Actueel

Nieuw betalingsuitstel voor ervende broers en zussen

Per 1 januari 2014 is er een nieuwe uitstelregeling voor erfbelasting in situaties dat twee of meer zussen of... Lees meer >

Per 1 januari 2014 is er een nieuwe uitstelregeling voor erfbelasting in situaties dat twee of meer zussen of broers met elkaar in de voormalige ouderlijke woning wonen en bij overlijden van een van hen de verkrijging van de andere zussen of broers grotendeels bestaat uit die woning.

Dat staat in de gewijzigde Leidraad Invordering 2008. Deze wijziging is geregeld in een besluit van de staatssecretaris van Financiën (18 december 2013 nr. BLKB2013/2292M, Stcrt. 2013, 36676).

De uitstelfaciliteit regelt dat onder voorwaarden de erfgenamen op verzoek betalingsuitstel kunnen krijgen voor vijf jaar. De uitstel is rentedragend en er moet zekerheid worden gesteld.

Wijziging regels verlaagd btw-tarief bij werkzaamheden aan woningen

Per 1 januari 2014 zijn de regels gewijzigd voor het toepassen van het 6%-tarief bij isolatiewerkzaamheden aan woningen. Daarnaast... Lees meer >

Per 1 januari 2014 zijn de regels gewijzigd voor het toepassen van het 6%-tarief bij isolatiewerkzaamheden aan woningen. Daarnaast is de toepassing van het 6%-tarief voor arbeidskosten bij renovatie en herstel van woningen verlengd tot 1 januari 2015.

 

Isolatiewerkzaamheden

De regels voor het toepassen van het 6%-tarief voor het energiebesparend isoleren van  vloeren, muren en daken bij woningen ouder dan 2 jaar zijn per 1 januari 2014 als volgt gewijzigd:

  • De ondernemer mag het 6%-tarief toepassen op de arbeidskosten van het aanbrengen van (isolatie)glas.
  • De ondernemer mag het 6%-tarief niet meer toepassen op de isolatiematerialen die hij heeft gebruikt bij de isolatiewerkzaamheden.

Arbeidskosten bij renovatie en herstel van woningen

Het 6%-tarief voor arbeidskosten bij renovatie en herstel van woningen die ouder zijn dan 2 jaar is verlengd tot 1 januari 2015.

Wat verandert er op 1 januari 2014?

Jongeren onder de 18 jaar mogen geen alcohol meer kopen. Ook wordt er op maandag geen post meer bezorgd.... Lees meer >

Jongeren onder de 18 jaar mogen geen alcohol meer kopen. Ook wordt er op maandag geen post meer bezorgd. Dit zijn enkele wijzigingen in de wetten en regels van de Rijksoverheid per 1 januari 2014.

In het onderwerp Veranderingen 1 januari 2014 staan alle wijzigingen die op 1 januari ingaan. U kunt daar aanvinken wat voor u van toepassing is.

Enkele wijzigingen zijn:

Verhoging AOW-leeftijd

De AOW-leeftijd wordt met 1 maand verhoogd.

Kinderopvangtoeslag

De overheid gaat meer bijdragen in de kosten van kinderopvang.

Accijns op alcohol en tabak omhoog

De accijnstarieven op bier, wijn, sherry, port en gedistilleerd gaan met 5,75% omhoog.

Maximale belastingtarief hypotheekrente omlaag

Het maximale belastingtarief waartegen hypotheekrente kan worden afgetrokken daalt met 0,5%.

Maximumtarief nieuw rijbewijs

U betaalt maximaal € 38,48 voor een nieuw rijbewijs.

Minder zorgtoeslag in 2014

Uw zorgtoeslag wordt lager. De maximum zorgtoeslag wordt voor alleenstaanden € 865,-. Voor meerpersoonshuishoudens € 1655,-.

Voor deze en alle andere maatregelen kunt u naar het overzicht Veranderingen 1 januari 2014 gaan.

Eenmalige teruggaaf basispremie WAO/WIA (Aof-premie)

In het Belastingplan 2014 is geregeld dat werkgevers een gedeeltelijke teruggaaf krijgen van de basispremie WAO/WIA (premie Arbeidsongeschiktheidsfonds). Dit... Lees meer >

In het Belastingplan 2014 is geregeld dat werkgevers een gedeeltelijke teruggaaf krijgen van de basispremie WAO/WIA (premie Arbeidsongeschiktheidsfonds).

Dit betekent dat u een eenmalige teruggaaf krijgt van 28,82% van de basispremie WAO/WIA die u hebt aangegeven over de periode 1 januari tot en met 30 juni 2013. In de aangifte loonheffingen hebt u de basispremie WAO/WIA eerder opgegeven in de rubriek ‘Basispremie WAO/IVA/WGA’.

Peildatum

De peildatum waarop de Belastingdienst de aangegeven premie vaststelt is 30 september  2013. Aangiften en correcties die u na 30 september 2013 hebt gedaan, tellen dus niet mee. Hebt u een aangiftetijdvak van 4 weken of van een jaar, dan berekent de Belastingdienst de basispremie WAO/WIA tijdsevenredig.

U krijgt de teruggaaf in december 2013 of januari 2014. Doet u een jaaraangifte over 2013, dan krijgt u de teruggaaf in de loop van 2014.

Gebruikelijk loon dga in 2014 licht omhoog

Het minimumbedrag voor het gebruikelijk loon voor aandeelhouders met een aanmerkelijk belang wordt verhoogd tot € 44.000 in 2014.... Lees meer >

Het minimumbedrag voor het gebruikelijk loon voor aandeelhouders met een aanmerkelijk belang wordt verhoogd tot € 44.000 in 2014. In 2013 bedraagt dit loon € 43.000. Dit blijkt uit de tweede uitgave van de ‘Nieuwsbrief Loonheffingen 2014’ die onlangs door de Belastingdienst werd gepubliceerd.

Volgens de gebruikelijkloonregeling hoort een aanmerkelijkbelanghouder een loon te krijgen dat gebruikelijk is voor het niveau en de duur van zijn arbeid. Dit loon is minimaal € 44.000 in 2014 (€ 43.000 in 2013 en € 42.000 in 2012).

Er mag worden uitgegaan van een lager salaris wanneer de aanmerkelijk belanghouder en de bv aantonen dat in het economische verkeer een lager salaris gebruikelijk is. Daarbij geldt als vergelijking soortgelijke dienstbetrekkingen waarbij een aanmerkelijk belang geen rol speelt. Er moet worden uitgegaan van een hoger loon wanneer aannemelijk is dat in het economische verkeer een hoger loon gebruikelijk is. Het salaris wordt dan gesteld op een bedrag dat niet meer dan 30% afwijkt van het loon dat in het maatschappelijke verkeer gebruikelijk is.

Belastingplan 2014 aangenomen

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het Belastingplan 2014. Daarmee zijn de voorgestelde wijzigingen voor de belastingen en toeslagen... Lees meer >

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het Belastingplan 2014. Daarmee zijn de voorgestelde wijzigingen voor de belastingen en toeslagen definitief.

Wilt u weten welke belastingregels veranderen? Er is een pagina met veranderingen voor particulieren en een pagina voor ondernemers en werkgevers. Voor werkgevers en ondernemers staan de veranderingen ook in deNieuwsbrief loonheffingen 2014.

Toeslagen

Wilt u weten welke wijzigingen er zijn in uw toeslagen? Kijk dan bij Uw toeslagen in 2014.

Eenmalige teruggaaf basispremie WAO/WIA (Aof-premie) 2013

In het Belastingplan 2014 is geregeld dat werkgevers een gedeeltelijke teruggaaf krijgen van de basispremie WAO/WIA (premie Arbeidsongeschiktheidsfonds). Dit... Lees meer >

In het Belastingplan 2014 is geregeld dat werkgevers een gedeeltelijke teruggaaf krijgen van de basispremie WAO/WIA (premie Arbeidsongeschiktheidsfonds).

Dit betekent dat u een eenmalige teruggaaf krijgt van 28,82% van de basispremie WAO/WIA die u hebt aangegeven over de periode 1 januari tot en met 30 juni 2013. In de aangifte loonheffingen geeft u de basispremie WAO/WIA aan in de rubriek ‘Basispremie WAO/IVA/WGA’.

De peildatum waarop de Belastingdienst de aangegeven premie vaststelt is 30 september 2013. Aangiften en correcties die u na 30 september 2013 hebt gedaan, tellen dus niet mee. Hebt u een aangiftetijdvak van 4 weken of van een jaar, dan berekent de Belastingdienst de basispremie WAO/WIA tijdsevenredig.

U krijgt de teruggaaf in december 2013 of januari 2014. Doet u een jaaraangifte over 2013, dan krijgt u de teruggaaf in de loop van 2014.

Bijna helft werknemers benut fiscale jaarruimte niet

Uit onderzoek van Delta Lloyd blijkt dat bijna de helft van de werknemers in Nederland de fiscale jaarruimte niet... Lees meer >

Uit onderzoek van Delta Lloyd blijkt dat bijna de helft van de werknemers in Nederland de fiscale jaarruimte niet benut. Slechts 12% is bekend met fiscale jaarruimte. En 73% heeft geen idee wat de hoogte van hun inkomen is op 67-jarige leeftijd. Delta Lloyd adviseert werknemers om zich te verdiepen in hun pensioensituatie. Dit om financiële teleurstelling later te voorkomen.

Uit het onderzoek blijkt verder dat van de werknemers die na hun pensionering onvoldoende inkomen verwachten, 78% geen maatregelen heeft getroffen om hier iets aan te doen. 70% van hen heeft geen goed beeld van de mogelijkheden. De bekendheid van de fiscale jaarruimte is onder werknemers beperkt. Toch blijkt, na uitleg hierover, de interesse om het te gebruiken wel groot.

 
31% van de respondenten heeft een voorkeur om te sparen voor aanvullend pensioen in een deposito. Hierbij staat het geld voor een bepaalde periode van minimaal 1 jaar vast. 18% heeft een voorkeur voor een combinatie van sparen en beleggen. Het rendement en de betrouwbaarheid van zowel het fonds als de aanbieder spelen een belangrijke rol bij eventuele keuze voor een beleggingsfonds.

Belangrijkste wijzigingen in de belastingheffing per 1 januari 2014

Op 18 december 2013 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het Belastingplan 2014, Overige fiscale maatregelen 2014, de Wet... Lees meer >

Op 18 december 2013 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het Belastingplan 2014, Overige fiscale maatregelen 2014, de Wet aanpak fraude en fiscaliteit en de Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente. Dat betekent dat per 1 januari belastingtarieven wijzigen.

In het eindejaarspersbericht van het ministerie van Financiën staan de belangrijkste (cijfermatige) wijzigingen in de rijksbelastingen per 1 januari 2014.

Documenten en publicaties

  • Wijzigingen in de belastingheffing met ingang van 1 januari 2014

    Op 18 december 2013 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het Belastingplan 2014, Overige fiscale maatregelen 2014, de Wet aanpak …

    Circulaire | 19-12-2013

Kabinet komt met nieuwe voorstellen voor hervorming pensioenopbouw

Het kabinet heeft met de fracties van VVD, PvdA, D66, ChristenUnie en de SGP constructief overleg gevoerd over de... Lees meer >

Het kabinet heeft met de fracties van VVD, PvdA, D66, ChristenUnie en de SGP constructief overleg gevoerd over de hervorming van de fiscale behandeling van pensioenen. Op basis daarvan heeft het kabinet vandaag een brief met nieuwe voorstellen aan de Tweede Kamer gestuurd. Het kabinet komt tegemoet aan de bezwaren van in ieder geval de genoemde fracties op de eerdere pensioenvoorstellen. Het kabinet hoopt dat de parlementaire behandeling in de Tweede en Eerste Kamer voortvarend kan worden hervat.

De nieuwe voorstellen zorgen voor de noodzakelijke hervorming van de fiscale pensioenopbouw. Tegelijkertijd blijft de mogelijkheid tot opbouw van een adequaat pensioen behouden. Nu mensen langer werken, kunnen ze ook langer pensioen opbouwen. Hierdoor kan de jaarlijkse pensioenopbouw worden verminderd, met lagere premies tot gevolg. Deelnemers krijgen meer vrije bestedingsruimte voor eigen besparingen zoals aflossing op de hypotheek of consumptie. Deze bestedingsimpuls ondersteunt het economisch herstel.

In de nieuwe voorstellen blijft een versobering van de pensioenopbouw het uitgangspunt, maar wordt deze verzacht. Met ingang van 2015 geldt een opbouwpercentage van 1,875% (voor pensioen op basis van middelloon), in plaats van de voorgenomen 1,75%. Hiermee kan in 40 jaar werken een pensioen worden opgebouwd van 75% van het gemiddelde inkomen.

De aftopping van het pensioengevend inkomen blijft zoals in het oorspronkelijke voorstel en in lijn met het Sociaal Akkoord op €100.000. Voor mensen met inkomens die daarboven liggen, wordt het mogelijk gemaakt om op vrijwillige basis fiscaal vriendelijk bij te sparen uit het nettoloon.

Premiewaarborgen

Daarnaast voert het kabinet een aantal waarborgen in om te bereiken dat een lagere pensioenopbouw ook daadwerkelijk leidt tot een daling van de pensioenpremie. Deze premiewaarborgen borgen ook een evenwichtige belangenbehartiging van alle generaties. Zo zal De Nederlandsche Bank de bevoegdheid krijgen een generatie-evenwichtstoets uit te voeren of het besluit tot vaststelling van de premies in het belang van alle generaties tot stand is gekomen. DNB heeft vervolgens de mogelijkheid in te grijpen als dat niet het geval is. Daarnaast zet het kabinet er naar beste vermogen op in dat ook voor 2015 de versoberde pensioenopbouw geheel zal doorwerken in de ABP-premie.

Zzp’ers

Voor zzp’ers wordt de mogelijkheid tot pensioenopbouw versterkt. In navolging van de Begrotingsafspraken 2014 wordt momenteel de laatste hand gelegd aan een pensioenregeling voor zzp’ers. In aanvulling daarop neemt het kabinet maatregelen die ertoe leiden dat zzp’ers een adequaat pensioen kunnen opbouwen. Zo komt er een regeling die het pensioenvermogen beschermt in geval van een beroep op de bijstand.

Dialoog

Tot slot komt er in 2014 een brede dialoog over de toekomst van het pensioenstelsel en als onderdeel daarvan vraagt het kabinet de SER om advies. In deze dialoog wordt ook het voorstel van de Reformatorische Maatschappelijke Unie (RMU) om het werknemersdeel van de pensioenpremie te gebruiken voor een extra aflossing van de hypotheek betrokken. Indien mogelijk wordt dit op zo kort mogelijke termijn ingepast.

Dekking

Om de voorstellen financieel te dekken trekt het kabinet onder meer het wetsvoorstel tot invoering van de excedentregelingen in. Daarnaast gaat de leeftijdsgrens van de mobiliteitsbonus voor uitkeringsgerechtigden – passend bij de verhoging van de pensioenleeftijd en de sterk gestegen arbeidsparticipatie van deze groep – omhoog van 50 jaar naar 56 jaar. Hierbij worden bestaande rechten gerespecteerd. Ook wordt een deel van het budget dat bij de Begrotingsafspraken 2014 is vrij gemaakt voor lastenverlichting voor bedrijven ingezet. Tot slot wordt de btw-koepelvrijstelling voor pensioenuitvoering afgeschaft, aangezien deze juridisch niet langer houdbaar is.

 

Sociale Verzekeringen en Bijstandsuitkeringen per 1 januari 2014

Per 1 januari 2014 worden de AOW, ANW, WW, WIA, WAO, TW, Wajong, WWB, IOAW en IOAZ aangepast als... Lees meer >

Per 1 januari 2014 worden de AOW, ANW, WW, WIA, WAO, TW, Wajong, WWB, IOAW en IOAZ aangepast als gevolg van de stijging van het wettelijk minimumloon per 1 januari 2014 omdat deze uitkeringen gekoppeld zijn aan het wettelijk minimumloon. Het minimumloon stijgt per 1 januari a.s. van € 1477,80 naar € 1485,60 bruto per maand.

Documenten en publicaties

  • Sociale Verzekeringen en Bijstandsuitkeringen per 1 januari 2014

    Per 1 januari 2014 worden de AOW, ANW, WW, WIA, WAO, TW, Wajong, WWB, IOAW en IOAZ aangepast als gevolg van de stijging van het …

    Brochure | 18-12-2013

Eindejaars Belastingtips

Nog snel wat financieel voordeel halen vóór de jaarwisseling? Lees de eindejaars belastingtips. Ontdek of je vóór 31 december... Lees meer >

Nog snel wat financieel voordeel halen vóór de jaarwisseling? Lees de eindejaars belastingtips. Ontdek of je vóór 31 december actie moet ondernemen. Of beter kunt wachten tot het nieuwe jaar.

 

—Belastingtips voor particulieren—

1. Verminder je box 3-vermogen

Het vermogen dat je op 1 januari hebt, is bepalend voor veel belastingen en regelingen. Dat geldt voor de vermogensrendementsheffing, maar ook voor de toekenning van huurtoeslag, zorgtoeslag en het kindgebonden budget. Als je je vermogen nog vóór het einde van het jaar verlaagt, kan dat voordeel opleveren. Denk bijvoorbeeld aan een grote uitgave, een schenking aan je kinderen of een gedeeltelijke aflossing van je hypotheek. Met een aflossing in 2013 van € 10.000 kun je € 120 belasting besparen in 2014. Los van je lagere hypotheeklasten!

 

2. Betaal je lijfrentepremie in 2013

Heb je je jaarruimte (nog) niet benut? Overweeg dan om dat dit jaar nog te doen en stort geld voor een lijfrente. Vanaf volgend jaar wordt de belastingaftrek namelijk verminderd.

 

—Belastingtips voor ondernemers—

3. Schrijf in 2013 eenmalig tot 50% af op nieuw bedrijfsmiddel

Heb je dit jaar geïnvesteerd in een nieuw bedrijfsmiddel? Dan kun je in 2013 eenmalig tot maximaal 50% afschrijven in plaats van 20%. Als je meer afschrijft, wordt je winst lager en betaal je minder belasting. Uiteraard heb je dit voordeel alleen in 2013. In 2014 kun je vervolgens minder afschrijven op dit bedrijfsmiddel.

 

4. Denk aan de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek als extra fiscale aftrekpost!

Wil je dit jaar nog investeren of heb je dat dit jaar al gedaan? Bereken dan of je totaal aan investeringen meer dan € 2.300 bedraagt. Je kunt dan namelijk aanspraak maken op een extra belastingaftrek: de kleinschaligheidsaftrek. Door deze aftrek kun je je winst naast de normale afschrijving extra verlagen. Steek je net onder het minimumbedrag van € 2.300? Overweeg dan om investeringen die je voor 2014 gepland hebt, nu al te realiseren. Kom je er al ruim boven? Bekijk dan of je investeringen die je nu nog wilt doen, kunt overhevelen naar 2014.

 

—Belastingtips voor IB-ondernemers (zoals zzp’ers)—

5. Stel ondernemingswinst uit

In 2014 wordt het percentage in de eerste belastingschijf met 0,75 verlaagd. Overweeg dan om nog een beetje winst uit te stellen tot 2014. Deze winst valt dan (gedeeltelijk) onder een lager belastingtarief.

 

6. Denk aan je Oudedagsreserve (OR)

Voldoe je aan het urencriterium en ben je nog niet met pensioen? Dan mag je geld fiscaal reserveren voor je Oudedagsreserve. Het percentage dat je van je winst mag doteren is dit jaar 12%, met een maximum van € 9.542 (en maximaal het verschil tussen je ondernemingsvermogen op 31 december van dit jaar en je reeds gereserveerde OR op 1 januari van dit jaar).

 

—Belastingtips voor DGA’s—

7. Stel dividend uit tot na 1 januari 2014

In 2014 wordt een lagere schijf toegevoegd in box 2 van de inkomstenbelasting. Dat betekent dat je bij een dividenduitkering over de eerste € 250.000 een tarief van 22% betaalt. Over het meerdere betaal je 25%. De verlaging naar 22% is tijdelijk en geldt alleen in 2014. Wacht daarom nog even met een dividenduitkering uit je BV. Een uitgestelde uitkering van € 100.000 in 2014 levert bijvoorbeeld een besparing op van € 3.000. Dat is overigens ook voor de vermogensbelasting interessant, omdat het uitgekeerde bedrag in box 3 valt en dan niet al op de peildatum van 1 januari meetelt voor je vermogen.

 

8. Zorg voor zakelijke leningsvoorwaarden als je leent van je BV

Heeft je BV een lening aan jou verstrekt? Check dan of die lening (nog steeds) voldoet aan de zakelijke leningsvoorwaarden. Is er bijvoorbeeld een aflossingsschema schriftelijk vastgelegd? Is er sprake van een zakelijke rente en zijn er zekerheden? Als de lening ‘onzakelijk’ wordt, is de rente niet meer aftrekbaar.

 

Wil je nog meer tips en weten waar je verder op moet letten?
Klik hier voor meer eindejaarstips

 

Kamp stelt percentage Research en Developmentaftrek (RDA) vast op 60

Minister Kamp van Economische Zaken heeft het voor het jaar 2014 te gelden percentage van de Research en Developmentaftrek... Lees meer >

Minister Kamp van Economische Zaken heeft het voor het jaar 2014 te gelden percentage van de Research en Developmentaftrek (RDA) vastgesteld op 60.

In 2013 geldt een percentage van 54. De RDA is een gebudgetteerde regeling. Een RDA-percentage van 60 komt overeen met een nettovoordeel van 15% bij een tarief van de VPB van 25%.

Belastingdienst: nieuwe regels vrijstelling voor oldtimers

Vanaf 1 januari 2014 komt voertuigeigenaren in aanmerking voor de oldtimervrijstelling als hun motorrijtuig ten minste 40 jaar geleden... Lees meer >

Vanaf 1 januari 2014 komt voertuigeigenaren in aanmerking voor de oldtimervrijstelling als hun motorrijtuig ten minste 40 jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen. De datum 1e toelating is de datum waarop het motorrijtuig voor het eerst in gebruik is genomen. Dit meldt de Belastingdienst.

De fiscale wijzigingen voor oldtimers gelden na goedkeuring door de Eerste Kamer, aldus de fiscus.

Belastingdienst: ‘Is uw motorrijtuig voor het eerst in gebruik genomen op 1 januari 1974 of later, maar vóór 1 januari 1988? Dan kunt u onder voorwaarden gebruikmaken van de overgangsregeling. Bij de veelgestelde vragen onder ‘Particulier’ – ‘Auto en vervoer’ vindt u meer informatie over de oldtimerregeling. Wilt u weten hoeveel motorrijtuigenbelasting u moet betalen voor uw oldtimer? Kijk dan in derekenhulp motorrijtuigenbelasting.’

Let op!

Vanaf 1 januari 2014 zijn er nieuwe tarieven.

Zie ook:

Weekers over gebruik btw-nummer door zzp-er

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft geantwoord op vragen van de Tweede Kamerleden Oosenburg en Mei Li Vos over het... Lees meer >

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft geantwoord op vragen van de Tweede Kamerleden Oosenburg en Mei Li Vos over het gebruik van het btw-nummer door zzp-ers. De twee PvdA’ers hadden onder meer vragen gesteld over de warrige voorlichting over dit onderwerp door de overheid eerder dit jaar.

Weekers deelt mee dat er op grond van de fiscale regelgeving voor ondernemers geen verplichting bestaat om hun btw-identificatienummer op een website te vermelden. Uit bepaalde regelgeving uit het BW volgt dat het kenbaar maken van het btw-identificatienummer van toepassing is voor zover een ondernemer via zijn website goederen of diensten te koop aanbiedt en het mogelijk is om via die website een overeenkomst te sluiten. Het BW schrijft echter niet voor op welke wijze dit kenbaar maken dient te geschieden. Het ligt voor de hand dat dit gebeurt door middel van een vermelding op de website maar van een dwingende verplichting daartoe is geen sprake, mits het btw-identificatienummer dan op een andere wijze gemakkelijk, rechtstreeks en permanent toegankelijk kenbaar wordt gemaakt.

