaar
40,86

Alleenstaanden van 21 jaar
34,43

Alleenstaanden van 20 jaar
28,81

Alleenstaanden van 19 jaar
24,12

Alleenstaanden van 18 jaar
20,57