Nieuws

Belastingvoordeel expats kan wel wat minder royaal

Hij werkt, de regeling die het expats in Nederland financieel iets makkelijker moet maken. Maar hij kan misschien nog... Lees meer >

Hij werkt, de regeling die het expats in Nederland financieel iets makkelijker moet maken. Maar hij kan misschien nog wel wat zuiniger. Dat oordeelt onderzoeksbureau Dialogic, dat op verzoek van het ministerie van Financiën de zogenaamde 30-procentregeling onderzocht.

Volgens die bepaling kunnen sommige buitenlandse werknemers die in Nederland aan de slag gaan in aanmerking komen voor een soort belastingvrijstelling. Die moet ervoor zorgen dat het aantrekkelijk is voor bedrijven om zich in Nederland te vestigen, en dat buitenlandse deskundigen hier aan de slag willen.

Het gaat met name om mensen met speciale vaardigheden of kennis die in Nederland niet of slecht te vinden zijn, zoals bijvoorbeeld ICT-specialisten of wetenschappelijk onderzoekers.

Zo werkt het

omdat het extra geld kost om tijdelijk in Nederland te komen werken, kunnen expats daar een soort financiële steun voor krijgen. Dat kan door hun gemaakte onkosten te vergoeden via belastingvrijstelling. Om deze regeling aantrekkelijk te houden en een hoop administratieve rompslomp te voorkomen, kun je voor een vast percentage kiezen: 30 procent van het loon blijft dan onbelast. De daadwerkelijke kosten kunnen dus lager of hoger zijn, maar dat maakt dan niet uit.

Niet iedereen komt in aanmerking. Het gaat om schaarse deskundigen, die meer dan 150 kilometer van de Nederlandse grens gewoond moeten hebben, en een behoorlijk salaris krijgen. Hoe hoog dat minimaal is, verschilt per situatie. Deze voorwaarden moeten voorkomen dat ze Nederlandse werknemers verdringen. De expats die er gebruik van maken komen het vaakst uit India, zijn vooral man en hoogopgeleid.

Vorig jaar riep de Algemene Rekenkamer het ministerie al op om de effectiviteit van dit extraatje voor expats, dat de staat jaarlijks rond de 800 miljoen euro kost, verder te onderzoeken.

Effectief maar scheef

De regeling is succesvol, oordeelt Dialogic nu in een 156 pagina’s tellende evaluatie. Ze zorgt voor deskundige werknemers, minder administratief gedoe en maakt Nederland inderdaad aantrekkelijker voor bedrijven. Maar het kan goedkoper.

Zo zou het mogelijk net zo effectief zijn om de korting niet acht maar vijf jaar aan te bieden. Dat zou ook meer in lijn zijn met regelingen in andere Europese landen.

En ook de vergoeding voor inkomens boven de 100.000 euro kan misschien wel wat minder. Wie zo veel verdient, profiteert namelijk relatief veel van de belastingvrijstelling, terwijl maar een klein deel van het loon naar expatkosten gaat.

Bovendien is de regeling eenzijdig, vindt het onderzoeksbureau. Er wordt wel in meegenomen dat een leven in Nederland voor expats uit lagelonenlanden zoals India relatief duur is, maar niet dat ze hier omgekeerd vaak ook relatief veel verdienen.

Wat er met de aanbevelingen van het onderzoeksbureau zal gebeuren, is nog niet duidelijk. Dat is aan een volgend kabinet.

Bron: NOS

Belastingopbrengst DGA-pensioen wordt een blamage

Vanaf 1 juli 2017 kunnen directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) geen pensioen meer opbouwen in hun eigen BV. ... Lees meer >

Vanaf 1 juli 2017 kunnen directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) geen pensioen meer opbouwen in hun eigen BV. De Wet uitfasering biedt dan drie opties. Het opgebouwde pensioen gewoon laten staan, omzetting in een soort bancaire lijfrente (de oudedagsverplichting, ODV) of het pensioen afkopen.