Daarnaast zijn er ook artikelen in het BW die betrekking hebben op de informatieverplichtingen van dienstverrichters in het algemeen. Eén van die verplichtingen betreft het door de dienstverrichter aan zijn afnemer ter beschikking stellen van zijn btw-identificatienummer. De dienstverrichter kan daartoe kiezen uit vier mogelijkheden, onder andere het ‘gemakkelijk elektronisch toegankelijk maken op een van te voren medegedeeld elektronisch adres’.

Weekers wil standaardboete bij niet doen IB-aangifte

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst (BBBB) nader tegen het licht gehouden en wil hierin... Lees meer >

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst (BBBB) nader tegen het licht gehouden en wil hierin een aantal wijzigingen aanbrengen. Een conceptversie van het Besluit is naar de Tweede Kamer gestuurd. Een van wijzigingen die Weekers voorstelt is het hanteren van een standaardboete voor het niet doen van de aangifte inkomstenbelasting van € 344.

De volgende punten zijn nieuw:

  • Aangifteverzuim inkomstenbelasting in relatie tot toeslagen. De standaardboete voor het niet doen van aangifte inkomstenbelasting wordt gebracht op 7% van het wettelijk maximum van € 4920, zijnde € 344. Een onderscheid tussen een eerste verzuim (thans beboetbaar met € 226) en een tweede verzuim (thans beboetbaar met € 984) wordt niet langer gemaakt. Voor hardnekkige recidivisten is er de ‘uitzonderlijkgevalbepaling’.
  • Losse verzuimboete aanslagbelastingen. In OFM 2013 is geregeld dat een verzuimboete voor het niet doen van aangifte bij een aanslagbelasting (IB en VPB) niet langer gelijktijdig met de aanslag hoeft te worden opgelegd. De boete mag ook voorafgaand aan de aanslag worden opgelegd door middel van een afzonderlijke boetebeschikking. Weekers streeft naar een behoedzame implementatie vanaf belastingjaar 2014.
  • Taakstelling Regeerakkoord over verzuimboete motorrijtuigenbelasting. Weekers handhaaft het huidige coulancebeleid voor eerste verzuimers. Wel verhoogt hij de boete substantieel voor degene die na een keer gewaarschuwd te zijn wederom de fout in gaat. De boete wordt 3% van het wettelijke maximum (€ 4920), dus € 147.
  • Verhoging betalingsverzuimboete aangiftebelastingen; Het standaardboete-percentage wegens een betaalverzuim bij de aangiftebelastingen wordt verhoogd van 2% naar 3%. De coulanceperiode van zeven dagen voor eerste verzuimers blijft gehandhaafd.
  • Het beleid met betrekking tot de vergrijpboete bij strafverzwarende omstandigheden wordt aangescherpt.

 

Nieuwe belastingregeling Nederland Curaçao gereed

Staatssecretaris Frans Weekers en de Curaçaose minister van Financiën José Jardim hebben een akkoord bereikt over de nieuwe bilaterale... Lees meer >

Staatssecretaris Frans Weekers en de Curaçaose minister van Financiën José Jardim hebben een akkoord bereikt over de nieuwe bilaterale regeling ter voorkoming van dubbele belasting tussen Nederland en Curaçao. Beide bewindslieden zullen de rijkswet begin volgend jaar samen indienen in de Rijksministerraad. Ze tekenden daartoe vandaag in Willemstad een intentieverklaring. Ook besloten Weekers en Jardim dat Nederland Curaçao gaat ondersteunen bij haar informatie-uitwisseling conform de internationale standaard zoals die door de OESO en de EU wordt ontwikkeld.

Beide bewindspersonen tonen zich tevreden over de regeling. Minister Jardim: “De regeling biedt stabiliteit en toekomstperspectief voor de financiële sector op Curaçao.” Staatssecretaris Weekers noemt de regeling daarnaast ook belangrijk voor de internationale strijd tegen belastingontwijking. “Ik vind het heel goed dat Curaçao aan de automatische informatie-uitwisseling mee gaat doen.” 

Een belangrijk onderdeel in de regeling voor Nederland is de nieuwe verdeling van heffingsrechten ten aanzien van pensioenuitkeringen. “Op basis van deze nieuwe overeenkomst kan Nederland bronbelasting heffen over uitkeringen uit in Nederland opgebouwd pensioen, die na emigratie naar Curaçao worden ontvangen. Nederland kan tot vijf jaar na emigratie vanuit Nederland naar Curaçao schenk- en erfbelasting heffen”, aldus Weekers. Voor Curaçao is het afzien van bronbelastingen op deelnemingsdividenden een belangrijke bepaling. Om ongewenst gebruik hiervan te voorkomen, worden extra eisen gesteld aan de aandeelhouder die de dividenden ontvangt.

“Voor de Internationale Financiële Sector op Curaçao is het tevens belangrijk dat met deze nieuwe regeling de band met de internationale markt nog altijd gevonden kan worden”, aldus Jardim. “De nieuwe regeling ziet erop toe dat deze economische banden voldoen aan de mondiale eisen welke geldende zijn in het huidige tijdsgewricht.”

De beoogde inwerkingtreding van de belastingregeling Nederland Curaçao is 1 januari 2015. Er is voorzien in een eerbiedigende werking voor bestaande gevallen. De regeling zal de bestaande regeling uit 1964 tussen beide landen vervangen. Nederland bereidt ook met Aruba en Sint Maarten een nieuwe belastingregeling voor.

Onzorgvuldige km-administratie leidt tot bijtelling voor privégebruik auto

Hof Amsterdam oordeelt dat een werkneemster niet aannemelijk maakt dat zij minder dan 500 km voor privédoeleinden met de... Lees meer >

Hof Amsterdam oordeelt dat een werkneemster niet aannemelijk maakt dat zij minder dan 500 km voor privédoeleinden met de auto heeft gereden. De inspecteur heeft dan ook terecht rekening gehouden met het autokostenforfait.

Aan de vrouw is een auto ter beschikking gesteld door haar werkgever. In haar IB-aangifte 2006 brengt zij een bedrag van € 7588 als negatief loon in aftrek in verband met de auto. Volgens de vrouw heeft haar werkgever in de jaaropgaaf namelijk abusievelijk rekening gehouden met het privégebruik van de auto en gebruikt zij de auto niet voor privédoeleinden. De inspecteur houdt wel rekening met een bijtelling voor het privégebruik van de auto en staat de aftrek niet toe. Rechtbank Haarlem oordeelt dat de vrouw niet aannemelijk maakt dat zij minder dan 500 km voor privédoeleinden met de auto heeft gereden, en laat de aanslag in stand.

Hof Amsterdam oordeelt dat de werkneemster moet doen blijken dat zij de auto in 2006 niet voor meer dan 500 km voor privédoeleinden heeft gebruikt. Volgens het hof is de vrouw hier niet in geslaagd. Het hof acht onder andere van belang dat zij geen rittenregistratie per rit heeft aangehouden. Verder wijst het hof er op dat de vrouw volstond met het noteren van de ritten in haar agenda en werden de afgelegde kilometers achteraf globaal genoteerd. Daarnaast gaf zij niet de gereden route aan als deze afweek van de meest gebruikelijke route. Het hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

Standaardboete voor aangifteverzuim

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst (BBBB) nader tegen het licht gehouden en wil hierin... Lees meer >

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst (BBBB) nader tegen het licht gehouden en wil hierin een aantal wijzigingen aanbrengen. Een conceptversie van het Besluit is naar de Tweede Kamer gestuurd. Een van wijzigingen die Weekers voorstelt is het hanteren van een standaardboete voor het niet doen van de aangifte inkomstenbelasting van € 344.

Deze standaardboete bedraagt 7% van het wettelijk maximum van € 4920. Een onderscheid tussen een eerste verzuim (thans beboetbaar met € 226) en een tweede verzuim (thans beboetbaar met € 984) wil Weekers niet langer maken. Voor hardnekkige recidivisten is er de ‘uitzonderlijkgevalbepaling. Deze geeft de inspecteur de ruimte in een uitzonderlijk geval een verzuimboete op te leggen tot het wettelijk maximum.

Nederlandse zwartspaarders niet langer welkom

Nederlanders die zwart geld hebben staan op geheime bankrekeningen in Zwitserland en Luxemburg, krijgen de keuze om hun geld... Lees meer >

Nederlanders die zwart geld hebben staan op geheime bankrekeningen in Zwitserland en Luxemburg, krijgen de keuze om hun geld naar een andere bank over te maken of ze krijgen een cheque mee. Daarna wordt de bankrekening opgeheven. Dit meldt Ton Apeldoorn in het FD.

Belastingontwijking tegengaan

Ton Apeldoorn was tot 2005 jager op zwart geld bij de FIOD. Sindsdien geeft hij advies aan mensen die hun geld terug willen halen naar Nederland, aldus het FD. 

Organisaties als de OESO, G20 en de EU willen dat landen zoals Luxemburg en Zwitserland het bankgeheim afschaffen. Daarnaast moeten deze landen ook stappen nemen om belastingontwijking tegen te gaan.

Geld terugkeren

Volgens het FD is er nog een reden voor de terugkeer van zwart geld. ”Sinds het kabinet in september weer een regeling heeft aangeboden om zonder boete terug te keren, heb ik het heel druk”, zegt Apeldoorn. ”De echte hausse verwacht ik tussen januari en juli, omdat dan weer een jaar extra is verjaard voor de Belastingdienst.” De regeling houdt in dat geld dat meer dan twaalf jaar in het Buitenland heeft gezeten, tot 1 juli tegen 20% belasting, inclusief heffingsrente, mag worden ”ingekeerd”, aldus het FD.

Zakelijke auto voor werknemers resulteert niet automatisch in bijtelling privégebruik

De enkele constatering dat de auto zakelijk is gebruikt brengt niet automatische met zich mee dat de auto aan... Lees meer >

De enkele constatering dat de auto zakelijk is gebruikt brengt niet automatische met zich mee dat de auto aan de werknemers ter beschikking is gesteld. De inspecteur is er niet in geslaagd het daartoe benodigde bewijs te leveren. Aldus oordeelde Rechtbank Noord-Holland onlangs.

Een bv staat aan het hoofd van een groep van vennootschappen die zich bezig houdt met beheer, bemiddeling, exploitatie, handel en ontwikkeling van vastgoed. In de jaren 2007 t/m 2011 staat op naam van de bv een auto geregistreerd, die in die jaren zakelijk is gebruikt en waarvan ter zake van het gebruik geen privégebruik is aangegeven. De bv heeft drie werknemers in dienst. Als de inspecteur de bv naheffingsaanslagen loonheffingen met vergrijpboeten van 50% oplegt in verband met privégebruik van een auto van de zaak door de werknemers, gaat de bv in beroep.

Rechtbank Noord-Holland stelt vast dat werknemers van de bv de auto hebben gebruikt voor werkzaamheden die verband houden met de onderneming van de bv. Deze enkele constatering brengt volgens de rechtbank op zichzelf echter nog niet met zich mee dat de auto door de bv ter beschikking is gesteld aan die werknemers. Uit de jurisprudentie volgt slechts dat als de inspecteur erin slaagt om te bewijzen dat de auto ter beschikking is gesteld het vermoeden geldt dat die auto ook ter beschikking staat voor privédoeleinden.

De rechtbank oordeelt vervolgens dat de inspecteur de terbeschikkingstelling niet aannemelijk heeft gemaakt. Zij neemt daarbij in aanmerking dat de werknemers de auto nooit voor woon-werkverkeer hebben gebruikt, de auto bij het kantoor van de bv achter een afgesloten hek staat geparkeerd en de sleutels van de auto in een kluisje op kantoor werden bewaard bij de sleutels van (bouw)projecten van de bv. Uit signaleringen in weekenden en op ongebruikelijke tijdstippen volgt volgens de rechtbank ook niet dat de auto aan de werknemers ter beschikking is gesteld. De bv heeft voor elke signalering aangeven dat de auto wordt gebruikt in het kader van haar onderneming. De rechtbank vernietigt de naheffingsaanslagen en de boeten.  

Zelfstandige heeft geen recht op ouderschapsverlofkorting

Onlangs oordeelde Rechtbank Den Haag dat uit de wet en de parlementaire geschiedenis volgt dat het recht op ouderschapsverlofkorting... Lees meer >

Onlangs oordeelde Rechtbank Den Haag dat uit de wet en de parlementaire geschiedenis volgt dat het recht op ouderschapsverlofkorting niet aan zelfstandigen toekomt.

Belanghebbende, vader van drie kinderen, werkt in dienstbetrekking en heeft een eigen onderneming. Zijn winst uit onderneming is in 2009 en 2010 ruim een viervoud van zijn looninkomsten. In zijn aangifte IB 2010 neemt hij op dat hij 340 uur ouderschapsverlof heeft genoten en claimt hij € 1.384 aan ouderschapsverlofkorting.

De inspecteur stelt de ouderschapsverlofkorting vast op € 39, omdat de korting niet meer mag bedragen dan het in 2009 genoten belastbare loon verminderd met het in 2010 genoten belastbare loon. De man verzet zich hiertegen en stelt dat er sprake is van discriminatie van zelfstandigen.

Rechtbank Den Haag oordeelt dat uit de wet en de parlementaire geschiedenis volgt dat het recht op ouderschapsverlofkorting niet aan zelfstandigen toekomt. Voorts heeft de wetgever hiermee niet de grenzen van de hem op fiscaal gebied toekomende ruime beoordelingsvrijheid overschreden. De rechtbank verklaart het beroep van de man ongegrond.

Sofinummer verdwijnt per 6 januari 2014

Het sofinummer verdwijnt per 6 januari 2014. Vanaf deze datum ontvangt een (buitenlandse) werknemer een burgerservicenummer (BSN) na inschrijving... Lees meer >

Het sofinummer verdwijnt per 6 januari 2014. Vanaf deze datum ontvangt een (buitenlandse) werknemer een burgerservicenummer (BSN) na inschrijving in De Registratie Niet Ingezetenen (RNI).

Als de werkgever een nieuwe werknemer in dienst neemt, moet u zijn burgerservicenummer (BSN) opnemen in de loonadministratie. Heeft een (buitenlandse) werknemer geen BSN, dan moet hij die aanvragen bij de Belastingdienst. De werknemer moet het nummer persoonlijk afhalen bij een belastingkantoor.

Meer informatie:

Collectieve uitspraak op bezwaar aanslagen erf- en schenkbelasting

De collectieve uitspraak op bezwaar tegen een aantal aanslagen erf- en schenkbelasting is woensdag gepubliceerd. Daarbij was de inzet... Lees meer >

De collectieve uitspraak op bezwaar tegen een aantal aanslagen erf- en schenkbelasting is woensdag gepubliceerd. Daarbij was de inzet of de vrijstelling van erf- en schenkbelasting voor ondernemingsvermogen ook moet gelden voor ander vermogen.

Beroep

Tegen de uitspraak kan geen beroep worden ingesteld. Indien u toch beroep in wilt stellen, kunt u bij uw inspecteur binnen een redelijke termijn een verzoek indienen om deze uitspraak te vervangen door een individuele uitspraak. De individuele uitspraak zal overigens gelijkluidend zijn aan deze collectieve uitspraak. Tegen de individuele uitspraak kunt u binnen 6 weken na dagtekening beroep instellen bij de rechtbank. Dit beroep kan alleen de hieronder omschreven vraag betreffen. 

Uitspraak van Landelijk directeur Belastingdienst/Particulieren, dienstverlening en bezwaar D.B. van der Werff:

In zijn besluit van 23 oktober 2012, nr. BLKB2012/1665M heeft de staatssecretaris van Financiën besloten om de bezwaarschriften tegen aanslagen erf- en schenkbelasting waarbij voor niet-ondernemingsvermogen geen bedrijfsopvolgingsfaciliteit wordt verleend aan te wijzen als massaal bezwaar.

De volgende bezwaarschriften zijn aangewezen als massaal bezwaar:

  • De bezwaarschriften waarop op 23 oktober 2012 nog geen uitspraak is gedaan;
  • De bezwaarschriften die zijn ingediend tot en met de dag voorafgaande aan de dagtekening van deze collectieve uitspraak.

Bovenvermelde bezwaarschriften hebben betrekking op de vraag of de toepassing van het gelijkheidsbeginsel als bedoeld in artikel 26 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) of artikel 14 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) met zich brengt dat de (voorwaardelijke) onbelaste geconserveerde waarde van de bedrijfsopvolgingsregeling in de Successiewet 1956 (van 75%) (tekst jaar 2007 tot en met 2009) dan wel de (voorwaardelijke) vrijstelling van de bedrijfsopvolgingsregeling in de Successiewet 1956 (van tenminste 83%) (tekst jaar 2010 en volgende) ook op ander vermogen dan ondernemingsvermogen van toepassing is.

Er is een aantal bezwaarschriften geselecteerd met het oog op beantwoording van bovenstaande vraag door de administratieve rechter in belastingzaken.

In dit kader heeft de Hoge Raad  op vrijdag 22 november 2013 uitspraak gedaan in vijf geselecteerde proefprocedures:

Deze uitspraken zijn gepubliceerd op www.rechtspraak.nl.

De Hoge Raad heeft in verband met de rechtsvraag in alle procedures geoordeeld dat de vrijstelling van ondernemingsvermogen voor de erf- en schenkbelasting niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. De wetgever heeft volgens de Hoge Raad geen ongerechtvaardigd onderscheid gemaakt tussen het belasten van ondernemingsvermogen en het belasten van ander vermogen. Met deze beslissing heeft de Hoge Raad de inspecteur derhalve in het gelijk gesteld.

Gelet op dit oordeel doe ik bij deze voor alle als massaal bezwaar aangewezen bezwaarschriften collectief uitspraak op bezwaar.

Ik wijs de bezwaarschriften af en handhaaf de opgelegde aanslagen.

De inspecteur

Premiepercentages 2014 in Staatscourant gepubliceerd

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft voor het jaar 2014 de premiepercentages werknemersverzekeringen, volksverzekeringen en opslag kinderopvangtoeslag... Lees meer >

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft voor het jaar 2014 de premiepercentages werknemersverzekeringen, volksverzekeringen en opslag kinderopvangtoeslag vastgesteld. Ook het maximumpremieloon is vastgesteld. De regeling is op 3 december in de Staatscourant gepubliceerd.

De AWf-premie is verhoogd naar 2,15%. De vervangende premie voor de sectorfondsen (gemiddelde premiepercentage) wordt vastgesteld op 2,04%. De Ufo-premie blijft 0,78%. De basispremie Arbeidsongeschiktheidfonds wordt 4,95%. Het maximumpremieloon is € 51.414 per jaar. De premie algemene ouderdomsverzekering blijft 17,90%. Die voor de nabestaandenverzekering 0,60%. Tenslotte wordt de opslag kosten kinderopvangtoeslag vastgesteld op 0,50%.

Belastingdienst besteedt extra aandacht aan ondernemers die privé-uitgaven op de zaak boeken

De Belastingdienst gaat extra aandacht besteden aan ondernemers die privé-uitgaven op de zaak boeken. Na een pilot bij 360... Lees meer >

De Belastingdienst gaat extra aandacht besteden aan ondernemers die privé-uitgaven op de zaak boeken. Na een pilot bij 360 ondernemers corrigeerde de fiscus 1,3 miljoen euro aan kosten. Dit is mede aanleiding om de aangiften van een grotere groep onder de loep te nemen.

Ondernemers mogen alleen zakelijke kosten in mindering brengen op hun winst. Privékosten op de zaak boeken, drukt de winst en werkt concurrentievervalsend. De fiscus kwam tijdens een onderzoek een ondernemer tegen die een keuken van € 35.000 op de zaak boekte. Ook was er iemand die de kosten van een saunabezoek met de hele familie als zakelijke kosten op de winst afboekte. Ondernemers die kosten ten onrechte zakelijk hebben geboekt kunnen een navordering van de fiscus krijgen met een  boete die kan oplopen tot 100%.

Dit project maakt deel uit van de inspanningen om toezicht en invordering door de Belastingdienst te versterken. Meer informatie over de aftrek van kosten voor ondernemers is te vinden onder ‘zakelijke kosten’ op www.belastingdienst.nl.

Btw-teruggaven op 1 rekeningnummer op naam van de ob-onderneming

Betaalt de Belastingdienst uw btw-teruggaven op verschillende rekeningnummers uit? Of op een rekeningnummer dat niet op naam van uw... Lees meer >

Betaalt de Belastingdienst uw btw-teruggaven op verschillende rekeningnummers uit? Of op een rekeningnummer dat niet op naam van uw onderneming staat? Dat verandert vanaf 1 december.

Door nieuwe wetgeving betaalt de Belastingdienst vanaf 1 december 2013 uw btw-teruggaven nog maar op 1 rekeningnummer uit. Dit rekeningnummer moet op naam staan van uw ob-onderneming. Subnummers zijn toegestaan. Dit voorkomt vergissingen en helpt fraude tegen te gaan.

Ik krijg een btw-teruggaaf

Hebt u eerder een teruggaaf van ons ontvangen? De Belastingdienst kijkt voor u na of het rekeningnummer op naam van uw onderneming staat. Als u iets moet doen, ontvangt u vóór 1 maart 2014 bericht. De Belastingdienst blijft op uw huidige rekeningnummer betalen tot u bericht krijgt.

Voorwaarden jaaraangifte btw gewijzigd

Per 1 januari 2014 wijzigen de voorwaarden voor het doen van btw-aangifte per jaar. Wilt u btw-aangifte per jaar... Lees meer >

Per 1 januari 2014 wijzigen de voorwaarden voor het doen van btw-aangifte per jaar.

Wilt u btw-aangifte per jaar doen? Dan moet u vanaf 1 januari 2014 voldoen aan alle volgende voorwaarden:

Verandert uw aangiftetijdvak door deze wijziging? Dan krijgt u van ons een brief.

Bent u niet in Nederland gevestigd? Dan geldt deze wijziging van de voorwaarden niet voor u.

Belastingdienst zet fiscale gevolgen echtscheiding op een rij

Een echtscheiding of het uit elkaar gaan van partners kan verschillende gevolgen hebben voor zowel de inkomstenbelasting als voor... Lees meer >

Een echtscheiding of het uit elkaar gaan van partners kan verschillende gevolgen hebben voor zowel de inkomstenbelasting als voor toeslagen. De belangrijkste fiscale gevolgen heeft de Belastingdienst op een rijtje gezet.

Onderwerpen die van belang kunnen zijn, staan overzichtelijk bij elkaar op de site van de Belastingdienst. Zo is snel het volgende na te gaan:

  • wat direct na het uit elkaar gaan moet worden geregeld;
  • hoe het zit met toeslagen;
  • wanneer fiscaal partnerschap eindigt;
  • hoe het zit met alimentatie;
  • of iemand recht heeft op een heffingskorting voor kinderen en;
  • wat in de inkomstenbelasting de fiscale gevolgen van een echtscheiding zijn op de persoonlijke situatie.

Kabinet komt ambitieuze student tegemoet

Ambitieuze studenten die twee studies tegelijkertijd hebben gedaan, kunnen tegen het (lage) wettelijk collegegeld blijven studeren als ze een... Lees meer >

Ambitieuze studenten die twee studies tegelijkertijd hebben gedaan, kunnen tegen het (lage) wettelijk collegegeld blijven studeren als ze een van beide studies hebben afgerond. De ministerraad heeft daar op voorstel van minister Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap mee ingestemd.

Studenten die een tweede studie volgen betalen daarvoor sinds 2010 het instellingscollegegeld. Dit is een tarief dat de hogescholen en universiteiten zelf mogen bepalen, maar dat meestal hoger is dan het wettelijk collegegeld (€1835). Doorgaans vragen hogescholen en universiteiten de kostprijs, omdat ze voor studenten die een tweede studie doen geen bekostiging van het Rijk krijgen.

Voor studenten die hun tweede studie zijn begonnen terwijl ze nog bezig waren met hun eerste bestond een overgangsmaatregel. Die hield in dat het instellingscollegegeld dat deze studenten moeten betalen gelijk was aan het wettelijk collegegeld. Met de regeling waarmee de ministerraad heeft ingestemd is de overgangsmaatregel omgezet in een structurele maatregel.

