Na echtscheiding betaalde uitgestelde bruidsschat kwalificeert als afkoopsom voor alimentatie

Het Soennitische Religieuze Hof in Beiroet bevestigt op 1 oktober 2009 de echtscheiding van een man en een vrouw. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de na de echtscheiding door de man aan zijn ex betaalde uitgestelde bruidsschat aftrekbaar is als afkoopsom voor alimentatie.

 

Het stel trouwt op 25 maart 2008 te Libanon. Op 1 oktober 2009 bevestigt het Soennitische Religieuze Hof in Beiroet de echtscheiding. Bij hun huwelijk was een ‘delayed dowry’ (uitgestelde bruidsschat) van 200 Engelse gouden ponden afgesproken. De man betaalt dat bedrag aan haar uit in euro’s en brengt het bedrag van € 28.800 in zijn aangifte IB 2009 in aftrek als afkoopsom voor alimentatie. Als de inspecteur de aftrekpost weigert gaat de man in beroep.

Hof Arnhem-Leeuwarden bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Het hof beslist dat het aannemelijk is dat de tussen man en de echtgenote overeengekomen ‘delayed dowry’ tot doel heeft om bij te dragen in de kosten van levensonderhoud van de echtgenote na de beëindiging van het huwelijk. Daar doet volgens het hof niet aan af dat de verschuldigdheid al bij het aangaan van het huwelijk is overeengekomen, omdat de mogelijkheid zeer reëel is dat de echtgenote behoefte heeft aan een voorziening voor haar levensonderhoud bij beëindiging van het huwelijk, of dat nu door echtscheiding of door overlijden van de man is. Aangezien de voorziening in het levensonderhoud bij uitstek vraagt om periodieke uitkeringen en/of verstrekkingen, acht het hof het aannemelijk dat de eenmalige betaling om in het levensonderhoud te voorzien in de plaats komt van periodieke uitkeringen en/of verstrekkingen. De betaling aan de ex-echtgenote is volgens het hof dan ook aan te merken als een afkoopsom van dergelijke periodieke uitkeringen en verstrekkingen.