De afkoopfaciliteit, mét een forse korting op de fiscale voorziening van maar liefst 34,5% in 2017, moet dit jaar €2,1 miljard opleveren. En de twee jaren daarna nog eens €1 miljard extra. Inmiddels zijn alle DGA-adviseurs volop bezig om hun DGA’s te adviseren.

Er zijn echter nog zoveel onduidelijkheden én misplaatste Vraag & Antwoorden, dat de beoogde opbrengst écht niet gehaald gaan worden.

Afspraken bij scheiding

Zo heerst er nog steeds opperste onduidelijkheid over hoe de afspraken met het oog op een eventuele echtscheiding vastgelegd moeten worden. Zowel de hoogte, de vorm als de mogelijke notariële vastlegging. Zelfs de meest deskundige notarissen komen hier niet uit.

Ook de vraag of en zo ja, in hoeverre er sprake is van schenkingsaspecten áls er gecompenseerd wordt – als dat al moet – blijft één groot vraagteken.

Centraal Aanspreekpunt Pensioenen

Door het Centraal Aanspraakpunt Pensioenen van de belastingdienst zijn al zoveel Vraag & Antwoorden gegeven (30 al!), waardoor Uitfasering Pensioen in eigen beheer, én niet leuker én niet makkelijker gemaakt wordt. De Vraag & Antwoorden worden in de markt dan ook wel Verzoek & Afwijzing genoemd! Sommige, bijvoorbeeld die over het informatieformulier, zijn al 4 keer aangepast sinds 1 april.

Voorbeelden

Een paar voorbeelden. Stel een DGA is na 2015 overleden. Dan krijgt de partner, die recht heeft op een nabestaandenpensioen, geen korting over de fiscale voorziening per eind 2015 van in het voorbeeld €190.000, maar slechts over het ‘toenmalige’ deel van de pensioenvoorziening van €34.000. Dus alleen het deel dat achteraf gezien betrekking heeft op het nabestaandenpensioen.

Omdat de ‘nieuwe’ voorziening voor het (direct ingaande) nabestaandenpensioen maar liefst €389.000 bedraagt, wordt de nabestaande een korting over zo’n €360.000 door de neus geboord. En moet bij afkoop daarover gewoon 52% belasting betalen. De nabestaande gaat dus zeker niet afkopen! De oplossing is gewoon de korting over €389.000.

Reacties van accountants en belastingadviseurs hierop tijdens mijn lezingen waren van ‘belachelijk’ tot ‘schandalig’. En gelijk hebben ze.

Ook mag een DGA die ouder is dan 5 jaar na de AOW-datum het pensioen wel omzetten in een oudedagsverplichting, maar mag dat niet onderbrengen bij een bank. Dat betekent dat de DGA alsnog tot z’n 85-ste vast zit aan de BV. Dus hoezo uitfaseren?

Vervolgens moet een ingegaan (nabestaanden)pensioen als het wordt omgezet in een oudedagsverplichting, uitgesteld tot op z’n vroegst 5 jaar voor pensioendatum. Dat levert dus niet meer belasting maar juist uitgesteld minder op. Raar.

Geen flexibiliteit

Dat de oudedagsverplichting niet uitgesteld mag worden tot na AOW-datum en geen enkele vorm van flexibiliteit kent, parttime bijvoorbeeld of hoog/laag is natuurlijk een vreemde omissie in het huidige tijdsbestek.

Geen € 2,1 miljard

De ervaring leert dan ook dat nog geen 10% afkoopt. En dat zijn vooral ingegane, kleine pensioentjes. Als ik dat projecteer op de verwachting dat dit jaar 24% van alle DGA’s zouden gaan afkopen, dan kom ik op maximaal een belastingopbrengst €0,5 miljard. En die ‘andere’ miljard komt zeker niet binnen, als een DGA weet dat de korting in 2018 maar 25% en in 2019 maar19,5% is. Als de DGA al afkoopt is het natuurlijk in 2017.