De regeling, die enkele duizenden studenten aangaat is tot stand gekomen in nauw overleg met de VSNU, Vereniging Hogescholen en de studentenbonden.

Toeslagen en belastingteruggaven op één bankrekeningnummer

Per 1 december 2013 mag de Belastingdienst alleen nog maar bankrekeningnummers accepteren die op naam staan van degenen die... Lees meer >

Per 1 december 2013 mag de Belastingdienst alleen nog maar bankrekeningnummers accepteren die op naam staan van degenen die recht hebben op uitbetaling van Toeslagen en belastingteruggaven. Staatssecretaris Frans Weekers: ‘Dit is een belangrijke maatregel in het antifraudebeleid van de Belastingdienst waardoor fraudeurs niet langer misbruik kunnen maken door bankrekeningnummers te wijzigen in een eigen nummer. Dit werkt veel efficiënter, voorkomt foutieve betaling en het geld komt terecht bij de rechtmatige ontvanger.‘

Nu is het nog zo dat mensen meer dan één bankrekeningnummer mogen opgeven voor uitbetaling van toeslagen en teruggaven inkomstenbelasting. Dit nummer hoeft niet op naam van de belanghebbende te staan. Daardoor is rechtstreekse uitbetaling aan een verhuurder, kinderopvanginstelling of zorgverzekeraar of andere derde eenvoudig te regelen. In de praktijk blijkt helaas dat deze werkwijze fraudegevoelig is en tot vergissingen leidt. Om dit te voorkomen, is de wetgeving aangepast.

Controle

Bij iedere opgaaf of verandering van het rekeningnummer wordt gecontroleerd of dit op naam van betreffende persoon staat. Is dat niet direct duidelijk, dan moet de belanghebbende bewijzen dat het nummer op naam staat van de persoon. Voor een aantal uitbetalingen is een uitzondering gemaakt. Het gaat dan bijvoorbeeld om uitbetaling voor iemand die onder curatele is gesteld, aan kinderopvanginstellingen waarmee de Belastingdienst een convenant heeft gesloten, aan bewindvoerders en aan schuldhulpverleners.

Overgangsperiode

De nieuwe wetgeving gaat in op 1 december 2013, met een overgangsperiode tot 1 juli 2014. Die tussenperiode moet mensen in staat stellen de nodige wijzigingen aan de Belastingdienst door te geven.

In het begin van 2014 krijgen de burgers en ondernemers van wie de huidige bankrekening die bekend is bij de Belastingdienst niet op hun eigen naam staat, bericht van de Belastingdienst met het verzoek om een bankrekening door te geven die wel op hun naam staat. Zo lang die brief nog niet ontvangen is, hoeven burgers en ondernemers niets te doen.

Personen die meer dan één rekeningnummer hebben opgegeven bij de Belastingdienst, moeten aangeven welk bankrekeningnummer ze willen behouden. Ook deze groep ontvangt een bericht in het begin van 2014.

Mensen van wie bij de Belastingdienst nu al één rekeningnummer op eigen naam bekend is, hoeven niets te doen en ontvangen geen bericht.

De Belastingdienst heeft halverwege 2014 een register waarin voor elke burger of ondernemer een rekeningnummer is dat op naam van de burger of ondernemer staat. Het mag ook een en/of rekening zijn.

Staatssecretaris Weekers tevreden met uitspraak erf- en schenkbelasting Hoge Raad

De Hoge Raad heeft vandaag in proefprocedures beslist dat de bedrijfsopvolgingsregeling voor de erf- en schenkbelasting niet in strijd... Lees meer >

De Hoge Raad heeft vandaag in proefprocedures beslist dat de bedrijfsopvolgingsregeling voor de erf- en schenkbelasting niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Door deze beslissing van de Hoge Raad blijven alle aanslagen die onder de massaal bezwaar regeling vallen gewoon in stand. De regeling geldt voor alle aanslagen erf- en schenkbelasting die op 23 oktober 2012 nog niet onherroepelijk vast stonden en alle sindsdien opgelegde aanslagen.

Staatssecretaris Weekers: “Dit is goed nieuws voor de continuïteit van ondernemingen. Door de snelheid waarmee rechtbanken en Hoge Raad deze procedures hebben behandeld, heeft een grote groep belastingplichtigen eerder duidelijkheid”.

De proefprocedures werden gevoerd in het kader van de ‘massaal bezwaar regeling’ die vorig jaar met instemming van de Tweede Kamer door staatssecretaris van Financiën Frans Weekers, voor het eerst is toegepast. Ze waren een gevolg van een uitspraak van Rechtbank Breda. Die besliste op 13 juli 2012 dat de bedrijfsopvolgingsregeling discriminerend was ten opzichte van erfgenamen en begiftigden die ander vermogen dan ondernemingsvermogen erfden of geschonken kregen. Door de beslissing van de Hoge Raad staat nu vast dat de regeling niet discriminerend is.

Op grond van de bedrijfsopvolgingsregeling is ondernemingsvermogen voor een groot deel vrijgesteld van erf- en schenkbelasting bij verervingen en schenkingen. Wel moeten de verkrijgers de onderneming gedurende vijf jaar voortzetten. De regeling is bedoeld om de continuïteit van ondernemingen te waarborgen.

Voor alle lopende bezwaren zal één collectieve uitspraak op bezwaar worden gedaan. Deze uitspraak wordt gepubliceerd in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst.

Wat verandert er in 2014 voor particulieren, ondernemers en intermediairs?

In 2014 veranderen een aantal belastingregels en zijn er veranderingen voor toeslagen. Zo kunt u nog maar 1 rekeningnummer... Lees meer >

In 2014 veranderen een aantal belastingregels en zijn er veranderingen voor toeslagen. Zo kunt u nog maar 1 rekeningnummer gebruiken voor de meeste belastingteruggaven en toeslagen.

Belastingen

In 2014 veranderen de belastingregels zowel voor particulieren als voor ondernemers en werkgevers. Op dit moment zijn veel voorgestelde veranderingen nog voorlopig. Ze worden pas definitief als de Eerste Kamer er in december mee instemt.

Particulieren

Hieronder vindt u de belangrijkste voorgestelde veranderingen voor particulieren. 

Teruggaven voortaan op 1 rekeningnummer

Vanaf 1 december 2013 betaalt de Belastingdienst alle teruggaven aan u op 1 rekeningnummer uit. Dat rekeningnummer moet op uw naam staan. Geld dat voor u bestemd is, kan de Belastingdienst zo voortaan alleen aan u overmaken.

Hoogte van belastingschijven en heffingskortingen

De belastingschijven en heffingskortingen worden in 2014 niet aangepast aan de inflatie.

Verdere afbouw uitbetaling algemene heffingskorting

In 2024 vervalt de uitbetaling van de algemene heffingskorting aan de minstverdienende partner. De Belastingdienst bouwt deze regeling daarom sinds 2009 stapsgewijs af. U krijgt hier alleen mee te maken als uw fiscale partner na 31 december 1962 is geboren. Voor 2014 is de afbouw in alle gevallen 40%. Anders dan in 2013 is er geen verschillend afbouwpercentage meer voor partners met en zonder thuiswonende kinderen.

Algemene heffingskorting inkomensafhankelijk<

Vanaf 2014 wordt de algemene heffingskorting inkomensafhankelijk. Mensen met een hoger inkomen krijgen daardoor minder korting op hun belasting.

Arbeidskorting hoger voor lonen tot € 40.000

De arbeidskorting voor lonen tot circa € 40.000 gaat tot 2017 stapsgewijs omhoog. In 2014 gaat deze korting omhoog met € 374. U betaalt dus minder belasting over uw loon. Verdient u meer dan circa € 40.000? Dan wordt de arbeidskorting in 2014 lager en betaalt u dus meer belasting.

Tarief 1e schijf inkomstenbelasting omlaag

U gaat minder inkomstenbelasting betalen. Het tarief in de 1e schijf gaat in 2014 namelijk omlaag.

Ontslagvergoeding: stamrechtvrijstelling vervalt

Krijgt u in 2014 te horen dat u wordt ontslagen, dan kunt u een ontslagvergoeding niet meer onbelast omzetten in een stamrecht. Dat betekent dat u direct belasting betaalt over een ontslagvergoeding.

80%-regeling

Hebt u een stamrecht of een stamrecht-bv? Of heeft uw werkgever de ontslagvergoeding vóór 15 november 2013 overgemaakt? Dan kunt u in 2014 gebruikmaken van de zogenoemde 80%-regeling: als u het totale stamrecht in 2014 in 1 keer laat uitbetalen, is 80% van dat bedrag belast in box 1 in plaats van het volledige bedrag.

AOW-leeftijd omhoog

Per 1 januari 2014 wordt de AOW-leeftijd 65 jaar en 2 maanden. Daarnaast zijn er plannen om de AOW-leeftijd sneller te verhogen: naar 66 jaar in 2018 en 67 jaar in 2021. Het wetsvoorstel wordt in het voorjaar van 2014 ingediend.

Accijnzen omhoog

Per 1 januari 2014 gaan de accijnzen omhoog:

  • De accijns op diesel stijgt met € 0,03 per liter.
  • De accijns op lpg stijgt met € 0,07 per liter.
  • De accijns op benzine wordt aangepast aan de inflatie.
  • De accijns op alcoholhoudende dranken stijgt met 5,75%.

Veranderingen hypotheekrente eigen woning

Hebt u een eigen woning, dan zijn dit de belangrijkste veranderingen per 1 januari 2014:

  • Voor de hoogste inkomens gaat de maximale hypotheekrenteaftrek in de 4e schijf omlaag van 52% naar 51,5%. Dit is de zogenoemde tariefsaanpassing aftrek kosten eigen woning. De tariefsaanpassing betekent dat u 0,5% belasting betaalt over de aftrek die ervoor zorgt dat uw belastbaar inkomen in de 4e belastingschijf lager wordt. De komende 28 jaar komt daar steeds 0,5% bij, totdat u in 2042 14% belasting betaalt over dat deel van de hypotheekrenteaftrek.
  • Hebt u (tijdelijk) 2 eigen woningen waarvan er 1 leegstaat? Dan mag u de hypotheekrente maximaal 3 jaar blijven aftrekken.
  • Hebt u uw woning te koop staan en verhuurt u deze woning tijdelijk onder de Leegstandswet? Dan mag u de hypotheekrente weer aftrekken als de woning na de verhuurperiode leegstaat.

Verlaagd btw-tarief voor renovatie en herstel verlengd

De tijdelijke verlaging van het btw-tarief naar 6% voor het arbeidsloon bij het verbouwen en herstellen van woningen wordt verlengd tot 31 december 2014. Voor de gebruikte materialen blijft het hoge btw-tarief gelden.

Vrijstelling voor schenkingen omhoog

Sinds 1 oktober is de eenmalig verhoogde vrijstelling van € 51.407 voor schenkingen voor de eigen woning van ouders aan kinderen tussen de 18 en 40 jaar tijdelijk verruimd. Van 1 oktober 2013 tot 1 januari 2015 is deze vrijstelling € 100.000. Bovendien geldt de vrijstelling voor iedere schenking die wordt gebruikt voor de eigen woning. Het hoeft dus geen schenking te zijn van een ouder aan een kind en de ontvanger hoeft niet tussen de 18 en 40 jaar te zijn.

Onder schenkingen voor de eigen woning valt sinds 1 oktober ook een schenking die bestemd is voor de aflossing van een restschuld. Deze verruiming is permanent. Hebt u al gebruikgemaakt van de eenmalig verhoogde vrijstelling van € 51.407 en wilt u gebruikmaken van de tijdelijke verruiming? Dan moet u het al eerder geschonken bedrag aftrekken van de verruimde vrijstelling van € 100.000.

Giften aftrekbaar zonder notariële akte

U kunt vanaf 2014 periodieke giften doen met een onderhandse akte van schenking aan een algemeen nut beogende instelling (ANBI) of aan een vereniging met ten minste 25 leden. U hoeft de gift niet meer vast te leggen in een notariële akte om voor aftrek in aanmerking te komen.

Belasting- en invorderingsrente omhoog

De belastingrente en invorderingsrente zijn per 1 april 2014 minimaal 4%. Tot 1 april geldt nog het tarief van 3%.

Ondernemers en werkgevers

Hieronder vindt u de belangrijkste voorgestelde veranderingen voor ondernemers. Alle veranderingen voor werkgevers leest u in de Nieuwsbrief loonheffingen 2014.

Btw-teruggaven voortaan op 1 rekeningnummer

Vanaf 1 december 2013 kunt u voor de btw-teruggaaf per btw-(sub)nummer 1 rekeningnummer gebruiken. Dit rekeningnummer moet op naam van uw onderneming staan.

‘Aangiftebrief omzetbelasting’ afgeschaft

Voor de btw-aangiftetijdvakken vanaf 1 januari 2014 stuurt de Belastingdienst geen ‘Aangiftebrief Omzetbelasting’ meer. In januari 2014 krijgt u wel eenmalig een overzicht van alle aangiftetijdvakken en de bijbehorende uiterste aangifte- en betaaldatums en betalingskenmerken voor 2014.

Met het afschaffen van de aangiftebrief verdwijnt ook de bijbehorende acceptgiro. Bij de aangiftebrief over het laatste tijdvak van 2013 krijgt u geen acceptgiro meer.

Btw-integratieheffing vervalt

Per 1 januari 2014 vervalt de btw-integratieheffing. Dat betekent dat u geen btw meer hoeft te betalen over zelfgemaakte goederen die u gebruikt voor prestaties waarvoor geen (volledig) recht op aftrek van voorbelasting bestaat. U betaalt ook geen btw meer als u goederen laat maken waarbij u zelf de materialen levert, dus bijvoorbeeld als u op eigen grond een gebouw laat bouwen.

Verlaagd btw-tarief voor renovatie en herstel verlengd

De tijdelijke verlaging van het btw-tarief naar 6% voor het arbeidsloon bij het verbouwen en herstellen van woningen wordt verlengd tot 31 december 2014. Voor de gebruikte materialen blijft het hoge btw-tarief gelden.

Digitale btw-aangifte voor ondernemers die niet in Nederland zijn gevestigd

Bent u niet in Nederland gevestigd, maar moet u wel aangifte btw doen? Dan moet u straks digitaal aangifte btw en opgaaf intracommunautaire prestaties (ICP) doen. Digitaal aangifte en opgaaf doen is verplicht vanaf de 1e aangifte en opgaaf over 2014.

Stamrechtvrijstelling vervalt per 1 januari 2014

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling voor nieuwe gevallen. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014 en waarop de stamrechtvrijstelling van toepassing is, geldt overgangsrecht.

Wijzigingen motorrijtuigenbelasting

Voor de motorrijtuigenbelasting (mrb) verandert per 1 januari 2014 het volgende:

  • Er zijn nieuwe regels voor de vrijstelling van de motorrijtuigenbelasting voor zuinige personenauto’s. Alleen als u een personenauto hebt met een CO2-uitstoot die niet hoger is dan 50 gram per kilometer, hoeft u ook na 1 januari 2014 geen motorrijtuigenbelasting te betalen. Het maakt niet uit wat voor motor uw personenauto heeft.
    De aangescherpte eisen voor de CO2-uitstoot hebben ook gevolgen voor de hoogte van de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (bpm). De tarieven van bestelauto’s, bijzondere personenauto’s en motorrijwielen veranderen niet.
  • Staat u ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie (of zou u ingeschreven moeten staan) en hebt u een voertuig met een buitenlands kenteken dat u in Nederland ter beschikking staat? Dan betaalt u per 1 januari motorrijtuigenbelasting.
  • De vrijstelling van motorrijtuigenbelasting voor oldtimers geldt vanaf 1 januari 2014 alleen nog voor motorrijtuigen van 40 jaar en ouder. Er komt een overgangsregeling voor oldtimers met een benzinemotor die op 1 januari 2014 26 jaar of ouder zijn, maar nog geen 40 jaar. Voor deze voertuigen betaalt u maximaal € 120 per jaar. Het gaat dan om personen- en bestelauto’s, motorfietsen, bussen en vrachtauto’s.

Veranderingen verhuurderheffing

Bent u eigenaar van meer dan 10 huurwoningen met een huur van maximaal € 682,01? Dan krijgt u in 2014 te maken met verhuurderheffing. Het tarief van deze heffing stijgt in 2014 naar 0,381% van de WOZ-waarde. U kunt vanaf 2014 heffingsvermindering aanvragen als u investeert in uw woningen.

Tarief box 2 tijdelijk lager

Het tarief in box 2 (belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang) wordt eenmalig, alleen in 2014, verlaagd van 25% naar 22%. Directeuren-grootaandeelhouders betalen dus minder belasting over dividenduitkeringen. Het verlaagde tarief geldt alleen voor de 1e € 250.000 van het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang.

Belasting- en invorderingsrente omhoog

Per 1 april 2014 gaat de belastingrente voor de vennootschapsbelasting aansluiten bij de wettelijke rente voor handelstransacties, met een minimum van 8%. De belastingrente voor de overige belastingen en de invorderingsrente zijn per 1 april minimaal 4%. Tot 1 april 2014 geldt daarvoor nog het tarief van 3%.

Nieuw in 2014 voor de intermediair

  • Uitstelregeling belastingjaar 2013
    De Belastingdienst heeft alle becons een brief gestuurd aangaande de uitstelregeling 2013, welke uitsluitend in SBR ingestuurd mag worden en dus niet meer via Bapi. Bij Elsevier is uitstel 2013 aanvragen en inlezen in SBR geregeld in het CAS Programma 2014 of als u in de cloud werkt in Nextens Premium.
  • Omzetbelasting vanaf 2014 in SBR  
    Voor alle tijdvakken in 2014 is het verplicht om de aangifte Omzetbelasting in SBR te doen. De aangiftesoftware van Elsevier is hier klaar voor. U heeft hiervoor een PKI-overheid certificaatvoor nodig.
  • eMachtiging en SBA
    De Belastingdienst verstuurt vanaf 2014 de aanslagen over belastingjaar 2013 (n.a.v. definitieve IB en VPB aangiften 2013 die zijn ingediend vanaf de versie februari 2014) en de voorlopige aanslagen over belastingjaar 2015 ( VA’s ingediend vanaf november 2014)  niet meer via Elektronische Kopie Aanslagen (EKA) maar via Service Bericht Aanslagen (SBA).De voorlopige aanslagen IB 2014 en VPB2014 worden ook in EKA formaat verstuurt.
  • VA en Toeslagen 2014
    Momenteel worden er door de Belastingdienst volop voorlopige aanslagen over belastingjaar 2014 opgelegd. CAS 2014 voor de VA/VT en Toeslagen is sinds 21 november te downloaden.

Stamrechtvrijstelling vervalt per 1 januari 2014

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling voor nieuwe gevallen. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014... Lees meer >

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling voor nieuwe gevallen. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014 en waarop de stamrechtvrijstelling van toepassing is, geldt overgangsrecht.

Vanaf 1 januari 2014 kunnen stamrechtaanspraken ook ineens worden uitgekeerd of in een andere vorm dan periodieke uitkeringen.

Daarnaast mogen in 2014 deze stamrechten in de volgende 2 situaties volledig in 1 keer uitgekeerd worden onder inhouding van loonheffingen over 80% van de  aanspraak:

  • De uitkering ter vervanging van gederfd of te derven loon (bijvoorbeeld een ontslaguitkering) is vóór 15 november 2013 overgemaakt naar de rekening van de stamrecht-bv, bank, beleggingsinstelling of verzekeraar.
  • De werkgever treedt zelf op als verzekeraar van het stamrecht. Ook heeft de werkgever zich verplicht vóór 15 november 2013 het stamrecht te verzekeren.

Meer informatie over het vervallen van de stamrechtvrijstelling en de mogelijkheid tot een eenmalige uitkering vindt u in de 2e uitgave van de ‘Nieuwsbrief loonheffingen 2014’, die begin december verschijnt, en opwww.belastingdienstpensioensite.nl.

De Eerste en Tweede Kamer moeten nog wel met de wijzigingen akkoord gaan.

Aanpak schijnconstructies: opdrachtgever verantwoordelijk

Schijnconstructies waarbij buitenlandse werknemers slechts een deel van het minimumloon betaald krijgen, worden harder aangepakt. Opdrachtgevers of aannemers die... Lees meer >

Schijnconstructies waarbij buitenlandse werknemers slechts een deel van het minimumloon betaald krijgen, worden harder aangepakt. Opdrachtgevers of aannemers die daarvan weten, of zouden moeten weten, worden ervoor aansprakelijk gesteld.

Schijnconstructies voordelig

Dat blijkt uit een brief van minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) aan de Tweede Kamer. De schijnconstructies zijn voor werkgevers voordelig, omdat zij zo minder belasting en sociale premies afdragen, maar het leidt tot oneerlijke concurrentie en kan zorgen voor verdringen van Nederlandse arbeiders.

Asscher wil daar een einde aan maken. De inspectie heeft deze maand 15 extra inspecteurs aangesteld om de schijnconstructies aan te pakken.

Internationale samenwerking

Bij de aanpak van schijnconstructies is internationale samenwerking cruciaal. De minister heeft de afgelopen periode daarom afspraken gemaakt met Polen, Roemenië en Bulgarije over het uitwisselen van informatie over werkgevers die bijvoorbeeld via schijnconstructies werknemers betalen onder het minimumloon.

Minister Asscher hoopt verder tijdens de Europese Raad van 9 december een akkoord te bereiken over een Europese Handhavingsrichtlijn. Deze richtlijn maakt het mogelijk om boetes, bijvoorbeeld voor onderbetaling, in een ander EU-land te innen. Ook kunnen Europese landen elkaar verzoeken om een bedrijf te inspecteren, worden buitenlandse detacherende bedrijven verplicht arbeidsvoorwaarden bekend te maken en kunnen de sociale partners informatie opvragen bij andere lidstaten.

Download:

“Kamerbrief ‘Voortgangsrapportage aanpak schijnconstructies”’

Financiele eindejaarstips: pak nog snel het voordeel

Fiscale regels veranderen jaarlijks. Haal daarom voor het eind van dit jaar nog financieel voordeel waar het kan. Box... Lees meer >

Fiscale regels veranderen jaarlijks. Haal daarom voor het eind van dit jaar nog financieel voordeel waar het kan.

Box 3 vermogen: nu geplande uitgaven doen
U betaalt 1,2 procent vermogensbelasting over uw vermogen boven de €21.139 (voor fiscale partners geldt het dubbele bedrag). De peildatum voor de aangifte over 2013 is 1 januari 2013. Als u op het punt staat grote uitgaven te doen (auto kopen, huis verbouwen, schenkingen), kunt u die beter het eind van het jaar nog doen. Dat geld telt dan niet meer op mee op 1 januari 2014. Dat maakt voor de aangifte over 2013 niet uit, maar in 2015 plukt u daar de vruchten van. Een andere manier om uw box 3 vermogen te drukken, is door uw geld groen te beleggen. U betaalt over door de overheid goedgekeurde groene beleggingen namelijk geen vermogensbelasting (voor beleggingen tot €56.420 per persoon). Bovendien krijgt u een extra belastingkorting (heffingskorting) van 0,7 procent van uw inleg. In totaal levert groen beleggen dus een belastingvoordeel op van 1.9procent. 

TIP: als u op het punt staat een auto te kopen of het huis te laten schilderen of verbouwen, kunt u dat het beste voor 1 januari doen en ook betalen! Hetzelfde geldt voor schenkingen aan bijvoorbeeld uw (klein) kinderen of goede doelen. 

TIP: groen beleggen kunt u bij het Triodos Groenfrond en het ASN Groenprojectenfonds. U belegt dan in leningen aan groene bedrijven en projecten. ING en Rabobank bieden groene spaardeposito’s aan. Ook hier geldt 1,9 procent belastingvoordeel. U krijgt een vaste rente over uw spaargeld, dat u voor minimaal een jaar (Rabobank) of drie jaar (ING) vastzet. 