Tegenvaller voor de schatkist

De conclusie kan dus nu al zijn dat de beoogde belastingopbrengsten bij lange na niet gehaald gaan worden. De reparatie met een Novelle van een eerder vermeend ‘gat in de wet’ ten spijt. Het nieuwe kabinet kan deze tegenvaller dus alvast inboeken.

Bron: de Telegraaf

Afschaffing inkeerregeling per 1 januari 2018

Begin dit jaar maakte de Staatssecretaris van Financiën bekend dat hij de inkeerregeling wil afschaffen. ... Lees meer >

Begin dit jaar maakte de Staatssecretaris van Financiën bekend dat hij de inkeerregeling wil afschaffen. Recentelijk maakte hij ook bekend wanneer de maatregel van in moet gaan, namelijk per 1 januari 2018. De staatssecretaris stelt dat door toenemende transparantie de belastingdiensten meer informatie tot hun beschikking hebben en beter in staat zijn tot handhaving. De kans dat belastingplichtigen met verzwegen vermogen in het vizier van de fiscus komen, wordt hierdoor steeds groter.

De afschaffing van de inkeerregeling heeft als gevolg dat er geen beperkte termijn meer zal zijn waarbinnen geen boete wordt opgelegd. Momenteel is die termijn twee jaar. Dat werkt als volgt. Stel een belastingplichtige doet zijn aangifte 2014 inkomstenbelasting op 20 april 2015. Daarin geeft hij buitenlands vermogen dat hij bezit niet op. Deze belastingplichtige kan gebruik maken van de inkeerregeling als hij bij de fiscus vóór 20 april 2017 een verzoek indient om gebruik te maken van de inkeerregeling. In deze situatie wordt er (nu) geen boete opgelegd. Wordt vermogen langer dan twee jaar verzwegen, dan volgt er wel een boete, maar wordt deze gematigd tot 120% (in plaats van de maximale 300%) van de alsnog verschuldigde belasting.

Als de inkeerregeling wordt afgeschaft, gelden deze (relatief) gunstige inkeervoorwaarden niet meer. En gezien de toenemende pakkans en hogere boetes, is het zaak voor mensen die overwegen om in te keren, dit nog snel voor 1 januari 2018 te doen.

Bron: Actuele Artikelen

Aangifte schenkbelasting

Als u aan iemand een schenking doet die de vrijstelling overtreft moet daarvoor tijdig aangifte worden gedaan bij de... Lees meer >

Als u aan iemand een schenking doet die de vrijstelling overtreft moet daarvoor tijdig aangifte worden gedaan bij de belastingdienst.

Ook als er gebruik gemaakt wordt van de eenmalig verhoogde vrijstelling van € 100.000 voor de eigen woning moet daarvan aangifte worden gedaan. Er moet namelijk officieel middels een aangifte een beroep op die vrijstelling worden gedaan.
De aangifte schenkbelasting moet uiterlijk de 2e maand van het daaropvolgende jaar worden gedaan en moet dus voor 1 maart van dat volgende jaar bonnen zijn. Een schenking in 2017 moet dus vóór 1 maart 2018 aangegeven zijn.
Heeft u een bruto schenking gedaan? Dan moet degene die de schenking ontvangt tijdig aangifte doen en zorgen voor tijdige betaling van de op de aangifte volgende aanslag. Is er een netto schenking gedaan, de zogenaamde schenking vrij van recht, dan moet de schenker aangifte doen dan wel de schenker en begiftigde samen.

De belastingdienst wil steeds meer zaken digitaliseren om zo ook digitaal af te kunnen handelen. Sinds mei van dit jaar is het dan ook mogelijk om voortaan ook online aangifte schenkbelasting te kunnen doen. Dit kan middels in loggen op Mijn belastingdienst met de DigiD code.