Belastingvrij schenken: verruimde mogelijkheden
Over schenkingen betaalt u schenkbelasting, maar er is altijd een vrijgesteld bedrag. Kinderen hebben in 2013 een vrijstellen van €5141, anderen €2057. U mag uw kinderen tussen de 18 en 40 jaar bovendien eenmalig €24.676 belastingvrij scheken. Als een schenking gebruikt voor de eigen woning, is een bedrag van €100.000 vrij van schenkbelasting(een tijdelijke maatregel die geldt tot 1 januari 2015 en betreft schenkingen aan iedereen). U moet zo’n schenking vastleggen in een overeenkomst: dat hoeft niet bij een notaris. 

TIP: de eenmalige schenking voor de woning kan ook gebruikt worden voor het aflossen op de hypotheek (tot en met de restschuld) 

TIP: als u meer wilt schenken dan het vrijgestelde bedrag, kunt u eind december schenken en nog een begin januari. 

TIP: u hoeft een vrijgestelde schenking niet vast te leggen, maar het is wel verstandig om bij de bankoverboeking ‘Schenking 2013’ of iets dergelijks te vermelden. 

TIP: wacht niet tot na kerst met geld overmaken, anders loopt u het risico dat de transactie formeel na 1 januari wordt geboekt.

Levensloopregeling: eenmalig belastingvoordeel
Als u een levensloopregeling hebt, kunt u alleen in 2013 het levenslooptegoed opnemen met een belastingkorting. U moet het hele tegoed opnemen. U betaalt dan inkomstenbelasting over 80 procent van het tegoed dan eind 2011 op uw levenslooprekening stond. Als u na 2013 levenslooptegoed opneemt, betaalt u wel over het hele opgenomen bedrag inkomstenbelasting. Eind 2021 wordt de levensloopregeling beëindigd. Wat er dan nog op uw levenslooprekening staat, wordt in een keer uitgekeerd en belast. 

TIP: het hangt af van uw huidige en toekomstige inkomen wat voor u fiscaal het voordeligst is. Op ww.berekenhet.nl kunt u een berekening maken. 

Aftrekbare giften: voorkom notariskosten
Giften aan goede doelen die voorkomen op de lijst van de ANBI’s (Algemeen Nut Beogende Instelling) op de site van de Belastingdienst, zijn aftrekbaar. Bij giften aan culturele instellingen tot €5000 mag u zelfs 125 procent van het gegeven bedrag aftrekken van uw inkomen. Een gift van €2000 levert dan aan belastingaftrek €2500 op. Drempel: er is voor giften een drempel van 1 procent van uw verzamelinkomen ( totaal van box 1,2 en 3) met een minimum van €60. Alleen het bedrag boven deze drempel mag u aftrekken. Voor periodieke giften gedurende minimaal vijf jaar is er geen drempel, mits deze giften zijn vastgelegd bij de notaris. 

TIP: als u niet boven de drempel uitkomt. Kijk dan of dit wel het geval is als u geplande giften over meerdere jaren in een concentreert. Geef bijvoorbeeld in plaats van vijf jaar €100 eenmalig €500.

TIP: vanaf 2014 hoeft u niet meer naar een notaris om periodieke giften te laten vastleggen. Wilt u dit jaar nog schenken? Veel goede doelen regelen een (gratis) notaris voor periodieke giften boven een bepaald bedrag. 

TIP: binnenkort zet de Belastingdienst een model- schenkingsovereenkomst op zijn website. Zowel de schenker als het ontvangende goede doel moet dit formulier invullen, ondertekenen en bewaren voor het geval de Belastingdienst daarom vraagt. 

Hypotheekrente: vooruitbetalen
Als u hypotheekrente betaalt en volgend jaar minder inkomen heeft ( en dus in een lager belastingtarief valt), mag u de hypotheekrente over de eerset zes maanden van het volgende jaar al dit jaar betalen en aftrekken voor de inkomstenbelasting. Natuurlijk moet uw bank wel meewerken aan deze plannen. Van lezers ontvingen we daarover wisselende reacties. Het lijkt soms wat overredingskracht te vergen. Vooruitbetalen is vooral interessant voor mensen die volgend jaar met pensioen gaan. Vanaf het moment dat u voor het eest AOW krijgt, betaalt u namelijk minder inkomstenbelasting in de eerste twee belastingschijven (tot €33.363)

TIP: extra voordeel van het vooruitbetalen van de rente is dat u op 1 januari minder box 3 vermogen hebt en dus minder vermogensbelasting betaalt. 

TIP: let erop dat u niet meer dan zes maanden hypotheekrente vooruit betaalt, want anders vervalt de hele aftrekbaarheid.

TIP: ook aftrekbare giften kunt u beter doen voordat u met pensioen gaat en minder belasting gaat betalen.

Goed om te weten!

  • Doe (en betaal) grote uitgaven zoals een auto of verbouwing voor 1 januari.
  • In 2013 eenmalig belastingvoordel op uw levensloopregeling.
  • Volgend jaar met pensioen? Betaal de hypotheekrente vooruit.
  • Groen sparen of beleggen: 1,9 procent belastingvoordeel.
  • Vanf 2014 geen notaris meer nodig voor aftrekbare periodieke giften aan goede doelen.

Lijfrentepremie alleen aftrekbaar in jaar van betaling

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat een belastingplichtige in 2008 geen lijfrentepremie in aftrek kon brengen. De man had in dat... Lees meer >

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat een belastingplichtige in 2008 geen lijfrentepremie in aftrek kon brengen. De man had in dat jaar namelijk geen lijfrentepremie betaald.

De man brengt in zijn IB-aangifte 2008 een bedrag van € 18.204 in aftrek aan betaalde premies voor inkomensvoorzieningen. Dit bedrag heeft betrekking op een door de werkgever van de man in 2000 betaalde lijfrentepremie die nooit in aanmerking is genomen. De inspecteur corrigeert de aangifte. Hij stelt dat de lijfrentestorting in het jaar 2000 niet in 2008 tot aftrek kan leiden.

Hof Amsterdam oordeelt dat de man in 2008 geen lijfrentepremie in aftrek kan brengen. Het hof overweegt hierbij dat een lijfrentepremie slechts in het jaar van betaling in aftrek kan worden gebracht. Aangezien vaststaat dat de belastingplichtige in 2008 geen lijfrentepremie heeft betaald, kan hij ook niets in aftrek brengen. Het gelijk is aan de inspecteur.

Uitspraak Hoge Raad over de bedrijfsopvolgingsregeling voor de erf- en schenkbelasting

Uitspraak Hoge Raad over de bedrijfsopvolgingsregeling voor de erf- en schenkbelasting 22-11-2013 De Hoge Raad heeft uitspraak gedaan over... Lees meer >

Uitspraak Hoge Raad over de bedrijfsopvolgingsregeling voor de erf- en schenkbelasting

22-11-2013

De Hoge Raad heeft uitspraak gedaan over de bedrijfsopvolgingsregeling voor de erf- en schenkbelasting. Daarbij was de inzet of de vrijstelling van erf- en schenkbelasting voor ondernemingsvermogen ook moet gelden voor ander vermogen.

Meer informatie

De Hoge Raad heeft vandaag in proefprocedures beslist dat de bedrijfsopvolgingsregeling voor de erf- en schenkbelasting niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Door deze beslissing van de Hoge Raad blijven alle aanslagen die onder de massaal bezwaar regeling vallen gewoon in stand. De regeling geldt voor alle aanslagen erf- en schenkbelasting die op 23 oktober 2012 nog niet onherroepelijk vast stonden en alle sindsdien opgelegde aanslagen.

Staatssecretaris Weekers: “Dit is goed nieuws voor de continuïteit van ondernemingen. Door de snelheid waarmee rechtbanken en Hoge Raad deze procedures hebben behandeld, heeft een grote groep belastingplichtigen eerder duidelijkheid”.

De proefprocedures werden gevoerd in het kader van de ‘massaal bezwaar regeling’ die vorig jaar met instemming van de Tweede Kamer door staatssecretaris van Financiën Frans Weekers, voor het eerst is toegepast. Ze waren een gevolg van een uitspraak van Rechtbank Breda. Die besliste op 13 juli 2012 dat de bedrijfsopvolgingsregeling discriminerend was ten opzichte van erfgenamen en begiftigden die ander vermogen dan ondernemingsvermogen erfden of geschonken kregen. Door de beslissing van de Hoge Raad staat nu vast dat de regeling niet discriminerend is.

Op grond van de bedrijfsopvolgingsregeling is ondernemingsvermogen voor een groot deel vrijgesteld van erf- en schenkbelasting bij verervingen en schenkingen. Wel moeten de verkrijgers de onderneming gedurende vijf jaar voortzetten. De regeling is bedoeld om de continuïteit van ondernemingen te waarborgen.

Voor alle lopende bezwaren zal één collectieve uitspraak op bezwaar worden gedaan. Deze uitspraak wordt gepubliceerd in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst.

Belastingpakket 2014 aangenomen door Tweede Kamer

p dinsdag 19 november 2013 heeft de Tweede Kamer ingestemd met de wetsvoorstellen Belastingplan 2014, de Overige fiscale maatregelen... Lees meer >

p dinsdag 19 november 2013 heeft de Tweede Kamer ingestemd met de wetsvoorstellen Belastingplan 2014, de Overige fiscale maatregelen 2014, de Wet aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit en Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente. 

De Tweede Kamer nam nog enkele amendementen en een motie aan.

  • Schenkingen voor de aflossing van restschulden die zijn ontstaan vóór 29 oktober 2012 komen ook in aanmerking voor de eenmalig tijdelijk extra verhoogde schenkingsvrijstelling van € 100.000.
  • Voor het jaar 2014 wordt de grens tussen de tariefschijven in de schenk- en erfbelasting eenmalig met € 3.000 verlaagd.
  • In de energiebelasting wordt de leden van een coöperatie lange termijn investeringszekerheid geboden. Als de belastingkorting komt te vervallen of wordt verminderd, wordt aan coöperaties die al van de regeling gebruik maken investeringszekerheid geboden. Daarbij wordt uitgegaan van een periode van tien jaar vanaf het moment dat de coöperatie door de Belastingdienst is aangewezen en dat de leden van de coöperatie in aanmerking komen voor het verlaagd tarief.
  • In de afvalstoffenbelasting wordt het mogelijk gemaakt dat bij ministeriële regeling aparte categorieën van gevaarlijke afvalstoffen worden vastgesteld en dat voor deze categorieën een verlaagd tarief wordt gehanteerd, dan wel dat deze categorieën afval worden vrijgesteld.
  • De weigerings- of ontnemingsgrond van de ANBI-status wordt enerzijds verbreed en anderzijds beperkt. Er wordt specifieker aangegeven in welke gevallen intrekking van de ANBI-status passend is.
  • Ook in de AWR wordt het overtredersbegrip voor de bestuurlijke boete uitgebreid met de doen pleger, de uitlokker en de medeplichtige. In het wetsvoorstel was dit al voor de toelagen geregeld.

Wat verandert er in 2014?

In 2014 veranderen sommige belastingregels en zijn er veranderingen voor toeslagen. Zo kunt u nog maar 1 rekeningnummer gebruiken... Lees meer >

In 2014 veranderen sommige belastingregels en zijn er veranderingen voor toeslagen. Zo kunt u nog maar 1 rekeningnummer gebruiken voor de meeste belastingteruggaven en toeslagen.

Belastingen

Wilt u weten welke belastingregels veranderen? Er is een pagina met veranderingen voor particulieren en een pagina voor ondernemers en werkgevers. Voor werkgevers en ondernemers staan de veranderingen ook in deNieuwsbrief loonheffingen 2014.

Toeslagen

Wilt u weten welke wijzigingen er zijn in uw toeslagen? Kijk dan bij Uw toeslagen in 2014.

Belastingpakket 2014 aangenomen: Schenkingsvrijstelling ook voor restschulden

Schenkingen voor de aflossing van restschulden die zijn ontstaan vóór 29 oktober 2012 komen ook in aanmerking voor de... Lees meer >

Schenkingen voor de aflossing van restschulden die zijn ontstaan vóór 29 oktober 2012 komen ook in aanmerking voor de eenmalig tijdelijk extra verhoogde schenkingsvrijstelling van € 100.000. Dat is het belangrijkste amendement op het Belastingpakket 2014 dat gistermiddag door de Tweede Kamer werd aangenomen.

Het betreffende amendement werd ingediend door Carola Schouten van de ChristenUnie. De schenkingsvrijstelling was een van de afspraken die het kabinet op 11 oktober in het herfstakkoord maakte met de oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP. Veel mensen kunnen hun oude restschuld niet meefinancieren in hun nieuwe hypotheek en de schenkingsvrijstelling was niet van toepassing. Dat is met het amendement voor 2014 nu wel het geval.

Verder heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen waarin het kabinet wordt verplicht de Tweede Kamer uiterlijk in 2013 te informeren:

  1. in welk geval een bedrijf de verplichting heeft om uiterlijk dertien maanden na afloop van het boekjaar de jaarrekening openbaar te maken via het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;
  2. hoeveel bedrijven de afgelopen vijf jaar ten onrechte verzuimd hebben te voldoen aan deze verplichting; en
  3. wat het kabinet gaat doen om het toezicht op deze verplichting te verbeteren.

Verder zijn de volgende amendementen aangenomen:

  • Voor het jaar 2014 wordt de grens tussen de tariefschijven in de schenk- en erfbelasting eenmalig met € 3.000 verlaagd.
  • In de energiebelasting wordt de leden van een coöperatie lange termijn investeringszekerheid geboden. Als de belastingkorting komt te vervallen of wordt verminderd, wordt aan coöperaties die al van de regeling gebruik maken investeringszekerheid geboden. Daarbij wordt uitgegaan van een periode van tien jaar vanaf het moment dat de coöperatie door de Belastingdienst is aangewezen en dat de leden van de coöperatie in aanmerking komen voor het verlaagd tarief.
  • In de afvalstoffenbelasting wordt het mogelijk gemaakt dat bij ministeriële regeling aparte categorieën van gevaarlijke afvalstoffen worden vastgesteld en dat voor deze categorieën een verlaagd tarief wordt gehanteerd, dan wel dat deze categorieën afval worden vrijgesteld.
  • De weigerings- of ontnemingsgrond van de ANBI-status wordt enerzijds verbreed en anderzijds beperkt. Er wordt specifieker aangegeven in welke gevallen intrekking van de ANBI-status passend is.
  • Ook in de AWR wordt het overtredersbegrip voor de bestuurlijke boete uitgebreid met de ‘doen pleger’, de uitlokker en de medeplichtige. In het wetsvoorstel was dit al voor de toelagen geregeld.

Het geaccordeerde Belastingpakket 2014 bestaat uit de wetsvoorstellen Belastingplan 2014, de Overige fiscale maatregelen 2014, de Wet aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit en Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente.

Klassiekervrijstelling

Ondanks een felle lobby vanuit de klassiekerclubs is de motie, waarin het kabinet wordt opgeroepen om een overgangsregeling te treffen voor klassiekers op diesel en lpg tussen de 30 en 40 jaar oud, niet aangenomen.

Vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon (crisisheffing) mogelijk tot 1 december

De Belastingdienst heeft de reactietermijn om via een vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon aan te sluiten bij proefprocedures verlengd tot... Lees meer >

De Belastingdienst heeft de reactietermijn om via een vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon aan te sluiten bij proefprocedures verlengd tot 1 december 2013.

Als u bezwaar hebt gemaakt tegen de pseudo-eindheffing hoog loon 2013, hebt u het aanbod gekregen om via een vaststellingsovereenkomst aan te sluiten bij proefprocedures. Een klein deel van de werkgevers heeft hierop nog niet gereageerd. Daarom heeft de Belastingdienst de reactietermijn verlengd en kunt u nog tot 1 december 2013 gebruikmaken van dit aanbod.

Als de Belastingdienst vóór 1 december 2013 geen volledig ingevulde en ondertekende vaststellingsovereenkomst van u heeft gekregen, kunt u niet meer gebruikmaken van de vaststellingsovereenkomst. De Belastingdienst zal uw bezwaarschrift dan in behandeling nemen. U krijgt hierover dan nog een brief van de Belastingdienst.

Zie ook het bericht van 19 juli 2013: Bezwaren pseudo-eindheffing hoog loon 2013 (crisisheffing)

Afdrachtvermindering onderwijs vervalt per 1 januari 2014

De afdrachtvermindering onderwijs wordt met ingang van 1 januari 2014 afgeschaft. Vanaf dat moment geldt een nieuwe regeling: de... Lees meer >

De afdrachtvermindering onderwijs wordt met ingang van 1 januari 2014 afgeschaft. Vanaf dat moment geldt een nieuwe regeling: de Subsidieregeling Praktijkleren. De Belastingdienst controleert echter nog steeds of de afdrachtvermindering onderwijs sinds 2008 goed is toegepast.

Subsidieregeling Praktijkleren

Vanaf 1 januari 2014 wordt de afdrachtvermindering onderwijs vervangen door de Subsidieregeling Praktijkleren. Deze regeling wordt uitgevoerd door Agentschap NL. De subsidie is een tegemoetkoming in de kosten die u als werkgever maakt voor de begeleiding van een leerling, deelnemer of student. Ook is de subsidie een tegemoetkoming in de loon- of begeleidingskosten van een promovendus of technologisch ontwerper in opleiding (toio).

Wilt u weten wat er precies verandert vanaf 1 januari 2014? Lees dan meer over de Subsidieregeling Praktijkleren en de voorwaarden om hiervoor in aanmerking te komen.

Controle afdrachtvermindering onderwijs

De Belastingdienst controleert nog steeds of de afdrachtvermindering onderwijs sinds 2008 goed is toegepast. Hebt u de afgelopen jaren in uw aangifte loonheffingen aanspraak gemaakt op deze afdrachtvermindering? Controleer dan nu of deze in alle gevallen terecht was. Zo niet, dan moet u de aangifte corrigeren. Uw fiscaal dienstverlener kan u hierbij helpen.

Op de internetsite van de Belastingdienst leest u meer over de afdrachtvermindering onderwijs in 2013. Informatie over de voorwaarden en de berekening ervan vindt u in het ‘Handboek Loonheffingen’ van het betreffende jaar (in het hoofdstuk ‘Afdrachtverminderingen’). U kunt de handboeken downloaden:

Stamrechtvrijstelling vervalt 1 januari 2014

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling voor nieuwe gevallen. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014... Lees meer >

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling voor nieuwe gevallen. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014 en waarop de stamrechtvrijstelling van toepassing is, geldt overgangsrecht.

Uitkering

Vanaf 1 januari 2014 kunnen stamrechtaanspraken ook ineens worden uitgekeerd of in een andere vorm dan periodieke uitkeringen.

Daarnaast mogen in 2014 deze stamrechten in de volgende 2 situaties volledig in 1 keer uitgekeerd worden onder inhouding van loonheffingen over 80% van de  aanspraak:

  • De uitkering ter vervanging van gederfd of te derven loon (bijvoorbeeld een ontslaguitkering) is vóór 15 november 2013 overgemaakt naar de rekening van de stamrecht-bv, bank, beleggingsinstelling of verzekeraar.
  • De werkgever treedt zelf op als verzekeraar van het stamrecht. Ook heeft de werkgever zich verplicht vóór 15 november 2013 het stamrecht te verzekeren.

Begin december zal de tweede uitgave van de ”Nieuwsbrief loonheffingen 2014” van de Belastingdienst verschijnen. Daarin zal meer informatie gegeven worden over het vervallen van de stamrechtvrijstelling en de mogelijkheid tot een eenmalige uitkering.

De Eerste en Tweede Kamer moeten nog wel met de wijzigingen akkoord gaan.

Vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon mogelijk tot 1 december 2013

De Belastingdienst heeft de reactietermijn om via een vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon aan te sluiten bij proefprocedures verlengd tot... Lees meer >

De Belastingdienst heeft de reactietermijn om via een vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon aan te sluiten bij proefprocedures verlengd tot 1 december 2013.

Bezwaar

Indien u bezwaar hebt gemaakt tegen de pseudo-eindheffing hoog loon 2013, dan hebt u het aanbod gekregen om via een vaststellingsovereenkomst aan te sluiten bij proefprocedures. Een klein deel van de werkgevers heeft hierop nog niet gereageerd. Daarom heeft de Belastingdienst de reactietermijn verlengd en kunt u nog tot 1 december 2013 gebruikmaken van dit aanbod.

Vóór 1 december 2013

Als de Belastingdienst nog vóór 1 december 2013 geen volledig ingevulde en ondertekende vaststellingsovereenkomst van u heeft ontvangen, dan kunt u niet meer gebruikmaken van de vaststellingsovereenkomst. De Belastingdienst zal uw bezwaarschrift dan in behandeling nemen. U krijgt hierover dan nog een brief van de Belastingdienst.

Vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon (crisisheffing) mogelijk tot 1 december 2013

De Belastingdienst heeft de reactietermijn om via een vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon aan te sluiten bij proefprocedures verlengd tot... Lees meer >

De Belastingdienst heeft de reactietermijn om via een vaststellingsovereenkomst pseudo-eindheffing hoog loon aan te sluiten bij proefprocedures verlengd tot 1 december 2013.

 

Wie bezwaar heeft gemaakt tegen de pseudo-eindheffing hoog loon 2013, heeft het aanbod gekregen om via een vaststellingsovereenkomst aan te sluiten bij proefprocedures. Een klein deel van de werkgevers heeft hierop nog niet gereageerd. Daarom heeft de fiscus de reactietermijn verlengd en kan men nog tot 1 december 2013 gebruikmaken van dit aanbod.

Belastingdienst: ‘Als wij vóór 1 december 2013 geen volledig ingevulde en ondertekende vaststellingsovereenkomst van u hebben gekregen, kunt u niet meer gebruikmaken van de vaststellingsovereenkomst. Wij zullen uw bezwaarschrift dan in behandeling nemen. U krijgt hierover dan nog een brief van ons.’

Zie ook het bericht van de Belastingdienst van 19 juli 2013: Bezwaren pseudo-eindheffing hoog loon 2013 (crisisheffing).

Arrest Hoge Raad scheelt schatkist mogelijk 1 miljard euro

Nederland hoeft geen dividendbelasting terug te betalen aan buitenlandse beleggingsinstellingen. Met dit oordeel vernietigde de Hoge Raad vrijdag een... Lees meer >

Nederland hoeft geen dividendbelasting terug te betalen aan buitenlandse beleggingsinstellingen. Met dit oordeel vernietigde de Hoge Raad vrijdag een eerdere uitspraak van het gerechtshof in Den Bosch. De uitspraak betekent een meevaller voor de schatkist van mogelijk 1 miljard euro.

In maart vorig jaar had het hof nog beslist dat een in Finland gevestigd beleggingsfonds aanspraak kon maken op teruggaaf van eerder ingehouden dividendbelasting. De staatssecretaris van Financiën ging hiertegen in cassatie bij de Hoge Raad. Die oordeelde vandaag dat een buitenlands fonds niet vergelijkbaar is met een in Nederland gevestigde rechtspersoon.

Het niet verlenen van teruggaaf van ingehouden dividendbelasting was volgens het gerechtshof een willekeurige indirecte discriminatie en in beginsel in strijd met de vrijheid van kapitaalverkeer. Maar de Hoge Raad is het daarmee niet eens.

Volgens accountantsorganisatie KPMG lagen er duizenden vergelijkbare claims en kon de strop voor de schatkist oplopen tot meer dan 1 miljard euro. Financiën wilde geen bedrag noemen. Het ministerie zei dat de dividendbelasting met een opbrengst van 2,5 miljard euro op de begroting staat.

Financiën had voor de rechtbank in Breda in eerste instantie wel gelijk gekregen in de zaak tegen het Finse beleggingsfonds.

Minimumloon voor seizoensarbeiders

De Europese Unie wil het lot verbeteren van seizoenarbeiders van buiten de unie. Een commissie van het Europees Parlement stemde... Lees meer >

De Europese Unie wil het lot verbeteren van seizoenarbeiders van buiten de unie. Een commissie van het Europees Parlement stemde donderdag in met een akkoord dat hierover met de EU-lidstaten werd bereikt. De afspraken moeten een einde maken aan uitbuiting, maar ook voorkomen dat een tijdelijk verblijf permanent wordt.

Jaarlijks komen ruim 100.000 seizoenarbeiders van buiten de EU in de unie werken, schat Brussel. Het hele Europees Parlement (EP) buigt zich begin volgend jaar over het voorstel. Na goedkeuring hebben de lidstaten 2,5 jaar om hun wetgeving aan te passen.