De mogelijk om via de site van de belastingdienst nog op papier aangifte te doen blijft voorlopig nog bestaan.

Bron: Actuele Artikelen

Vanaf welke leeftijd mogen jongeren werken in de horeca?

Vanaf welke leeftijd mogen jongeren bij u werken? En is er een minimumleeftijd waarop medewerkers alcohol mogen schenken aan... Lees meer >

Vanaf welke leeftijd mogen jongeren bij u werken? En is er een minimumleeftijd waarop medewerkers alcohol mogen schenken aan gasten? Welke regels gelden er voor u én uw medewerkers? KHN geeft antwoord.

Jongeren mogen vanaf 13 jaar werken, maar er gelden wel regels voor het soort werkzaamheden en hoeveel ze mogen werken. De Arbeidstijdenwet (ATW) geeft aan welke mogelijkheden u heeft en aan welke regels u zich moet houden. De wet maakt een onderscheid tussen kinderen (jonger dan 16 jaar) en jeugdigen (16- en 17-jarigen). Bij kinderen zijn er beperkingen in tijd en in werkzaamheden. Bij jeugdigen is er een beperking in tijd.

Wat zijn de regels per leeftijd?


13- en 14-jarigen

13- en 14-jarigen mogen alleen op niet-schooldagen en tijdens vakanties werken. Op zondag mogen zij niet werken. Hun werkzaamheden mogen alleen bestaan uit ‘niet-industriële hulparbeid van lichte aard’. Onder dit begrip vallen bijvoorbeeld hulpwerkzaamheden in de horeca zoals het helpen bij het bedienen en hulpwerkzaamheden bij bijvoorbeeld een manege, op een camping, in een speeltuin, in een pretpark, in een bowlingcentrum en in een museum.

Afwassen met een geautomatiseerde afwasmachine wordt al gauw gezien als geïndustrialiseerde arbeid en dat mag niet. Bedenk dat schoonmaakmiddelen vallen onder gevaarlijke stoffen en daar mag deze leeftijdsgroep niet mee werken. Om het etiket van kinderarbeid te voorkomen, moet u aan kunnen tonen dat u de veiligheid, gezondheid en de ontwikkeling van het kind beschermt. Dat geldt zowel voor de werkzaamheden zelf als de manier hoe het werk is georganiseerd.

15-jarigen

Kinderen van 15 jaar mogen meer werken dan 13- en 14-jarigen:

  • Op zaterdag óf op zondag*, niet allebei achter elkaar
  • Op schooldagen maximaal twee uur
  • Maximaal 12 uur per schoolweek
  • Maximaal 40 uur per vakantieweek
  • Na 7.00 uur ’s ochtends en vóór 19.00 uur ’s avonds**

* Voor werken op zondag hebben 15-jarigen uitdrukkelijke toestemming nodig van hun ouders of verzorgers. **In de vakantieperiodes mogen 15-jarigen tot 21.00 uur werken.

Een 15-jarige mag (hulp)werkzaamheden in de horeca uitvoeren, dus geen geïndustrialiseerde arbeid. Wel mag een 15-jarige de hoofdafwasser helpen met het wegzetten van de afwas of lichte werkzaamheden verrichten in de keuken, zoals poleren en met de hand afwassen. Ook mogen zij helpen bij het opzetten van het terras of bedienen bij een lunchroom of koffiezaak.

Let op!

Volgens de Drank- en Horecawet mogen kinderen jonger dan 16 jaar alleen in een ruimte werken waar geen alcoholische dranken worden geschonken of verkocht of zich ophouden in ruimtes waar mensen het vervolgens ter plekke opdrinken. Zij mogen ook niet werken met machines (zoals een afwasmachine) of een kassa bedienen.

Jeugdigen van 16 en 17 jaar

16- en 17-jarigen hebben de volgende mogelijkheden om te werken:

  • Op zaterdag EN zondag, tenzij ze op de vrijdag ervoor of de maandag erna naar school moeten
  • Tot 23.00 uur ’s avonds
  • Maximaal 9 uur per dag
  • Maximaal 45 uur per week
  • Gemiddeld 40 uur per week bij een periode van vier aangesloten weken
  • Schooltijd telt altijd mee als arbeidstijd
  • Wanneer ze een periode van 7 dagen achter elkaar werken, moeten ze een rustperiode van minstens 36 aaneengesloten uren hebben

Medewerkers van 16 jaar en ouder mogen wel werken in een café of restaurant en alle soorten drank schenken aan gasten. Dit geldt zowel voor leerlingen als voor reguliere medewerkers. Wel moet er altijd toezicht zijn van een volwassen deskundige bij de uitvoering van deze werkzaamheden. Lees ook: Vanaf welke leeftijd mogen jongeren werken in een café waar alcohol wordt geschonken?

Werktijden

13- en 14-jarigen 15-jarigen 16- en 17-jarigen
Per dag
Op schooldagen
Op niet-schooldagen
Op vakantiedagen
Nee
Max. 6 uur
Max. 7 uur
Max. 2 uur
Max. 8 uur
Max. 8 uur
Max 9 uur *
Max 9 uur
Max 9 uur
Per week
Tijdens schoolweken
Tijdens vakantieweken
Max. 12 uur
Max. 35 uur
Max. 12 uur
Max. 40 uur
Max 45 uur*
Max. 45 uur
Werken op zondag?

Nee Ja, mits er op zaterdag niet wordt gewerkt en/of omgekeerd. Ouders/verzorgenden moeten toestemming geven. Ja.
Let op: wanneer er op zaterdag én zondag wordt gewerkt, mag er op de vrijdag direct ervoor of de maandag direct erna geen schooltijd zijn.
Rust
Per dag
In ieder geval tussen
Op vakantiedagen
14 uur
19.00 – 08.00 uur
19.00 – 07.00 uur
12 uur
19.00 – 07.00 uur
21.00 – 07.00 uur
12 uur
23.00 – 06.00 uur
23.00 – 06.00 uur
Pauzes
Na iedere 4,5 uur werken
Minstens 30 minuten (aaneengesloten) Minstens 30 minuten (aaneengesloten) Minstens 30 minuten (aaneengesloten)

*Het aantal uren dat aan school wordt besteed, is ook arbeidstijd en moet u meerekenen in het totaal aantal uren.

Lonen

Voor jongeren tussen de 15 en 22 jaar geldt (tenminste) het minimumjeugdloon. Op de website van KHN vindt u de actuele tabel voor de minimumjeugdlonen. Let op: u bent op volgens de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag verplicht het netto wettelijk minimum loonbedrag giraal aan de medewerker te betalen.

Vakantiedagen

Ook jeugdigen of jongeren hebben recht op vakantiedagen en vakantiegeld. Dit kunt u als een toeslag in het loon berekenen. U moet dit dan wel in de arbeidsovereenkomst opnemen en laten terugkomen op de loonstrook. Het percentage voor de opbouw van vakantiedagen in het loon is 10,64 procent. Daarover betaalt u een opslag van 8 procent voor de vakantietoeslag.

Boete

Bij overtreding van de regels riskeert u als werkgever een boete die opgelegd wordt door de Arbeidsinspectie. Afhankelijk van de ernst van de overtreding, is deze boete minstens 200 euro per overtreding.

Tips

  • U kunt voor vakantiemedewerkers een arbeidsovereenkomst sluiten voor bepaalde tijd, bijvoorbeeld voor de duur van een vakantieperiode of het seizoen. Na afloop van deze periode loopt dit van rechtswege af. Kijk op khn.nl/arbeidsvoorwaardenreglement voor voorbeelden voor deze overeenkomsten.
  • Indien u een contract van 6 maanden of langer bent aangegaan: let op de aanzegtermijn.
  • Bij een contract van korter dan 6 maanden kunt u geen proeftijd afspreken.