VVD-Europarlementariër Jan Mulder vindt de nieuwe afspraken een goede zaak voor werknemers en werkgevers. “Eindelijk zijn er gemeenschappelijke Europese regels vastgelegd”, zo stelt hij in een verklaring.

“Seizoenarbeid en arbeidsmigratie zijn gevoelige onderwerpen in de Europese en Nederlandse politiek. Bedrijven in de land- en tuinbouw en de toerismesector moeten steeds vaker een beroep doen op arbeidsmigranten van buiten de EU. Dit leidt regelmatig tot uitbuiting, omdat deze werknemers bereid zijn lange dagen te maken tegen een schamel loon.”

Overgangsregeling ontslaggeld ook voor banksparen

Werknemers die hun ontslagvergoeding willen storten op een bankspaarrekening, kunnen ook gebruikmaken van de overgangsregeling die geldt in 2014.... Lees meer >

Werknemers die hun ontslagvergoeding willen storten op een bankspaarrekening, kunnen ook gebruikmaken van de overgangsregeling die geldt in 2014. Dat heeft staatssecretaris Weekers woensdag laten weten in de Tweede Kamer, zo meldt De Telegraaf.

Onder fiscalisten bestond de indruk dat werknemers die kiezen voor banksparen oneerlijk worden behandeld ten opzichte van degenen die gaan voor de variant van een stamrecht-bv. Zij concludeerden dit op basis van uitspraken van het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP) van de fiscus. Daarmee ging het aanspreekpunt lijnrecht in tegen de suggestie die Weekers eerder in de Tweede Kamer deed.

Oude woning staat nog te koop; hoe lang blijft hypotheekrente aftrekbaar?

Ik heb eind 2011 een nieuwe woning moeten kopen, omdat mijn bedrijf werd verplaatst. Begin 2012 ben ik daar... Lees meer >

Ik heb eind 2011 een nieuwe woning moeten kopen, omdat mijn bedrijf werd verplaatst. Begin 2012 ben ik daar naar toe verhuisd en heb mijn oude woning te koop gezet. De verkoop vlot niet erg, maar ik hoop dat het, gelet op alle ontwikkelingen, snel beter gaat. Op dit moment trek ik de rente van de te koop staande woning af. Hoe lang kan ik dat blijven doen?

Normaal blijft een te koop staande woning gedurende het lopende kalenderjaar en twee jaar daarna nog een eigen woning, waardoor u ook over deze periode de hypotheekrente kunt aftrekken. Door de economische recessie heeft de staatssecretaris de termijn van twee jaar (t/m 2014) naar drie jaar verlengd. De termijn gaat pas lopen op het moment dat de woning niet meer het hoofdverblijf is. De termijn eindigt na afloop van het derde volledige kalenderjaar. 

In uw voorbeeld gaat de termijn lopen van begin 2012 t/m 31 december 2015. Als echter tussentijds de woning niet langer bestemd is voor de verkoop, ‘verhuist’ op dat moment de woning naar box 3 (sparen en beleggen) en is de hypotheekrente niet meer aftrekbaar. Dit speelt bijvoorbeeld als u de woning gaat verhuren. Indien deze verhuur voor 31 december 2015 weer zou eindigen, kunt u nog vanaf het einde van de verhuurperiode tot 31 december 2015 de hypotheekrente aftrekken. Is de woning na 3 jaar (in uw geval vóór 2016) niet verkocht, dan is de rente niet meer aftrekbaar, en geeft u de woning en de schuld aan in box 3.

Stamrecht: de regels op een rij

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft op verzoek van de Tweede Kamer de voorwaarden rond het bestaand stamrecht in een... Lees meer >

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft op verzoek van de Tweede Kamer de voorwaarden rond het bestaand stamrecht in een brief uiteengezet.

De brief van Weekers schept duidelijkheid in de discussie over de datum waarop de ‘oude’ stamrechtregeling vervalt. Aanspraken die aan de volgende drie voorwaarden voldoen komen in aanmerking voor de toepassing van het overgangsrecht voor de stamrechtvrijstelling:

1: Overeenkomst
Vóór 1 januari 2014 moet een stamrechtovereenkomst getekend zijn. Uit de overeenkomst moet duidelijk blijken dat de werkgever aan zijn werknemer een aanspraak toekent op periodieke uitkeringen ter vervanging van gederfd of te derven loon, of een aanspraak op periodieke uitkeringen die ingaan bij het overlijden van de werknemer en toekomen aan zijn echtgenoot of kinderen die de leeftijd van 30 jaar nog niet hebben bereikt. De periodieke uitkeringen mogen niet later ingaan dan in het jaar waarin de werknemer de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt. Dit is conform de wettelijke regeling voor de stamrechtvrijstelling.

2: Bij wet aangewezen aanbieder
Uit de overeenkomst dient tevens te blijken dat het bedrag ter financiering van de aanspraak bij een in de wet aangewezen aanbieder wordt ondergebracht.

3: Ontslagdatum
Op 31 december 2013 dient de ontslagdatum vast te staan. Dit betekent niet dat de ontslagdatum in 2013 gelegen dient te zijn. Het ontslag moet wel aangezegd zijn vóór 1 januari 2014 en binnen een korte termijn uitgevoerd worden. Van een korte termijn is volgens Weekers in ieder geval sprake als het gaat om de wettelijke opzegtermijn, met een maximum van 6 maanden, dus tot uiterlijk 30 juni 2014. Aanmelding van een sociaal plan bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is niet van belang voor de afbakening, omdat een stamrechtaanspraak ook buiten een sociaal plan toegezegd kan worden.

80%-regeling
Om nog gebruik te kunnen maken van de 80%-regeling in 2014 geldt dat het bedrag ter financiering van het stamrechtaanspraak vóór 15 november 2013 door de werkgever moet zijn overgemaakt. Deze regeling houdt in dat 80% van de uitkering in box 1 wordt belast, het resterende deel is belastingvrij. De na 15 november vastgelegde stamrechtaanspraken komen niet meer in aanmerking voor de 80%-regeling.

Lees ook:
Weekers snijdt laatste stamrecht-bv’s de pas af

BV heeft recht op schadevergoeding kosten rechtsbijstand in bezwaarfase

Volgens A-G IJzerman bij de Hoge Raad heeft een BV recht op schadevergoeding voor kosten van rechtsbijstand in de... Lees meer >

Volgens A-G IJzerman bij de Hoge Raad heeft een BV recht op schadevergoeding voor kosten van rechtsbijstand in de bezwaarfase. De staatssecretaris van Financiën heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de nadere uitspraak van het hof over verzoeken tot schadevergoeding van de BV naar aanleiding van procedures over zes belastingaanslagen. De beroepen daartegen zijn uiteindelijk alle gegrond verklaard.

In al deze zaken heeft de BV binnen de fiscale procedure verzocht om vergoeding op de voet van artikel 8:73 van de Awb van de door haar gemaakte kosten van rechtsbijstand in de bezwaarfase. Het hof heeft die toegekend. In cassatie is in geschil is in hoeverre er plaats is voor die vergoeding. A-G IJzerman heeft een conclusie uitgebracht.

De A-G merkt op dat in casu de zes beroepen uiteindelijk alle gegrond zijn verklaard, ook al is de BV niet op alle geschilpunten in het gelijk gesteld, zodat materieel sprake is van gedeeltelijke gegrondheid. Formeel is het voor het dictum ‘gegrond’ al voldoende dat de BV met betrekking tot tenminste één geschilpunt in het gelijk is gesteld. Dat geldt zowel in de bezwaar- als in de beroepsfase. Aan het vereiste van gegrondverklaring in artikel 8:73 Awb is volgens de A-G dus voldaan.

Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de (fiscale) bestuursrechter die een vordering tot schadevergoeding op basis van artikel 8:73 Awb beoordeelt binnen een (fiscaal)bestuursrechtelijke procedure, dezelfde criteria dient toe te passen als de burgerlijke rechter. Volgens de A-G is materieel voldaan aan de vereisten voor de toekenning van een schadevergoeding op grond van artikel 6:162 BW. Civielrechtelijk wordt geen onderscheid gemaakt tussen het in de bezwaar- of beroepsfase constateren van de onjuistheid van het primaire besluit, zodat naar burgerlijk recht zowel de kosten van rechtsbijstand voor de bezwaar- als de beroepsfase voor vergoeding in aanmerking komen.

De A-G wijst erop dat het doelmatiger is die vordering al in een lopende fiscale procedure te laten beoordelen door de belastingrechter. Daarvan uitgaande vindt de A-G het juist dat het hof de schadevergoeding voor kosten in de bezwaarfase onder toepassing van artikel 8:73 Awb heeft toegekend. Een verzoek om schadevergoeding wegens rentederving is volgens de A-G toewijsbaar vanaf het moment dat een onrechtmatig gebleken besluit schade tot gevolg heeft. Het beroep in cassatie van de staatssecretaris dient ongegrond te worden verklaard.

Na echtscheiding betaalde uitgestelde bruidsschat kwalificeert als afkoopsom voor alimentatie

Het Soennitische Religieuze Hof in Beiroet bevestigt op 1 oktober 2009 de echtscheiding van een man en een vrouw.... Lees meer >

Het Soennitische Religieuze Hof in Beiroet bevestigt op 1 oktober 2009 de echtscheiding van een man en een vrouw. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de na de echtscheiding door de man aan zijn ex betaalde uitgestelde bruidsschat aftrekbaar is als afkoopsom voor alimentatie.

 

Het stel trouwt op 25 maart 2008 te Libanon. Op 1 oktober 2009 bevestigt het Soennitische Religieuze Hof in Beiroet de echtscheiding. Bij hun huwelijk was een ‘delayed dowry’ (uitgestelde bruidsschat) van 200 Engelse gouden ponden afgesproken. De man betaalt dat bedrag aan haar uit in euro’s en brengt het bedrag van € 28.800 in zijn aangifte IB 2009 in aftrek als afkoopsom voor alimentatie. Als de inspecteur de aftrekpost weigert gaat de man in beroep.

Hof Arnhem-Leeuwarden bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Het hof beslist dat het aannemelijk is dat de tussen man en de echtgenote overeengekomen ‘delayed dowry’ tot doel heeft om bij te dragen in de kosten van levensonderhoud van de echtgenote na de beëindiging van het huwelijk. Daar doet volgens het hof niet aan af dat de verschuldigdheid al bij het aangaan van het huwelijk is overeengekomen, omdat de mogelijkheid zeer reëel is dat de echtgenote behoefte heeft aan een voorziening voor haar levensonderhoud bij beëindiging van het huwelijk, of dat nu door echtscheiding of door overlijden van de man is. Aangezien de voorziening in het levensonderhoud bij uitstek vraagt om periodieke uitkeringen en/of verstrekkingen, acht het hof het aannemelijk dat de eenmalige betaling om in het levensonderhoud te voorzien in de plaats komt van periodieke uitkeringen en/of verstrekkingen. De betaling aan de ex-echtgenote is volgens het hof dan ook aan te merken als een afkoopsom van dergelijke periodieke uitkeringen en verstrekkingen.

 

Zwartspaarders biechten 552 miljoen euro op

Zwartspaarders hebben dit jaar 552 miljoen euro aan eerder verzwegen vermogen opgebiecht bij de Belastingdienst. Ze moeten hierover alsnog... Lees meer >

Zwartspaarders hebben dit jaar 552 miljoen euro aan eerder verzwegen vermogen opgebiecht bij de Belastingdienst. Ze moeten hierover alsnog belasting betalen, maar geen boete. Het gaat om 1272 mensen.

Inkeerregeling

Staatssecretaris Frans Weekers van Financiën heeft dat maandag bekendgemaakt. Hij versoepelde de inkeerregeling in september tijdelijk. Wie zich voor 1 juli volgend jaar meldt bij de fiscus, krijgt geen boete over zijn spaargeld. Sinds die aankondiging hebben bijna 500 mensen zich alsnog gemeld. ,,De tijdelijke versoepeling van de inkeerregeling is succesvol. Het geeft de mensen net dat laatste zetje om zich te melden bij de Belastingdienst”, aldus Weekers.

Schatkist

Sinds 2009 hebben ruim 11.000 mensen zich gemeld bij de Belastingdienst, met in totaal bijna 4 miljard euro aan verzwegen vermogen. Dit levert de schatkist structureel bijna 48 miljoen euro per jaar op.

Nieuw heffingssysteem

De inkeerregeling is tijdelijk versoepeld omdat er een nieuw heffingssysteem komt voor de inkomstenbelasting. In dit nieuwe systeem krijgen goedwillenden eerder duidelijkheid van de fiscus. De regels voor kwaadwillenden worden strenger. Zij kunnen nog 12 jaar worden aangeslagen voor verzwegen inkomen en vermogen.

In aanloop naar dit nieuwe systeem krijgen zwartspaarders tijdelijk de kans om boeteloos schoon schip te maken. Vanaf 1 juli 2014 geldt de huidige regeling weer. De boete bedraagt dan 30 procent van de ontdoken belasting. Vanaf 1 juli 2015 wordt de inkeerregeling verder aangescherpt; de boete wordt dan 60 procent van de ontdoken belasting.

Kentekencard per 1 januari ingevoerd

Vanaf 1 januari 2014 is het kentekenbewijs op creditcardformaat een feit. Deze nieuwe kaart vervangt het tweedelige papieren kentekenbewijs.... Lees meer >

Vanaf 1 januari 2014 is het kentekenbewijs op creditcardformaat een feit. Deze nieuwe kaart vervangt het tweedelige papieren kentekenbewijs. Het nieuwe kentekenbewijs is gebruiksvriendelijker en minder fraudegevoelig. Minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) heeft het besluit getekend dat invoering van de kentekencard per 1 januari 2014 mogelijk maakt. 

Schultz: “Binnenkort  hoeft niemand meer die papieren  in de  auto te hebben. Het nieuwe kentekenbewijs past gewoon in je portemonnee. En het is niet alleen veel handzamer: de kaart  is ook lastiger na te maken en daarmee minder gevoelig voor fraude.”

Op de nieuwe kentekencard met chip staan de gegevens van zowel het voertuig als de kentekenhouder. Nu staan die op de twee afzonderlijke delen van het papieren kentekenbewijs. In plaats van het huidige overschrijvingsbewijs krijgt de eigenaar van het voertuig bij de tenaamstelling een tenaamstellingscode. Deze code is nodig als het voertuig van eigenaar wisselt, geschorst, gesloopt of geëxporteerd wordt. Vanwege de veiligheid worden de kentekencards niet bij voertuigbedrijven of postkantoren, maar alleen centraal bij de RDW aangemaakt. De kaart maakt ook het doorverhandelen van gekloonde voertuigen moeilijker. Bij klonen krijgt een gestolen auto hetzelfde kenteken als een auto van hetzelfde merk en type.

De kentekencard houdt hetzelfde tarief als het papieren kentekenbewijs en gaat gelden voor alle voertuigcategorieën. De kaart wordt geleidelijk ingevoerd. Nieuwe voertuigen krijgen vanaf 1 januari bij aflevering een kentekencard. Bestaande voertuigen krijgen een kentekencard als het voertuig op naam van een nieuwe eigenaar overgeschreven wordt. Of als het bestaande kentekenbewijs om andere redenen tussentijds vervangen moet worden. De verwachting is dat in 2019 alle papieren kentekenbewijzen zijn vervangen door kentekencards.

Met de wetswijziging is ook geregeld dat mensen op termijn op meer plekken hun voertuig op naam kunnen zetten. Er is een aparte regeling gemaakt waardoor het ook voor andere geïnteresseerde partijen mogelijk wordt kentekencards uit te geven. Als geregeld is dat de handhavende instanties altijd online toegang kunnen hebben tot het kentekenregister kan ook de toonplicht van het kentekenbewijs in Nederland verdwijnen. 

De algehele wijziging levert daarmee uiteindelijk een flinke besparing op van de administratieve lasten voor bedrijven en burgers. Het gaat op termijn om een jaarlijkse besparing van 24 miljoen euro aan administratieve lasten.

Staatssecretaris Weekers treft overgangsregeling voor Nederlandse gepensioneerden in Duitsland

Staatssecretaris van Financiën Frans Weekers wil een overgangsregeling treffen voor in Duitsland wonende gepensioneerden met een Nederlands pensioen. Dat... Lees meer >

Staatssecretaris van Financiën Frans Weekers wil een overgangsregeling treffen voor in Duitsland wonende gepensioneerden met een Nederlands pensioen. Dat heeft hij in een Nota van Wijziging aan de Tweede Kamer laten weten. Het vorig jaar getekende nieuwe belastingverdrag met Duitsland pakt voor een deel van de gepensioneerden nadelig uit. Om deze groep tegemoet te komen heeft de Staatssecretaris voorzien in een overgangsregeling van zes jaar waarin op deze pensioenen tijdelijk een lager belastingtarief van toepassing is.

Het nieuwe belastingverdrag met Duitsland bevat belangrijke wijzigingen voor de belastingheffing van gepensioneerden. Gepensioneerden met een pensioen, lijfrente of socialezekerheidsuitkering van in totaal meer dan € 15.000, gaan belasting betalen in het land waaruit die betalingen afkomstig zijn. Voor een groep gepensioneerden die in Duitsland wonen en een Nederlands pensioen genieten, betekent dit dat zij in Nederland belasting moeten gaan betalen. Deze wijziging is voor een deel van deze gepensioneerden nadelig, omdat Duitsland minder belasting heft over deze pensioenen dan dat Nederland met het nieuwe belastingverdrag gaat doen. Weekers: “Ik vind het belangrijk dat deze groep gepensioneerden de tijd krijgt om zich aan deze situatie aan te passen. Daarom wil ik voorzien in een overgangsregeling voor zes jaar om de gevolgen van deze overgang van het heffingsrecht geleidelijker te laten verlopen.”

Het nieuwe belastingverdrag met Duitsland moet nog worden goedgekeurd door het parlement en zal naar verwachting per 1 januari 2015 in werking treden.

Rekenregels januari 2014

In deze rekenregels zijn het bruto wettelijk minimumloon, de sociale premies, belastingtarieven en heffingskortingen per 1 januari 2014 opgenomen.... Lees meer >

In deze rekenregels zijn het bruto wettelijk minimumloon, de sociale premies, belastingtarieven en heffingskortingen per 1 januari 2014 opgenomen. Deze premies en tarieven zijn relevant voor de uitkeringsbedragen die via de netto-netto koppeling worden vastgesteld.

Weekers zet voorwaarden afbakening bestaand stamrecht op een rij

In een brief aan de Tweede Kamer heeft staatssecretaris Weekers van Financiën de voorwaarden voor afbakening van een op... Lees meer >

In een brief aan de Tweede Kamer heeft staatssecretaris Weekers van Financiën de voorwaarden voor afbakening van een op 31 december 2013 bestaand stamrecht uiteengezet. Aanspraken die aan drie voorwaarden voldoen komen in aanmerking voor toepassing van het overgangsrecht voor de stamrechtvrijstelling.

Ten eerste dient de stamrechtovereenkomst vóór 1 januari 2014 getekend te zijn. Ten tweede dient uit die overeenkomst te blijken dat het bedrag ter financiering van de aanspraak bij een in de wet aangewezen aanbieder wordt ondergebracht. Ten derde dient op 31 december 2013 de ontslagdatum vast te staan. Het ontslag moet zijn aangezegd vóór 1 januari 2014 en binnen een korte termijn uitgevoerd te worden.

Om gebruik te kunnen maken van de 80%-regeling in 2014 geldt nog de aanvulling dat het bedrag vóór 15 november 2013 door de werkgever moet zijn overgemaakt.

Ook gaat de staatssecretaris in de brief in op de situatie dat één van de echtgenoten een schenking van € 100.000 krijgt die bestemd is voor aflossing van de eigenwoningschuld maar waaraan een uitsluitingsclausule verbonden is. Als er een gemeenschap van goederen is kan bij echtscheiding een eigenwoningreserve ontstaan voor elk van de echtgenoten. Met de vergoedingsvordering van de begiftigde echtgenoot op de huwelijksgemeenschap wordt fiscaal geen rekening gehouden.

Verder gaat Weekers uitgebreid in op vragen over de energiebelastingen en de leidingwaterbelasting. Tenslotte reageert hij op vragen over de wetsvoorstellen Overige fiscale maatregelen 2014 en Wet aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit.

Fiscus sleept SMS Parking voor rechter om parkeergegevens leaserijders

De Belastingdienst heeft het bedrijf SMS Parking voor de rechter gesleept omdat de mobiele parkeerder weigert parkeergegevens te verstrekken.... Lees meer >

De Belastingdienst heeft het bedrijf SMS Parking voor de rechter gesleept omdat de mobiele parkeerder weigert parkeergegevens te verstrekken. De fiscus hoopt via die gegevens te achterhalen of leaserijders niet meer privékilometers hebben gereden dan ze hebben opgegeven. Zowel de Belastingdienst als het bedrijf hebben berichtgeving daarover op nrc.nl vrijdag bevestigd.

Directeur Mladen Ciric van SMS Parking (150.000 gebruikers) vindt niet dat hij zomaar alle gegevens moet afgeven van al zijn klanten over waar en wanneer ze in 2012 parkeerden. ‘Ik ben dat niet van plan, als het de Belastingdienst uiteindelijk gaat om een paar leaserijders. Ik weet ook niet of de Belastingdienst daartoe is gerechtigd. Bovendien heb ik over privacy afspraken met de klanten gemaakt, via de algemene voorwaarden. Het is een principekwestie.’

Maar ook voor de Belastingdienst is het een principezaak. Een woordvoerder: ‘Bedrijven moeten inzage geven in informatie die te maken heeft met hun bedrijfsvoering.’ De woordvoerder bevestigt dat het te doen is om gegevens van leaserijders. Het gaat om een civiele procedure.

Aanpassing nihiltarief zuinige personenauto’s per 1 januari 2014

Hebt u een personenauto waarvan de CO2-uitstoot niet hoger is dan 50 gram per kilometer? Dan betaalt u ook... Lees meer >

Hebt u een personenauto waarvan de CO2-uitstoot niet hoger is dan 50 gram per kilometer? Dan betaalt u ook na 1 januari 2014 geen motorrijtuigenbelasting. Het maakt niet uit wat voor een motor uw personenauto heeft.

Heeft uw personenauto een CO2-uitstoot die hoger is dan 50 gram per kilometer? Kijk dan in de rekenhulp motorrijtuigenbelasting bij Personenauto hoeveel motorrijtuigenbelasting u moet betalen.

Btw-heffing particulieren met zonnepanelen: vraag en antwoord

Het ministerie van Financiën heeft vandaag een lijst gepubliceerd van veel gestelde vragen en antwoorden over btw-heffing bij particulieren... Lees meer >

Het ministerie van Financiën heeft vandaag een lijst gepubliceerd van veel gestelde vragen en antwoorden over btw-heffing bij particulieren met zonnepanelen.

 

De volgende 14 vragen over de btw-heffing worden beantwoord:

1) Vanaf welk moment word ik door de Belastingdienst als btw-ondernemer aangemerkt?

2) Wanneer is sprake van een vergoeding?

3) Kan ik er ook voor kiezen om geen ondernemer te worden?

4) Moet ik mij altijd bij de Belastingdienst melden als ondernemer?

5) Wat is de Kleine-ondernemersregeling?

6) Ik heb mijn zonnepanelen vóór 1 april 2013 laten aanbrengen, heb ik nog recht op aftrek van btw voor de aanschaf en installatie van die panelen?

7) Ik heb mijn zonnepanelen op of na 1 april 2013 maar vóór 20 juni 2013 laten aanbrengen, heb ik nog recht op aftrek van btw voor de aanschaf en installatie van die panelen?

8) Ik heb mijn zonnepanelen op of ná 20 juni 2013 laten aanbrengen maar mij nog niet aangemeld bij de Belastingdienst. Kan ik de btw dan nog terugkrijgen op de aanschaf van de zonnepanelen?

9) Welk deel van de btw op de zonnepanelen krijg ik terug?

10) Waarover ben ik btw verschuldigd?

11) Hoe bereken ik de (aftrek van) btw over het jaar van aanschaf en installatie van zonnepanelen?

12) Wat moet ik doen voor de volgende jaren?

13) Ben ik btw verschuldigd over de subsidie die ik heb ontvangen?

14) De zonnepanelen maken deel uit van een (huwelijks)

Jaarstukken deponeren verplicht

Bv’s zijn verplicht elk jaar hun jaarrekening te deponeren bij de Kamer van Koophandel. De jaarrekening moet uiterlijk 13... Lees meer >

Bv’s zijn verplicht elk jaar hun jaarrekening te deponeren bij de Kamer van Koophandel. De jaarrekening moet uiterlijk 13 maanden na afloop van het boekjaar gedeponeerd worden, dus voor 31 januari 2014. Behalve voor bv’s geldt dit ook voor sommige andere rechtspersonen.

Als niet aan deze verplichting wordt voldaan, kan de Belastingdienst/Unit Ordening een boete opleggen. Bovendien kan bij een faillissement van de bv de bestuurder persoonlijk aansprakelijk worden gesteld. Meer informatie over deponeren

Deponeren via SBR

Let op: de komende jaren gaat er het nodige veranderen in de manier waarop jaarrekeningen kunnen worden gedeponeerd. Vanaf boekjaar 2016 is SBR de norm voor het deponeren van de jaarrekening en is deponeren op papier niet langer mogelijk. In aanloop daar naartoe kan de KvK vanaf 1 januari 2014 geen jaarrekeningen bedrijfsklasse klein meer accepteren die via e-mail worden verstuurd. Het alternatief is SBR. Meer informatie: www.kvk.nl/sbr

Nieuwsbrief loonheffingen 2014

De eerste uitgave van de nieuwsbrief loonheffingen 2014 kan op de website van de Belastingdienst gedownload worden. Informatie nieuwe... Lees meer >

De eerste uitgave van de nieuwsbrief loonheffingen 2014 kan op de website van de Belastingdienst gedownload worden.

Informatie nieuwe regels

In deze nieuwsbrief staat informatie over de nieuwe regels vanaf 1 januari 2014 voor het inhouden en betalen van de loonheffingen. Bij de samenstelling van de nieuwsbrief is de besluitvorming over een aantal nieuwe regelingen nog niet afgerond. Ook de tarieven en percentages voor 2014 zijn nog niet bekend. Er verschijnen daarom verschillende uitgaven van de nieuwsbrief. In latere uitgaven wordt de nieuwsbrief aangevuld met nieuwe informatie en worden eerder gepubliceerde onderwerpen gewijzigd als daar veranderingen in zijn.

De nieuwsbrief gaat over de volgende onderwerpen:

Aanpassing van het partnerbegrip

Het partnerbegrip is o.a. van belang voor de aanmerkelijkbelanghouder. Als de aanmerkelijkbelanghouder en zijn partner op hetzelfde adres staan ingeschreven, en als de aanmerkelijkbelanghouder of de partner een minderjarig kind hebben dat op hetzelfde adres staat ingeschreven, dan moeten de aanmerkelijkbelanghouder en de partner allebei meerderjarig zijn om fiscaal partner te kunnen zijn.

Red: Hoewel de tekst spreekt van aanmerkelijkbelanghouder nemen wij aan dat hier de belastingplichtige in het algemeen wordt bedoeld.

Regeling van vrije vergoeding en verstrekkingen een jaar verlengd

In 2014 kan nog gebruikgemaakt worden van de regeling van vrije vergoedingen en verstrekkingen.

Pseudo-eindheffing hoge lonen (crisisheffing) een jaar verlengd

De crisisheffing blijft bestaan in 2014. De regeling is inhoudelijk niet veranderd. 

Afschaffen afdrachtvermindering onderwijs

De afdrachtvermindering onderwijs vervalt vanaf 1 januari 2014. De subsidie-regeling van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap komt hiervoor in de plaats.

Aanpassingen afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk

De verrekeningsmogelijkheden voor de afdrachtvermindering S&O worden per 1 januari 2014 verruimd. Het bedrag van de afdrachtvermindering kan nu alleen verrekend worden met de tijdvakken die binnen de periode van de S&O-verklaring vallen. Vanaf 1 januari 2014 mag het restant verrekend worden met alle tijdvakken waarin de S&O-verklaring geldt. 

Aangifte loonheffingen: veranderingen en aandachtspunten

De belangrijkste veranderingen in de aangifte loonheffingen 2014 zijn onder andere het vervallen en niet gebruiken van bepaalde codes. Andere belangrijke aandachtspunten zijn onder andere:

– het aantal loonuren bij niet-opgenomen uitbetaalde vakantie-uren en de afronding van uren
– de codes reden geen bijtelling auto bij gelijktijdig twee of meer auto’s van de zaak
– toepassen van nieuwe cao-codes
– samenloop van witte en groene tabel bij één inkomstenverhouding
– begin- einddatum inkomstenverhouding bij uitzendkrachten

Download:

Nieuwsbrief_loonheffingen_2014_versie1.pdf

Maximale lening voor woning omlaag

Het maximale bedrag dat iemand op grond van zijn inkomen mag lenen om een huis te kopen, gaat volgend... Lees meer >

Het maximale bedrag dat iemand op grond van zijn inkomen mag lenen om een huis te kopen, gaat volgend jaar voor bepaalde inkomensgroepen opnieuw omlaag. Afhankelijk van de hoogte van de hypotheekrente, kan het voor hogere inkomens om tienduizenden euro’s gaan. Dat blijkt uit de zogenoemde financieringslastpercentages die het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) voor 2014 heeft vastgesteld.

De beperking is volgens het Nibud nodig omdat de koopkracht volgend jaar opnieuw afneemt. Het levensonderhoud wordt voor veel huishoudens duurder, waardoor er minder geld beschikbaar is voor de financiering van een eigen woning. Banken zijn verplicht de Nibud-percentages bij het verstrekken van een hypotheek te hanteren.

Door de aanpassingen mag bijvoorbeeld iemand met een bruto-inkomen van 45.000 euro volgend jaar 11.000 euro minder lenen en iemand met een inkomen van 100.000 euro circa 25.000 euro minder. In beide gevallen is gerekend met een hypotheekrente van 4,2 procent voor een lening van 10 jaar.

Bij een hogere rente stijgt het maximale leenbedrag omdat dan ook de hypotheekaftrek hoger uitvalt, aldus een Nibud-woordvoerder woensdag in een toelichting.

Depotservice vervangt G-rekeningen vanaf 1 juli 2014

De startdatum voor de gefaseerde overgang naar de Depotservice is 1 juli 2014. Er zijn eerdere berichten dat de... Lees meer >

De startdatum voor de gefaseerde overgang naar de Depotservice is 1 juli 2014. Er zijn eerdere berichten dat de Depotservice vanaf januari 2014 de G-rekeningen zou vervangen. Deze datum is verschoven, zo meldt de Belastingdienst vandaag.

Belastingdienst: ‘Hebt u een G-rekening? Dan vervangen wij uw G-rekening door een depot. De omzetting naar het depot doen wij gefaseerd van 1 juli 2014 tot 1 juli 2015. Het depot komt beschikbaar via de Depotservice op onze internetsite. Deze service start op het moment dat wij met de omzetting van de G-rekeningen beginnen. U krijgt van te voren bericht wanneer uw G-rekening wordt omgezet naar een depot.’

Staatssecretaris Weekers: Versoepeling inkeerregeling is een succes

Dit jaar hebben al 1272 zwartspaarders hun verzwegen vermogen opgebiecht bij de Belastingdienst. Tot nu toe gaat het om... Lees meer >

Dit jaar hebben al 1272 zwartspaarders hun verzwegen vermogen opgebiecht bij de Belastingdienst. Tot nu toe gaat het om een vermogen van bijna 552 miljoen euro. Staatssecretaris Weekers van Financiën: De tijdelijke versoepeling van de inkeerregeling is succesvol. Het geeft de mensen net dat laatste zetje om zich te melden bij de Belastingdienst.

Op 2 september heeft staatssecretaris Weekers de inkeerregeling tijdelijk versoepeld. Wie zichzelf voor 1 juli 2014 vrijwillig meldt bij de fiscus, hoeft geen boete te betalen. Vanaf 2 september hebben bijna 500 mensen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid.

Vanaf 2009 hebben zich ruim 11000 inkeerders gemeld bij de Belastingdienst met een totaal aan ingekeerd vermogen van bijna 4 miljard euro. Dit levert de schatkist een structurele opbrengst op van bijna 48 miljoen euro per jaar.

De inkeerregeling is tijdelijk versoepeld omdat er een nieuw heffingssysteem komt voor de inkomstenbelasting. In dit nieuwe systeem krijgen goedwillenden eerder duidelijkheid van de fiscus. De regels voor kwaadwillenden worden echter strenger. Zij kunnen nog 12 jaar worden aangeslagen voor verzwegen inkomen en vermogen. In de aanloop naar dit nieuwe heffingsysteem krijgen zwartspaarders de kans om tijdelijk boeteloos schoon schip te maken. Vanaf 1 juli 2014 geldt de huidige inkeerregeling weer. De boete bedraagt dan 30% van de ontdoken belasting. Vanaf 1 juli 2015 wordt de inkeerregeling verder aangescherpt; de boete bedraagt dan 60% van de ontdoken belasting.

Wettelijk minimumloon per 1 januari 2014

De brutobedragen van het wettelijk minimumloon en het minimumjeugdloon stijgen 1 januari 2014. Het wettelijk brutominimumloon (WML) voor werknemers... Lees meer >

De brutobedragen van het wettelijk minimumloon en het minimumjeugdloon stijgen 1 januari 2014.

Het wettelijk brutominimumloon (WML) voor werknemers van 23 jaar en ouder bij een volledig dienstverband wordt per 1 januari 2014:

  • € 1.485,65 per maand;
  • € 342,85 per week;
  • € 68,57 per dag.

Zie voor meer informatie (jeugdlonen en uurloon) Staatscourant 31007, van 7 november 2013.

Nieuwsbrief Loonheffingen 2014 gepubliceerd

In de Nieuwsbrief Loonheffingen 2014 vindt u informatie over de nieuwe regels vanaf 1 januari 2014 voor het inhouden en betalen... Lees meer >

In de Nieuwsbrief Loonheffingen 2014 vindt u informatie over de nieuwe regels vanaf 1 januari 2014 voor het inhouden en betalen van de loonheffingen.

Meerdere uitgaven

Bij de samenstelling van deze nieuwsbrief is de besluitvorming over een aantal nieuwe regelingen nog niet afgerond. Ook de tarieven en percentages voor 2014 zijn nog niet bekend. Er verschijnen daarom verschillende uitgaven van de nieuwsbrief. In elke uitgave staat naast nieuwe informatie ook alle informatie uit de vorige uitgave.

Weekers: Laatste ontslagdatum stamrecht 30 juni 2014

Werknemers die nog gebruik willen maken van de constructie waarbij een ontslagvergoeding in een stamrecht-bv wordt gestort, moeten daarvoor... Lees meer >

Werknemers die nog gebruik willen maken van de constructie waarbij een ontslagvergoeding in een stamrecht-bv wordt gestort, moeten daarvoor hun ontslag uiterlijk 31 december aangezegd krijgen. De ontslagdatum moet uiterlijk op 30 juni volgend jaar liggen. Staatssecretaris Frans Weekers (Financiën) legde dat recent uit in de Tweede Kamer.

Weekers schat in dat er zo voldoende tijd is voor mensen die overwegen een stamrecht-bv op te zetten. De fiscaal gunstige stamrecht-bv verdwijnt per 1 januari.

In de Kamer en bij vakbond CNV waren zorgen over het afschaffen van de regeling, omdat bij reorganisaties soms de uiteindelijke ontslagdatum nog niet bekend is.

Weekers: Tijdelijke premiekorting voor jongere werknemers

In de derde nota van wijziging bij het Belastingplan 2014 introduceert staatssecretaris Weekers van Financiën in de Wet financiering... Lees meer >

In de derde nota van wijziging bij het Belastingplan 2014 introduceert staatssecretaris Weekers van Financiën in de Wet financiering sociale verzekeringen een premiekorting voor jongere werknemers. De regeling is gericht op jongeren van 18 tot 27 jaar die een WW-of bijstandsuitkering ontvangen. 

Het is een regeling van tijdelijke aard die is gericht op nieuwe banen in de periode 1 januari 2014 tot 1 januari 2016. De werkgever ontvangt zolang de betreffende jongere in dienst is twee jaar premiekorting, dus uiterlijk tot en met 31 december 2017. Het moet gaan om banen van ten minste 32 uur per week en er moet ten minste sprake zijn van een halfjaarcontract. De regeling moet in werking treden op 1 juli 2014. Wel komen indiensttredingen vanaf 1 januari 2014 in aanmerking.

Voorts zijn in de derde nota van wijziging een aantal wijzigingen van redactionele en technische aard opgenomen. Het gaat dan onder andere om de 180-dagenregel die niet wordt toegepast als de schenker in 2015 overlijdt, binnen 180 dagen na de in 2014 gedane schenking waarvoor de tijdelijk verruimde schenkingsvrijstelling van € 100.000 is toegepast. Tenslotte wordt de in 2012 afgeschafte afvalstoffenbelasting per 1 april 2014 heringevoerd en niet per 1 oktober 2014, zoals eerder was voorgesteld.

Informatie Belastingdienst over overgangsrecht stamrechtvrijstelling

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014 en waarop de... Lees meer >

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014 en waarop de stamrechtvrijstelling van toepassing is, geldt overgangsrecht, zo laat de Belastingdienst begin november weten.

Deze stamrechten blijven bestaan onder de huidige voorwaarden. Belastingdienst: ‘Daarnaast mag u in 2014 deze stamrechten in de volgende 2 situaties in 1 keer uitkeren, waarbij u loonheffingen inhoudt over 80% van de uitkering:

  • U stort de uitkering ter vervanging van gederfd of te derven loon (bijvoorbeeld een ontslaguitkering) vóór 15 november 2013 op de rekening van de stamrecht-bv, bank, beleggingsinstelling of verzekeraar.
  • U bent werkgever en treedt zelf op als verzekeraar van het stamrecht. Ook verplicht u uzelf vóór 15 november 2013 het stamrecht te verzekeren.’

Meer informatie over het vervallen van de stamrechtvrijstelling en de mogelijkheid tot een eenmalige uitkering is te vinden in de 2e uitgave van de ‘Nieuwsbrief loonheffingen 2014’, die begin december verschijnt.

Voorlopige aanslag 2014

Vanaf begin november kunt u op de website van de Belastingdienst alles lezen over de voorlopige aanslag 2014. Wilt... Lees meer >

Vanaf begin november kunt u op de website van de Belastingdienst alles lezen over de voorlopige aanslag 2014.

Wilt u meer weten over de voorlopige aanslag 2014? Bijvoorbeeld:

  • Wanneer is het verstandig om uw voorlopige aanslag 2014 te wijzigen of stop te zetten?
  • Wanneer vraagt u een voorlopige aanslag 2014 aan?
  • Hoe kunt u een voorlopige aanslag 2014 wijzigen, stopzetten of aanvragen?

U leest het bij Voorlopige aanslag 2014

Het programma ‘Verzoek of wijziging voorlopige aanslag 2014’ is pas half november beschikbaar. Dit geldt ook voor het formulier ‘Verzoek of wijziging voorlopige aanslag 2014 voor buitenlandse belastingplichtigen’. Wanneer het programma en het formulier beschikbaar zijn, wordt dat gemeld op de website van de Belastingdienst.

Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente

Staatssecretaris Weekers heeft de schriftelijke vragen van de Tweede Kamerfracties over het wetsvoorstel Wijziging percentages belasting- en invorderingsrente (33... Lees meer >

Staatssecretaris Weekers heeft de schriftelijke vragen van de Tweede Kamerfracties over het wetsvoorstel Wijziging percentages belasting- en invorderingsrente (33 755) beantwoord. Daarmee is de schriftelijke voorbereiding voltooid. Het wetsvoorstel kan in beginsel op een ruime Kamermeerderheid rekenen.

Hoofdlijnen voorstel

Op hoofdlijnen houdt het wetsvoorstel het volgende in:

Per 1 januari 2013 is de regeling van de belastingrente in werking getreden en de regeling van de invorderingsrente gewijzigd. Daarbij is voor het rentepercentage voor beide maatregelen aangesloten bij de wettelijke rente voor niet-handelstransacties.

Ondergrens

In het regeerakkoord is met betrekking tot de belasting- en invorderingsrente door de coalitiepartijen overeengekomen om voor de belastingrente voor alle middelen behalve de vennootschapsbelasting en voor de invorderingsrente de wettelijke rente voor niet-handelstransacties te blijven hanteren, maar daarbij een ondergrens van 4% in te voeren.

Tevens hebben de partijen afgesproken het belastingrentepercentage voor de vennootschapsbelasting te koppelen aan de wettelijke rente voor handelstransacties, met dien verstande dat hierbij een ondergrens van 8% wordt ingevoerd.

Januari 2014

In dit wetsvoorstel wordt met ingang van 1 januari 2014 uitvoering gegeven aan deze maatregelen. Zowel voor te vergoeden als voor in rekening te brengen belasting- en invorderingsrente worden deze gewijzigde rentepercentages geïntroduceerd.

Download:

“Nota naar aanleiding van het Verslag Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente”

Schenken in 2013 of in 2014?

Eén van de fiscale maatregelen die op Prinsjesdag bekend zijn gemaakt, is de verhoging van de extra verhoogde schenkingsvrijstelling... Lees meer >

Eén van de fiscale maatregelen die op Prinsjesdag bekend zijn gemaakt, is de verhoging van de extra verhoogde schenkingsvrijstelling naar € 100.000. Deze tijdelijke maatregel is door een Besluit van het Ministerie van Financiën al op 1 oktober jl. van kracht geworden. Deze goedkeuring eindigt op 31 december 2013. Als het Belastingplan 2014 ongewijzigd wordt aangenomen, dan kan ook nog in het kalenderjaar 2014 gebruik gemaakt worden van deze vrijstelling als daar nog niet eerder gebruik van is gemaakt.  

Een belangrijke voorwaarde die aan deze schenkingsvrijstelling is gesteld, is dat deze gebruikt wordt voor de eigen woning. Naast het schenken van een eigen woning wordt daaronder begrepen het schenken van een bedrag waarmee de ontvanger:

  • een eigen woning koopt;
  • kosten voor verbetering of onderhoud van de eigen woning voldoet;
  • het recht van erfpacht, opstal of beklemming afkoopt;
  • een eigenwoningschuld (deels) aflost;
  • een restschuld op een verkochte eigen woning voldoet.

Let op!
Omdat de verhoging slechts tijdelijk is, bestaat de verleiding daar in de fiscale planning optimaal gebruik van te maken. Voordat geschonken wordt, moet echter heel goed bekeken worden of het geld wel gemist kan worden. Het is immers verstandig een bepaalde buffer aan te houden en voorkomen moet worden dat de schenker te zijner tijd in geldnood komt.

Wanneer komt de schenking tot stand?

De overeenkomst van schenking moet bepalen dat de schenking formeel pas tot stand komt op het moment dat de ontvanger het geld voor de eigen woning besteedt. Is het de bedoeling dat de schenking in 2013 plaatsvindt, dan moet de besteding dus uiterlijk op 31 december 2013 hebben plaatsgevonden. Slechts als er sprake is van verbetering of onderhoud van de eigen woning komt de schenking direct tot stand en moet de overeenkomst van schenking bepalen dat de schenking vervalt voor zover het geld niet binnen een bepaalde periode (het lopende kalenderjaar plus twee jaar) is besteed aan de eigen woning.

Er bestaat overigens slechts recht op de schenkingsvrijstelling als daarop bij de aangifte een beroep wordt gedaan.

Schenken in 2013 of in 2014?

Een voordeel van een schenking in 2013 kan zijn dat het geschonken bedrag op 1 januari 2014, de peildatum voor de vermogensrendementsheffing in box 3, niet meer op de bankrekening staat. Dat kan leiden tot een belastingbesparing van maximaal € 1.200.

Een ander argument om al in 2013 te schenken kan zijn om gebruik te kunnen maken van het Besluit, terwijl het formeel de vraag is of het wetsvoorstel Belastingplan 2014 waarin de vrijstelling voor 2014 is neergelegd, ongewijzigd door het parlement wordt aangenomen. Ook bestaat de mogelijkheid dat een ministeriële regeling vanaf 2014 strakkere eisen stelt.

Soms kan het slim zijn te wachten tot 2014. Bijvoorbeeld als de schenking bedoeld is om (een deel van) de hypotheek af te lossen en boeterente bij vervroegde aflossing verschuldigd is. Veel banken hebben al aangegeven deze boeterente niet te berekenen voor zover de woning onder water staat, dat wil zeggen voor zover de hypotheek hoger is dan de WOZ-waarde. Omdat deze WOZ-waarde in januari 2014 opnieuw wordt vastgesteld en deze gelet op de dalende huizenprijzen waarschijnlijk lager zal zijn, zal het bedrag dat boetevrij kan worden afgelost waarschijnlijk toenemen.

Schenken in meerdere termijnen

Het schenken in meerdere termijnen kan een oplossing zijn in gevallen waarbij de ontvanger bijvoorbeeld boeterente wil voorkomen wanneer de gehele schenking direct wordt gebruikt voor het aflossen van de eigenwoningschuld. Het schenken in twee termijnen (deels in 2013, het restant in 2014) is mogelijk als de volgende route wordt bewandeld:

  • In 2013 wordt een schenking gedaan waarbij gebruik gemaakt wordt van de extra verhoogde schenkingsvrijstelling van maximaal € 51.407 voor schenkingen van ouders naar kinderen in de leeftijd tussen 18 en 40 jaar voor de eigen woning;
  • In 2014 wordt een bedrag van maximaal (€ 100.000 minus € 51.407 =) € 48.593 geschonken voor de eigen woning.

Let op!
Deze spreiding van de schenking over twee belastingjaren is uitsluitend mogelijk als het kind in 2013 18 jaar of ouder is en de leeftijd van 40 jaar nog niet heeft bereikt.

Kamermeerderheid voor verlaging belastingtarieven

Het belastingtarief voor de hoogste inkomens gaat op termijn omlaag van 52 naar 49,5 procent. Ook de tarieven in... Lees meer >

Het belastingtarief voor de hoogste inkomens gaat op termijn omlaag van 52 naar 49,5 procent. Ook de tarieven in de tweede en derde belastingschijf zouden dalen.

Dat meldt De Telegraaf. Volgens het dagblad komt het voorstel voor het verlagen van de tarieven van VVD en D66 en kan het rekenen op een meerderheid in de Eerste en Tweede Kamer.

De verlaging van het toptarief dient als compensatie voor maatregelen die vooral huizenbezitters met een hoog inkomen treffen, zoals de strengere hypotheekregels. Het plan wordt ook bekostigd uit het geld dat die maatregelen opleveren. Minister Blok zou wel voelen voor het plan. Hij komt binnenkort met een doorrekening.

De bedoeling is dat de tarieven vanaf 2018 in kleine stapjes omlaaggaan. Ruim twintig jaar later moet het einddoel zijn bereikt: 49,5 procent voor het toptarief en 38 procent in de tweede en derde schijf.

Meer hypothecaire leenruimte

De jaarlijkse inkomenscriteria in de regeling hypothecair krediet worden per 1 januari 2014 aangepast op basis van het advies... Lees meer >

De jaarlijkse inkomenscriteria in de regeling hypothecair krediet worden per 1 januari 2014 aangepast op basis van het advies van het Nibud. Dat schrijven minister Dijsselbloem (Financiën) en minister Blok (Wonen en Rijksdienst) begin november in een brief aan de Tweede Kamer.

Naast de nieuwe inkomenscriteria komt er ook een afwijkingsmogelijkheid voor energieneutrale woningen en woningverbeteringen.

Energieneutrale woningen

Voor energieneutrale (‘nulopdemeter’) woningen mag van de standaard inkomenscriteria (Loan-to-Income (LTI) ratio) worden afgeweken tot een maximumbedrag van 13.500 euro. Deze verruiming sluit aan bij ontwikkelingen in de woningbouw, waar steeds vaker hoge energiebesparing wordt gerealiseerd. Hierdoor is de energienota nihil.

Woningverbeteringen

Op verzoek van de Tweede Kamer is het voor noodzakelijke woningverbetering, waaronder ook funderingsherstel, mogelijk af te wijken van de hoogte van de hypotheek ten opzichte van de woningwaarde (Loan-to-value (LTV) ratio). Deze afwijkingsmogelijkheid geldt voor gevallen waarin het risico op een restschuld voor de consument wordt ondervangen door gemeentelijke regelingen voor noodzakelijke woningverbetering. Dit zal vooral van belang zijn voor consumenten waarbij de waarde van de woning ongeveer gelijk is aan of onder het bedrag ligt van het in het verleden afgesloten hypothecair krediet.

Met de wijzigingen worden op verantwoorde wijze extra financieringsruimte geboden aan consumenten. De wijzigingen treden per 1 januari 2014 in werking.

Restschuld mag mee onder NHG

Huiseigenaren kunnen bij verkoop van hun woning onder voorwaarden een restschuld meefinancieren in een nieuwe hypotheek met Nationale Hypotheek... Lees meer >

Huiseigenaren kunnen bij verkoop van hun woning onder voorwaarden een restschuld meefinancieren in een nieuwe hypotheek met Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) past daarvoor op verzoek van het kabinet de regels aan. Dat schrijft minister Blok (Wonen) eind oktober in een brief aan de Tweede Kamer.

Met het meefinancieren van restschulden onder NHG wil het kabinet mensen nu een zetje geven die graag willen verhuizen, maar dat niet doen omdat ze een restschuld voorzien. Het kabinet wil zo de doorstroming op de woningmarkt verder stimuleren.

De regeling gaat in per 1 januari 2014 en geldt voor restschulden die zijn ontstaan uit de verkoop van een woning die gefinancierd is met NHG. Voorwaarde is verder dat de kosten voor de nieuwe woning én de restschuld onder de actuele  kostengrens van de NHG blijven. Wat daar aan restschuld boven uitstijgt mogen kredietverleners buiten de NHG meefinancieren. De NHG-kostengrens is nu 290.000 euro en wordt per 1 juli 2014 265.000 euro.

Verder gelden voor NHG-hypotheken de gebruikelijke acceptatiecriteria. De lening mag niet te hoog zijn in verhouding tot het inkomen. Voor woningaankoop en bijkomende kosten mag in 2014 tot 104 procent van de aankoopwaarde worden geleend, zoals dat voor alle woningaankopen geldt. Net zoals bij hypotheken zonder NHG het geval is, mag een eventuele restschuld daarbij buiten beschouwing blijven.

De eenmalige en fiscaal aftrekbare premie die woningeigenaren voor een NHG-hypotheek betalen stijgt in 2014 met 0,15 procent naar 1 procent. Met de premies bouwt het WEW met het Rijk als achtervang buffers op om kredietverleners te compenseren voor eventuele verliezen. In ruil voor deze borgstelling betaalt de klant een lagere hypotheekrente. Het rentevoordeel weegt volgens minister Blok ruimschoots op tegen de eenmalige premie die de huizenkoper betaalt.

Het kabinet stelt dat hypotheken op een verantwoorde manier moeten worden verstrekt. In de nieuwe NHG-voorwaarden is daarom bepaald dat kredietverleners een eigen risico hebben van 10 procent op een eventueel  het verlies. Dat eigen risico verdween eerder dit jaar met het verplicht annuitair aflossen van nieuwe hypotheken. Tot 2013 droegen financiers een risico doordat de NHG-garantie annuitair afloopt terwijl de meeste consumenten niet annuitair aflosten.

Stamrecht-bv: uitkering ontslagvergoeding niet voordelig

Duizenden Nederlanders denken ten onrechte dat zij een belastingvoordeel zullen realiseren indien zij hun ontslagvergoeding in 2014 ineens laten... Lees meer >

Duizenden Nederlanders denken ten onrechte dat zij een belastingvoordeel zullen realiseren indien zij hun ontslagvergoeding in 2014 ineens laten uitkeren. Dit meldt de Telegraaf.

Meer inkomstenbelasting

Als de ontslagvergoeding volgend jaar in één keer wordt uitgekeerd, zal er meer inkomstenbelasting moeten worden betaald. Eerder werd gedacht dat als iemand in 2014 zijn bv helemaal leegtrekt, hierover 80 procent inkomstenbelasting betaald moest worden. Nu blijkt volgens de Telegraaf dat dit alleen geldt voor de ”papieren waarde” van de bv. Deze waarde ligt meestal hoger waardoor veel stamrecht-bv’s nu ”onder water staan”.

Fiscus blundert: duizenden overleden ondernemers krijgen brief

De Belastingdienst heeft door een fout een brief verstuurd naar duizenden ondernemers die al jaren dood zijn. Hoe het... Lees meer >

De Belastingdienst heeft door een fout een brief verstuurd naar duizenden ondernemers die al jaren dood zijn. Hoe het zo mis kon gaan, wordt nog onderzocht. Het gaat om ondernemers die voor 2007 stierven.

Dit meldt De Telegraaf. In het schrijven staat de gebruikersnaam waarmee de ondernemers aangifte kunnen doen. En dat ze binnen enkele dagen een tweede keer post zullen ontvangen met hun wachtwoord. De brief belandde op de deurmat van erfgenamen of op het oude adres van hun overleden dierbaren.

Brussel wil één btw-verklaring voor hele EU

Alle 20 miljoen Europese ondernemingen zouden maar met één standaard btw-verklaring te maken moeten hebben. Zo’n eenvoudigere btw-heffing kan... Lees meer >

Alle 20 miljoen Europese ondernemingen zouden maar met één standaard btw-verklaring te maken moeten hebben. Zo’n eenvoudigere btw-heffing kan het bedrijfsleven tot 15 miljard euro per jaar opleveren.

 

Dat stelde de Europese Commissie in Brussel woensdag. Nu verschillen de regelingen rond de btw-teruggave nog van land tot land, met veel papierwerk en daaraan verbonden kosten tot gevolg, aldus Europees Commissaris Algirdas Semeta (Belastingen). Hij noemde de huidige uiteenlopende btw-heffingen een van de grootste obstakels van de Europese markt.

Standaard btw-aangifte

De nieuwe regels voorzien in een uniforme reeks verplichtingen waaraan bedrijven moeten voldoen wanneer zij hun btw-aangiften indienen, ongeacht de lidstaat waar zij dat doen. Dankzij de standaard btw-aangifte — die de nationale btw-aangiften zal vervangen — zullen bedrijven overal in de EU dezelfde basisgegevens moeten verstrekken, binnen dezelfde termijnen. Aangezien eenvoudigere procedures gemakkelijker na te leven zijn en gemakkelijker kunnen worden gehandhaafd, zou het voorstel ook moeten bijdragen tot een betere naleving van de btw-regels en tot hogere btw-inkomsten.

Verschillen

Ieder jaar worden er door de EU-belastingplichtigen in totaal 150 miljoen btw-aangiften bij de nationale belastingdiensten ingediend. Momenteel bestaan er grote verschillen tussen de lidstaten wat betreft de vereiste gegevens, de opmaak van de nationale formulieren en de indieningstermijnen. Voor grensoverschrijdende bedrijven zijn btw-aangiften daarom een complexe, dure en omslachtige aangelegenheid. Bedrijven die actief zijn in meer dan één lidstaat, hebben er ook over geklaagd dat het moeilijk is om in orde te blijven met de btw-verplichtingen omdat die zo complex zijn.

Vijf verplichte vakken

De standaard btw-aangifte die vandaag werd voorgesteld, zal voor een vereenvoudiging zorgen van de gegevens die bedrijven aan de belastingdiensten moeten verstrekken. De aangifte zal slechts vijf verplichte vakken bevatten. De lidstaten krijgen de mogelijkheid om een aantal aanvullende gestandaardiseerde elementen te verlangen, tot maximaal 26 gegevensvakken. Dit is een enorme verbetering ten opzichte van de huidige situatie, waarbij voor een aantal lidstaten tot honderd vakken moeten worden ingevuld.

Geen btw-jaaroverzicht

De standaard btw-aangifte zal maandelijks moeten worden ingediend, behalve door micro-ondernemingen, die dit op kwartaalbasis zullen mogen doen. De verplichting om een btw-jaaroverzicht in te dienen – die in sommige lidstaten nu bestaat -, zal worden afgeschaft. Het voorstel stimuleert ook elektronische indiening; de standaard btw-aangifte zal immers overal in de Unie langs elektronische weg kunnen worden ingediend. Deze grote vereenvoudiging van het btw-aangifteproces ondersteunt het bredere streven van de Commissie om de administratieve lasten te verlagen en belemmeringen voor de handel op de eengemaakte markt weg te nemen.

Rechtsvorm onderneming bepalend voor hoogte belastingrente

De belastingrente voor vennootschapsbelasting gaat vanaf 1 april 2014 fors omhoog van 3% naar minimaal 8%. Voor de inkomstenbelasting... Lees meer >

De belastingrente voor vennootschapsbelasting gaat vanaf 1 april 2014 fors omhoog van 3% naar minimaal 8%. Voor de inkomstenbelasting wordt aangesloten bij de wettelijke rente voor niet-handelstransacties, met een ondergrens van 4%. Door het hanteren van verschillende rentetarieven is de rechtsvorm van de onderneming bepalend voor de hoogte van de rente.

In de nota naar aanleiding van het Verslag bij het wetsvoorstel Wet Wijziging percentages belasting-en invorderingsrente, legt staatssecretaris Weekers van Financiën uit dat het kabinet hier bewust voor gekozen heeft.

In de nota beantwoordt Weekers namens het kabinet de vragen en opmerkingen met  betrekking tot het wetsvoorstel van de Kamerleden van de fracties van PvdA, PVV, SP, CDA, D66 en ChristenUnie.

Crisismaatregelen tweede huis worden jaar verlengd

De tijdelijke crisismaatregelen voor woningbezitters die met een tweede huis zitten dat zij niet verkocht krijgen, blijven ook volgend... Lees meer >

De tijdelijke crisismaatregelen voor woningbezitters die met een tweede huis zitten dat zij niet verkocht krijgen, blijven ook volgend jaar van kracht. Dat heeft staatssecretaris Frans Weekers van Financiën recent bekendgemaakt.

Een woningbezitter met dubbele woonlasten heeft nu 3 jaar lang recht op hypotheekrenteaftrek over beide hypotheken, in plaats van de gebruikelijke 2 jaar. Daarnaast mogen mensen als zij na een periode van verhuur weer met een leeg tweede huis komen te zitten, de financieringskosten voor die woning weer aftrekken.

Beide maatregelen zouden per 1 januari komen te vervallen, maar worden volgens Weekers met een jaar verlengd. Aanleiding is de nog altijd moeilijke situatie op de huizenmarkt. ‘Ik zie dat de woningmarkt lichtjes aan het herstellen is’, zei Weekers. ‘Maar dat herstel is natuurlijk nog wel broos. Ik vind dat de mensen zekerheid moet worden geboden voor het komende jaar.’

De Vereniging Eigen Huis (VEH) waarschuwde vrijdag dat veel huizenbezitters door het wegvallen van de genoemde regelingen in grote problemen dreigden te komen. ‘De VEH wordt op zijn wenken bediend’, zei Weekers. Hij voegde er evenwel aan toe dat hij de verlenging ook voor de oproep van de belangenvereniging al ‘in de pen’ had. De maatregel kost volgens de bewindsman 5 miljoen euro.

Bewijslast kosten privegebruik auto rust op ondernemer

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat een ondernemer niet aannemelijk maakt dat de werkelijke kosten van het privégebruik van een auto... Lees meer >

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat een ondernemer niet aannemelijk maakt dat de werkelijke kosten van het privégebruik van een auto lager zijn dan de kosten die zijn berekend op basis van het forfait. Ofschoon de forfaitaire berekeningswijze volgens de Hoge Raad in strijd is met de Zesde richtlijn, is het toch aan de ondernemer om nadere gegevens te verstrekken.

De ondernemer doet btw-aangifte over het vierde kwartaal van 2008. In deze aangifte heeft hij ter zake van het privégebruik van een tot zijn bedrijfsvermogen behorende auto een forfaitair bedrag aangegeven. In geschil is of art. 15 Uitv. besch. omzetbelasting 1968 in strijd is met het EU-recht. De ondernemer stelt dat de werkelijke kosten van het privégebruik lager zijn dan de forfaitair berekende heffingsmaatstaf. Naar aanleiding van HR 30 november 2012, nr. 08/01579bis is de ondernemer door de rechtbank tot twee keer toe in de gelegenheid gesteld om zijn stelling te onderbouwen.

De rechter oordeelt dat de ondernemer niet aannemelijk maakt dat de werkelijke kosten van het privégebruik lager zijn dan de kosten die zijn berekend op basis van het forfait. Ofschoon de forfaitaire berekeningswijze volgens de Hoge Raad in strijd is met de Zesde richtlijn, is het toch aan de ondernemer om de gegevens te verstrekken die voor de vaststelling van de werkelijke uitgaven voor het privégebruik van de auto nodig zijn. De enkele stelling dat de ondernemer heeft gekozen voor het niet bijhouden van een km-administratie en hij daardoor geen splitsing kan maken in zakelijk en privé, bevrijdt hem niet van de bewijslast in deze. Het beroep van de ondernemer is ongegrond.

Zo schenkt u zoveel mogelijk belastingvrij

U leest hier hoe u zo veel mogelijk belastingvrij kunt schenken. Belastingvrij schenkenOver schenkingen betaalt u schenkbelasting, maar elk... Lees meer >

U leest hier hoe u zo veel mogelijk belastingvrij kunt schenken.

Belastingvrij schenken
Over schenkingen betaalt u schenkbelasting, maar elk jaar is er een vrijgesteld bedrag. Kinderen hebben in 2013 een vrijstelling van € 5.141; voor anderen is dat € 2.057. Bovendien mag u onder bepaalde voorwaarden, sinds 1 oktober eenmalige belastingvrij €100.000 schenken. Als u meer wilt schenken dan het vrijgestelde bedrag kunt u eind december schenken en nog eens begin januari. 

Tip 
U hoeft een vrijgestelde schenking niet vast te leggen, maar het is wel verstandig om bij de bankoverboeking ‘Schenking 2013’ of iets dergelijks te vermelden.

Tip 
Wacht niet tot na kerst met geld overmaken, anders loopt u het risico dat de overboeking formeel na 1 januari wordt geboekt.

Met giften aan goede doelen kunt u misschien beter wachten
Giften aan goede doelen, mits deze voorkomen op de lijst van ANBI’s op de site van de Belastingdienst, zijn aftrekbaar. Bij giften aan culturele instellingen tot € 5.000 mag u zelfs 125 procent van het gegeven bedrag aftrekken van uw inkomen. Een gift van € 2.000 levert dan aan belastingaftrek € 2.500 op.

Drempel: er is voor giften een drempel van 1% van uw verzamelinkomen (het totaal van Box 1, 2 en 3) met een minimum van € 60. Alleen het bedrag waarmee giften boven deze drempel uitstijgen, mag u aftrekken. Voor periodieke giften gedurende minimaal 5 jaar is er geen drempel, mits deze giften zijn vastgelegd. U moet deze periodieke giften dit jaar nog laten vastleggen bij de notaris, maar vanaf 2014 mag u ook zelf een schenkingsovereenkomst opstellen. 

Tip
Als u niet boven de drempel uitkomt, kijk dan of dit wel het geval is als u de geplande giften over meerdere jaren in één jaar concentreert. Geef bijvoorbeeld in plaats van 5 jaar lang € 100 dit jaar eenmalig € 500.

Tip
Vanaf volgend jaar hoeft u niet meer naar een notaris om periodieke giften te laten vastleggen. Wilt u dit jaar nog schenken? Veel goede doelen regelen een (gratis) notaris voor periodieke giften boven een bepaald bedrag. Informeer daarnaar bij het betreffende goede doel.

Zwitserland tekent Oeso-conventie

Ook Zwitserland heeft, naast alle G20-landen, de Oeso-conventie getekend. Deze conventie stimuleert de uitwisseling van belastinggegevens tussen landen. Imago... Lees meer >

Ook Zwitserland heeft, naast alle G20-landen, de Oeso-conventie getekend. Deze conventie stimuleert de uitwisseling van belastinggegevens tussen landen.

Imago

Met de ondertekening van de conventie, probeert Zwitserland zijn imago te verbeteren. Zwitserland staat namelijk bekend om zijn bankgeheim. Hierdoor denkt men dat belastingontwijking eenvoudiger is voor personen en bedrijven.

Belangrijke maatregel

Volgens Stefan Flückiger, de Zwitserse ambassadeur bij de Oeso, bevestigt de ondertekening van de conventie dat Zwitserland bereid is om te strijden tegen belastingfraude en belastingontwijking. Zo meldt het FD.

Regels AOW en samenwonen worden eenvoudiger

Ouderen met een AOW-uitkering die samenwonen maar wel hun eigen (huur)huis hebben waarvoor zij de kosten betalen, worden voortaan... Lees meer >

Ouderen met een AOW-uitkering die samenwonen maar wel hun eigen (huur)huis hebben waarvoor zij de kosten betalen, worden voortaan gezien als niet-samenwonend. Hierdoor ontvangen zij een hogere AOW-uitkering. De regels worden eenvoudiger voor AOW-ers en zijn makkelijker uit te voeren door de SVB. Staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid schrijft dit medio oktober in een brief aan de Tweede Kamer.

Klijnsma: ‘Ik ben blij dat er simpele regels komen. Ongehuwde AOW-ers die een eigen (huur)woning hebben krijgen voortaan 70% AOW, indien ze  een partner hebben die ook eigen (huur)woning heeft. Dit levert meer duidelijkheid op voor de AOW-ers.’ 

De regels zijn complex voor lattende AOW-ers en de controle is arbeidsintensief voor de SVB. Het voorstel zorgt er voor dat de regels eenvoudiger worden en er daardoor meer duidelijkheid komt voor de AOW-ers. De Sociale Verzekeringsbank kan deze regels dan ook makkelijker uitvoeren.

De staatssecretaris verwacht begin volgend jaar het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer aan te bieden. Dan komt er ook meer duidelijkheid over de precieze ingangsdatum van de nieuwe regels. Met dit voorstel gaat ongeveer 25 miljoen per jaar gemoeid.

Een AOW-er die alleen woont en een eigen huurwoning heeft, ontvangt een AOW-uitkering van 70% van het netto minimumloon. Een getrouwde of samenwonende AOW-er ontvangt  50% van het netto minimumloon.

 

Weekers publiceert besluit verhoging schenkvrijstelling

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft een beleidsbesluit gepubliceerd dat een tijdelijke verruiming van de schenkingsvrijstelling voor de eigen woning... Lees meer >

Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft een beleidsbesluit gepubliceerd dat een tijdelijke verruiming van de schenkingsvrijstelling voor de eigen woning betreft. Het besluit loopt vooruit op wetgeving.

Weekers keurt goed dat de vrijstelling voor de schenking voor de eigen woning vanaf 29 oktober 2012 ook kan worden toegepast op een schenking voor de aflossing van de restschuld vervreemde eigen woning.

Tevens keurt de staatssecretaris goed dat voor de periode van 1 oktober 2013 tot en met 31 december 2013 het van schenkbelasting vrijgestelde bedrag verhoogd wordt naar € 100.000 voor schenkingen voor de eigen woning en dat daarbij niet de beperking van toepassing is dat het moet gaan om een schenking van een ouder aan een kind tussen 18 en 40 jaar. Deze goedkeuring loopt vooruit op wetgeving.  

Fiscale maatregelen uit aanvullend pakket

Vrijdag 11 oktober is de Tweede Kamer geïnformeerd over het akkoord tussen kabinet en de oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP... Lees meer >

Vrijdag 11 oktober is de Tweede Kamer geïnformeerd over het akkoord tussen kabinet en de oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP rond de begrotingsafspraken 2014. De zelfstandigenaftrek blijft bestaan en het box 2-tarief gaat naar 22%, maar de BPM wordt vanaf 2015 duurder door aanscherping van de CO2-grenzen.

Hieronder alle fiscale maatregelen uit het aanvulend pakkket op een rij:

  • De verlaging van de zelfstandigenaftrek wordt geheel teruggedraaid.
  • De huidige fiscale voorziening voor chronisch zieken en gehandicapten blijft in aangepaste bestaan.
  • Het box 2-tarief wordt in 2014 incidenteel verlaagd van 25% naar 22%.
  • Het lage btw-tarief voor renovatie en onderhoud wordt verlengd tot eind volgend jaar.
  • De geplande afbouw van de algemene heffingskorting in de vierde schijf wordt teruggedraaid.
  • Het tarief in de eerste schijf wordt in 2014 verlaagd.
  • De geplande verlaging van de MRB vervalt.
  • In de BPM worden vanaf 2015 de CO2-grenzen verder aangescherpt.
  • Het tarief van de belasting op leidingwater wordt verhoogd. Tevens vervalt het maximumverbruik van 300m3 waarover wordt geheven in de leidingwaterbelasting.
  • De heffing op afval storten wordt opnieuw ingevoerd.
  • Verdere verlaging vanaf 2015 van de marge van het gebruikelijk loon.
  • De werkbonus voor werkenden van 61 tot 64 jaar wordt vanaf 1 januari 2015 voor nieuwe gevallen afgeschaft. In 2018 is de werkbonus helemaal verdwenen.
  • Een manier om het fiscaal aantrekkelijk te maken om ‘beklemd vermogen’ vrij te maken, wordt een jaar naar voren gehaald.

Kabinet wil dat ondernemer zichzelf 5 miljard euro uit bv uitkeert

Het kabinet wil dat ondernemers zichzelf volgend jaar circa 5 miljard euro uitkeren uit hun bv`s. Om hen daartoe... Lees meer >

Het kabinet wil dat ondernemers zichzelf volgend jaar circa 5 miljard euro uitkeren uit hun bv`s. Om hen daartoe te verleiden wordt het tarief in box 2 tijdelijk verlaagd met drie procentpunten, naar 22%. Van die 5 miljard aan dividend moet dan 1 miljard naar de schatkist vloeien.

De meningen van fiscalisten over het plan lopen sterk uiteen. Er zit ongeveer 140 miljard euro in bv`s, maar een groot deel is niet liquide en zit in gebouwen en machines. Door de crisis kunnen ondernemers moeilijker aan geld komen om te investeren. Daardoor zijn ze minder snel geneigd om dividend aan zichzelf uit te keren. Vanaf 2015 moeten directeuren-grootaandeelhouders (dga`s) zichzelf een hoger salaris gaan geven. Nu moeten ze zichzelf minstens 43.000 euro per jaar uitkeren, of meer als het gebruikelijk loon hoger ligt. De korting van 30% die daarop nu nog wordt gegeven zal verdwijnen.

De commissie-Van Dijkhuizen stelt tevens voor het vermogen in de bv forfaitair te belasten tegen een tarief van enkele procenten. Dat levert de schatkist 200 miljoen euro per jaar op.

Omkering van de bewijslast

De fiscus beschikt over diverse instrumenten om frauderende ondernemers te ontmaskeren. Iemand die geen aangifte doet of een veel... Lees meer >

De fiscus beschikt over diverse instrumenten om frauderende ondernemers te ontmaskeren. Iemand die geen aangifte doet of een veel te laag bedrag aangeeft, krijgt bij ontdekking een correctie aan zijn broek. Maar hoe kan de fiscus die correctie bepalen als de administratie onvolledig is of gewoonweg vervalst? In zo’n geval kan de inspecteur de belastbare winst schatten. Hij gaat daarbij aan de hoge kant zitten. De inspecteur mag dat doen, zolang de schatting maar niet onredelijk is. Dat is in de fiscale rechtspraak uitgemaakt.

Normaliter moet de inspecteur een correctie bewijzen. Nu worden in fiscale zaken aan het bewijs veel minder zware eisen gesteld dan in strafzaken. In strafzaken moet het openbaar ministerie het strafbare feit overtuigend aantonen. In fiscale zaken hoeft een correctie alleen maar aannemelijk te worden gemaakt. Als een ondernemer heeft gefraudeerd, wordt de bewijslast omgekeerd. Dan is het niet de inspecteur die de correctie moet bewijzen, maar moet de belastingplichtige bewijzen dat de schatting onjuist is. Als de inspecteur op basis van schenknormen – uit een vat bier schenk je normaliter x glazen en dat correspondeert met x euro omzet – tot een schatting komt, zou de kroegbaas kunnen stellen dat zijn tapinstallatie lekt of dat het bij hem in het weekend altijd happy hour is. In de wet staat dat de schatting wordt gehandhaafd, tenzij is gebleken dat zij onjuist is. De bewijslast wordt niet alleen omgekeerd, ook moet de onjuistheid van de schatting overtuigend worden aangetoond. Met andere woorden, hiervoor geldt de zware bewijslast.

Een ondernemer die in zo’n procedure verzeilt raakt, bevindt zich in een lastig parket. Meestal loopt het bij de rechter verkeerd af. Veel ondernemers leggen het hoofd al vroegtijdig in de schoot, omdat zij van een procedure voor de belastingrechter geen succes verwachten. Maar sommige ondernemers hebben bij de belastingrechter wel degelijk succes. Het komt voor dat de fiscus rekenfouten heeft gemaakt, verkeerde normen heeft gehanteerd en geen rekening heeft gehouden met bijzondere omstandigheden die een lage winst verklaren. Sommige belastingcontroleurs hebben last van bedrijfsblindheid en tunnelvisie. Zij denken dat er geen eerlijke ondernemers zijn en dat de ene fraudeur alleen slimmer is dan de andere. Gelukkig hebben wij in Nederland onafhankelijke rechters die onbevangen naar de feiten kijken en gevoelig zijn voor reële argumenten. Als de inspecteur het echt bont heeft gemaakt, veroordeelt de rechter hem zelfs tot schadevergoeding.

Fiscale korting bij afkoop stamrecht in 2014

Een werknemer die ontslagen wordt, krijgt soms een bedrag ineens mee. Zo’n afkoopsom wordt afhankelijk van de hoogte ‘gouden... Lees meer >

Een werknemer die ontslagen wordt, krijgt soms een bedrag ineens mee. Zo’n afkoopsom wordt afhankelijk van de hoogte ‘gouden handdruk’ genoemd. Het is mogelijk met de werkgever af te spreken dat de uitkering niet ineens, maar in termijnen wordt uitbetaald. In zo’n geval is het gebruikelijk dat het bedrag wordt uitbetaald aan een verzekeraar, bank of stamrecht-bv, die dit verzorgt. Het voordeel hiervan is dat de belastingheffing wordt uitgesteld.

In het Belastingplan voor 2014 wordt de mogelijkheid gecreëerd om het stamrecht af te kopen. Er  geldt een fiscale korting van 20% als de afkoop in 2014 geschiedt. Als de hoogste tariefschijf van de inkomstenbelasting van toepassing is, betekent dit dat het stamrecht tegen effectief 41,6% kan worden afgekocht.

De bedoeling is dat het vrij te komen kapitaal een bestedingsimpuls aan de economie geeft. Inactief kapitaal moet worden geactiveerd om de economie een duwtje in de goede richting te geven. Belastingadviseurs worden overspoeld met vragen van cliënten of zij er verstandig aan doen van deze mogelijkheid gebruik te maken.

Het afkopen betekent dat er eenmalig een relatief groot bedrag belast zal worden. In de meeste gevallen zijn de uitkeringen belast tegen 42% loonbelasting (inkomstenbelasting). Dit terwijl het kapitaal ineens vaak grotendeels in de hoogste tariefschijf belast wordt. Met korting is dit tarief 41,6%. Dat scheelt dus nauwelijks iets. Stel dat iemand met een stamrecht-bv weer werk heeft gevonden en daaruit een hoog inkomen behaalt, dan zal de uitkering termijn misschien in de hoogste schijf worden belast. In dat geval zou kunnen worden overwogen het stamrecht af te kopen.

Besef dat het stamrecht ook kan worden gebruikt voor pensioenverbetering, waardoor de belastingheffing langdurig wordt uitgesteld. Ook goed om te beseffen is dat als het stamrecht is afgekocht, het kapitaal na aftrek van belasting tot het gewone spaargeld zal gaan behoren. Hierover bent u jaarlijks 1,2% belasting kwijt. Dat vermijdt u zolang het kapitaal in de bv blijft.

Vaak is het kapitaal gebruikt om een onderneming te financieren of voor een hypotheeklening aan de aandeelhouder. De voor afkoop benodige belastingheffing kan dan meestal niet snel liquide worden gemaakt. Als u niet zeker weet of de afkoopmogelijkheid voor u voordelig is, neem dan contact op met uw adviseur. Voor een optimale keuze is maatwerk vereist.

Recht op uitbetaling heffingskorting vervalt na tegenvallende inkomsten partner

Onlangs oordeelde rechtbank Zeeland-West-Brabant dat de inspecteur de heffingskorting van een partner mocht navorderen nadat door verliesverrekening het saldo... Lees meer >

Onlangs oordeelde rechtbank Zeeland-West-Brabant dat de inspecteur de heffingskorting van een partner mocht navorderen nadat door verliesverrekening het saldo van de gecombineerde inkomensheffing en de gecombineerde heffingskorting van de partner nihil was geworden. 

Belanghebbende ontvangt over 2005 als minstverdienende partner de gecombineerde heffingskorting (art. 8.9 Wet IB 2001). Het saldo van de gecombineerde inkomensheffing en gecombineerde heffingskorting van de partner is hiervoor hoog genoeg. Over het jaar 2008 is het inkomen van de partner negatief. Na verrekening van dit inkomen over 2005 gaat het saldo van de gecombineerde inkomensheffing en gecombineerde heffingskorting voor de partner omlaag naar nihil. De inspecteur heeft in verband hiermee de heffingskorting van de partner over 2005 nagevorderd.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur de heffingskorting van de partner mocht navorderen nadat door verliesverrekening het saldo van de gecombineerde inkomensheffing en de gecombineerde heffingskorting van de partner nihil was geworden. Het bepaalde in art. 16 lid 6 AWR staat onder deze omstandigheden navordering toe binnen acht weken nadat de verminderingsbeschikking van de partner onherroepelijk is geworden. De inspecteur heeft de navorderingsaanslag binnen deze termijn opgelegd.

NOB verbijsterd over wetsvoorstel wijziging percentages belasting

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs is verbijsterd over het voornemen van de regering de belastingrente voor de vennootschapsbelasting te... Lees meer >

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs is verbijsterd over het voornemen van de regering de belastingrente voor de vennootschapsbelasting te stellen op de wettelijke rente voor handelstransacties met een minimum van 8%.

Memorie van Toelichting

In de Memorie van Toelichting zijn voor dit voorstel uitsluitend budgettaire redenen aangevoerd. Naar de mening van de Orde is met betrekking tot dit voorstel sprake van een verkapte belastingheffing. In wezen wordt van belastingplichtigen die aan de heffing van vennootschapsbelasting zijn onderworpen een extra bijdrage aan de schatkist gevraagd. Volgens de orde is het wenselijk dat de regering deze maatregel in de vorm van belastingheffing aan de betreffende ondernemers oplegt.

Belastingplichtigen

De maatregel treft uitsluitend de aan de heffing van vpb onderworpen belastingplichtigen. Dit onderscheid is in de MvT toegelicht met verwijzing naar de gedachte achter de wettelijke rente, namelijk dat in het handelsverkeer een hoger rentepercentage geldt dan in het niet-handelsverkeer.

Geen handelstransactie

De Orde acht deze redengeving volstrekt onvoldoende. Er is met betrekking tot belastingheffing geen sprake van een handelstransactie, maar van het nakomen van een verplichting die rechtstreeks uit de wet voortvloeit. Vanuit het oogpunt van gelijkheid acht de Orde het volstrekt onwenselijk dat uitsluitend vennootschapsbelastingplichtigen aan dit regime worden onderworpen.

Belastingdienst mocht bewijs afgetapte fax advocaat gebruiken

Rechtbank Gelderland heeft geoordeeld dat een belastinginspecteur zich terecht beroept op een stuk dat door de FIOD is verkregen... Lees meer >

Rechtbank Gelderland heeft geoordeeld dat een belastinginspecteur zich terecht beroept op een stuk dat door de FIOD is verkregen door de fax van een medeverdachte advocaat af te tappen. Het stuk maakt namelijk geen deel uit van de geheimhoudersgesprekken.

Sinds 1996 heeft een echtpaar een woning in eigendom. De man is 100% aandeelhouder van twee in Nederland gevestigde bv’s en 75% aandeelhouder van een GmbH. Medio 2004 vertrekt hij officieel naar Zwitserland. Vanaf april 2007 woont de man weer officieel in de eigen woning in Nederland. In geschil is de IB-aanslag over 2006. De inspecteur stelt dat de man in 2006 in Nederland woonde en € 175.000 als regulier voordeel uit aanmerkelijk belang heeft genoten

Rechtbank Gelderland oordeelt dat de inspecteur zich terecht beroept op een stuk dat door de FIOD is gekregen door de fax van een medeverdachte advocaat af te tappen. Het stuk maakt namelijk geen deel uit van de zogenaamde geheimhoudersgesprekken en het verschoningsrecht van de advocaat is er dus niet mee geschonden. Het stuk behelst een overeenkomst van dading op grond waarvan € 175.000 aan de man is uitbetaald. De vergoeding betreft een provisie voor de verkoop van onroerend goed in België. De man stelt vergeefs dat de vergoeding verband houdt met de liquidatie van de GmbH. De inspecteur maakt ook aannemelijk dat de man in Nederland is blijven wonen, aangezien het middelpunt van zijn levensbelangen daar is gebleven. Hij verbleef namelijk slechts doordeweeks in Zwitserland en was in het weekend gewoon bij zijn gezin. Het beroep van de man is ongegrond.

Onderscheid in erf- en schenkbelasting in strijd met gelijkheidsbeginsel

Het onderscheid in de erf- en schenkbelasting tussen de belasting van particulier vermogen en ondernemingsvermogen is in strijd met... Lees meer >

Het onderscheid in de erf- en schenkbelasting tussen de belasting van particulier vermogen en ondernemingsvermogen is in strijd met het internationaal verankerde gelijkheidsbeginsel. Dat is de conclusie van advocaat-generaal IJzerman aan de Hoge Raad.

Vrijstelling

Een vrijstelling van 100% van het ondernemingsvermogen bij een erfenis tot 1 miljoen euro moet tot 25% ook gelden voor particulier vermogen uit een erfenis met terugwerkende kracht aldus de advocaat-generaal. Gezien het feit dat een vrijstelling van 75% nog niet te hoog was, moet er 25% van het geërfd vermogen vrijgesteld worden aldus de advocaat-generaal.

Rechtbank Breda

Op 13 juli 2012 besliste de rechtbank Breda dat verkrijgers van particulier vermogen hetzelfde recht op een vrijstelling hebben als verkrijgers van ondernemingsvermogen. Naar aanleiding van die uitspraak zijn door veel verkrijgers van particulier vermogen bezwaarschriften ingediend tegen opgelegde aanslagen. Uit de tienduizenden bezwaarschriften zijn vijf gevallen uitgekozen om in een proefprocedure aan de Hoge Raad voor te leggen. Met de conclusie van de advocaat-generaal zal de Hoge Raad waarschijnlijk een nadere vrijstelling verlenen voor velen.

Vermogenden schenken meer door hogere AWBZ

Vermogende particulieren die van plan zijn een deel van hun vermogen te schenken, doen dat vooral door de fors... Lees meer >

Vermogende particulieren die van plan zijn een deel van hun vermogen te schenken, doen dat vooral door de fors hogere eigen bijdrage voor AWBZ-zorg. Door een deel van het vermogen te schenken, kan de eigen bijdrage mogelijk verlaagd worden. Dat blijkt uit een vrijdag gepresenteerd onderzoek van ING Private & Personal Banking.

Sinds dit jaar wordt een hoger percentage van het vermogen meegeteld in de berekening voor AWBZ-zorg. Vermogenden die zorg nodig hebben, betalen hierdoor een flink hogere eigen bijdrage. Een meerderheid van de vermogenden (70 procent) geeft aan te willen schenken voordat zij zelf in een AWBZ-instelling terechtkomen.

Uit het onderzoek blijkt dat vermogende Nederlanders positief denken over schenken aan kinderen, kleinkinderen of een goed doel. De meerderheid overweegt te schenken aan de kinderen (83 procent) en kleinkinderen (36 procent). Daarnaast overweegt 20 procent een schenking aan een goed doel. Bij schenkingen aan familieleden is financiële ondersteuning de belangrijkste reden. Maar ook fiscale voordelen spelen een steeds belangrijker rol. Door te schenken tijdens het leven wordt erfbelasting voorkomen.

“Een op de drie ondervraagden ziet fiscale voordelen als de belangrijkste reden om een deel van het vermogen aan familie te schenken tijdens het leven. Dit wordt ook door de overheid gestimuleerd. Zo mag vanaf 1 oktober tijdelijk eenmalig een bedrag van 100.000 euro belastingvrij geschonken worden voor de aankoop van een huis, verbouwing of tussentijdse aflossing. Dit soort maatregelen maakt schenken heel aantrekkelijk”, zegt Karien van Gennip, directeur ING Private Banking & Personal Banking.

Niet-schenkers doen er volgens Van Gennip goed aan zich te realiseren dat ze wellicht een aanzienlijk fiscaal voordeel laten liggen. “Omdat een erfdeel meer belast wordt dan schenkingen, moeten nabestaanden een groter deel afstaan aan de fiscus.”

Zo spaart u voordelig voor uw kleinkind

Een mooi cadeau: open een eigen spaarrekening voor uw kleinkind. Maar wat levert het op? En hoe zit het... Lees meer >

Een mooi cadeau: open een eigen spaarrekening voor uw kleinkind. Maar wat levert het op? En hoe zit het met de kleine lettertjes? U leest het hier.

Bijna alle banken bieden speciale (klein)kinder­spaarrekeningen aan. Overweegt u zo’n rekening te openen? Vraag dan om te beginnen ­toestemming aan de ouders van het kind. 

Toeslagen
Het spaargeld van uw kleinkind wordt namelijk, totdat hij of zij 18 is, door de fiscus opgeteld bij het vermogen van de ouders. Dit kan gevolgen hebben voor de vermogensbelasting die de ouders moeten betalen (Box 3). Als de ouders meer dan €21.139 per ­persoon aan spaargeld of ander vermogen bezitten, moeten zij over het meerdere jaarlijks 1,2 procent vermogens­belasting ­betalen. De kinderspaarrekening kan daarnaast ook eventuele toeslagen of uitkeringen van de ouders in gevaar brengen. Sommige uitkeringen (zoals de bijstand) en toeslagen zijn namelijk afhankelijk van het vermogen. De ouders krijgen mogelijk minder of helemaal niets als de spaarrekening van hun kinderen goed gevuld is.

Overigens: de kinderen tellen voor het Depositogarantiestelsel wél als aparte rekeninghouders. Mocht de bank failliet gaan, dan is het tegoed van het kind dus afzonderlijk gegarandeerd tot €100.000.

Vrijstelling belasting
Hebt u groen licht, dan moeten er een paar knopen worden doorgehakt. Ten eerste: hoeveel wilt u aan uw kleinkind geven? In 2013 is de vrijstelling voor schenkbelasting per kleinkind €2057. Schenken grootouders in een jaar méér dan dat bedrag, dan moet het kleinkind daar 18 procent schenkbelasting over betalen. Gaat het om een schenking van meer dan €118.254, dan bedraagt de schenkbelasting over het meerdere 36 procent.

Verder: welke spaarrekening kiest u? De rente op een kinderspaarrekening is vaak ietsje hoger dan de rente op een gewone spaarrekening, met de nadruk op ietsje: hooguit enkele tienden van procenten meer. Welke bank de hoogste rente biedt, ziet u in het overzicht op de volgende pagina. 

Slot erop tegen de ouders
Goed om te weten: bij de meeste kinderspaarrekeningen kunnen de ouders geld opnemen zónder toestemming van hun minderjarige kind. Stel dat de ouders in geldnood zitten, dan zouden zij in de verleiding kunnen komen om de spaarrekening van hun kind aan te spreken. Ook als de ouders zijn gescheiden en een van hen wil geld opnemen van de kinderspaarrekening zonder toestemming van de andere ouder, kan het misgaan. Om dit te voorkomen, kunt u bij de meeste banken een BEM-clausule aanvragen. De afkorting staat voor ‘Beheer Eigen vermogen Minderjarigen’. Het houdt in dat de rekening voor iedereen is geblokkeerd tot het kind 18 jaar wordt. Willen de ouders vóór die tijd toch geld opnemen van de rekening, dan moeten zij toestemming vragen aan de rechter. Als er een BEM-clausule is, hangt het van de gemeente af of de kinderspaarrekening meetelt voor de vermogenstoets die aangeeft of ouders bepaalde uitkeringen of toeslagen krijgen. Triodos Bank en ASN Bank sluiten sowieso uit dat iemand aan het geld komt voordat het kind 18 is, tenzij het geld aantoonbaar wordt gebruikt voor een studie of opleiding. 

Veilig alternatief: deposito
Vindt u de rente op kinderspaarrekeningen aan de magere kant? Dan kunt u ook denken aan een spaardeposito. Hierbij zet u het geld een bepaalde periode vast ­tegen een bepaalde rente. ­Voordeel is dat depositorente 
vaak hoger is dan spaarrente, ­zeker als u het geld voor langere tijd vastzet (minstens vijf jaar). Door een lange looptijd te kiezen, kunt u er tegelijkertijd voor zorgen dat uw kleinkind niet voor zijn 18de of 21ste verjaardag (of wanneer u maar wilt) aan het geld kan komen. In principe mag geld op een depositorekening namelijk niet voortijdig worden opgenomen, of hooguit tegen een flinke boete.

Er kleeft ook een nadeel aan een deposito: als de rente omhoog gaat, stijgt de rente op het deposito niet mee. De rentes op een 10-jaarsdeposito liggen bij het ter perse gaan van dit nummer tussen 2,4 procent en 3,5 procent. Dat is meer dan op bijna alle kinderspaarrekeningen. Maar over een paar jaar kunnen de verhoudingen best omgekeerd zijn en loopt u met een deposito een eventuele rentestijging mis. Veel economen denken dat de rente de komende jaren zal stijgen.

Risicovol alternatief: beleggen
Beleggen voor uw kleinkind kan met de huidige lage rente een interessant alternatief zijn. U loopt wel een zeker risico. In het allerslechtste geval verdampt de spaarpot voor uw nageslacht op de beurs. Aan de andere kant: vaak kunt u over een langere periode opbouwen, bijvoorbeeld 18 of 20 jaar. Bij gespreide en gevarieerde aankoop kunt u de risico’s spreiden. Beleggen vergt wel meer ­‘onderhoud’ dan gewoon sparen. 

Als-ie het geld straks maar niet verbrast
Het bedrag dat u voor uw kleinkind bij elkaar spaart, is ‘veilig’ tot het kind de 18-jarige leeftijd bereikt. Daarna kan hij of zij het geld opnemen en desgewenst verbrassen. Maar misschien had u een andere bestemming in gedachten, zoals het mogelijk maken van een studie of andere serieuze zaken. Om gedoe te voorkomen, bieden ABN Amro en Rabobank een kinderspaarrekening aan waarbij de schenkende grootouder bepaalt op welk moment het kind aan het geld mag komen. Bijvoorbeeld pas als het 21 jaar wordt. Of als een studie is afgerond. Vraag naar de ABN Amro Royaal Rekening of de Rabo GeneratieSparen Plus.

Begrotingsafspraken 2014

Het kabinet is met D66, ChristenUnie en SGP en de coalitiepartijen tot afspraken gekomen die het mogelijk maken gezamenlijke... Lees meer >

Het kabinet is met D66, ChristenUnie en SGP en de coalitiepartijen tot afspraken gekomen die het mogelijk maken gezamenlijke ambities te realiseren voor economische groei en werkgelegenheid, solide overheidsfinanciën en evenwichtige inkomensverdeling. Het pakket aan maatregelen is gericht op meer banen, beter onderwijs en een duurzame economie. De positie van gezinnen met kinderen krijgt bijzondere aandacht.

Minister Dijsselbloem van Financiën heeft, mede namens minister-president Rutte en vicepremier Asscher, de Tweede Kamer vrijdagavond geïnformeerd over de afspraken met de partijen.

De uitkomst van de gesprekken leidt tot draagvlak voor afzonderlijke begrotingen, het Belastingplan 2014, een solide financieel beleid en een voortvarende uitvoering van het sociaal akkoord.

De begrotingsafspraken, waarmee een structurele besparing van 6 miljard euro wordt bereikt, bevatten in vergelijking met de Miljoenennota per saldo meer lastenverlichting en meer ombuigingen. Tegelijkertijd vindt een vergroening van de belastingen plaats waardoor de lasten op arbeid worden verlaagd. Ook daalt de marginale druk met behoud van een evenwichtige inkomensverdeling.

Intensiveringen zijn voorzien op terreinen als onderwijs en innovatie en er is inkomensondersteuning voor gezinnen met kinderen. Om dit mogelijk te maken zal de prijsbijstelling in 2014 worden ingehouden en zal binnen de sociale zekerheid en zorg aanvullend worden omgebogen.

De ambities op het terrein van de werkgelegenheid blijken ook uit de afspraken die partijen hebben gemaakt rond de uitvoering van het sociaal akkoord. Voor 2014 wordt de inspanning verdubbeld om mensen met een beperking aan het werk te helpen in de marktsector. Sectorplannen worden zoveel mogelijk ingezet voor bestrijding van jeugdwerkloosheid. Daarnaast zullen de maatregelen rond de verbetering van de positie van flexwerkers en stroomlijning van het ontslagrecht met een half jaar worden versneld. Binnen de WW-hervorming zal de verbreding van het begrip passende arbeid en de inkomstenverrekening ook een half jaar eerder worden ingevoerd. Deze en andere aanpassingen dragen eraan bij dat mensen eerder aan het werk komen en werken altijd loont. Doelstelling is dat de maatregelen er toe bijdragen dat de ambitie uit het Regeerakkoord wordt overtroffen en in totaal zal leiden tot 0,8 procent meer structurele werkgelegenheid ofwel ruim 50 duizend banen op termijn.

Documenten en publicaties

  • Begrotingsafspraken 2014

    Mede namens premier Rutte en vicepremier Asscher informeert minister Dijsselbloem van Financiën de Tweede Kamer over de …

    Kamerstuk | 11-10-2013

NG: SEPA vergemakkelijkt Europees betalingsverkeer, maar de duiveltjes zitten in de details

1 februari 2014 is een onverbiddelijke datum. Vanaf die dag hebben ondernemers geen keuze meer voor of tegen SEPA.... Lees meer >

1 februari 2014 is een onverbiddelijke datum. Vanaf die dag hebben ondernemers geen keuze meer voor of tegen SEPA. Ondernemers die dan hun administratie en hun software niet in orde hebben, kunnen dan: a) geen betalingen meer doen en b) ook geen betalingen meer ontvangen. Dat is volgens Bart Schlatmann de urgentie die ondernemers – en dus ook accountants – zouden moeten voelen ten aanzien van de implementatie van SEPA.

SEPA staat voor Single European Payments Area en het betekent zoveel als dat iedereen in Europa eenvoudig en zonder onnodige vertragingen internationale betalingen kan doen en ontvangen. Maar …. Vanzelf gaat dat niet. In feite moeten in alle administraties de bestaande bankrekeningnummers worden omgenummerd worden. Dat is een enorme administratieve/softwarematige klus. Komt nog eens bij dat de storneringsrechten worden verruimd. Heeft uw klant spijt, dan heeft hij straks meer rechten om zijn betaling terug te roepen.

Lagere bijtelling voor nulemissie-auto

Het kabinet stelt voor om de bijtelling wegens privégebruik van een nulemissie-auto per 1 januari 2014 tijdelijk te verlagen... Lees meer >

Het kabinet stelt voor om de bijtelling wegens privégebruik van een nulemissie-auto per 1 januari 2014 tijdelijk te verlagen van 7% naar 4%. Aan de andere kant wordt voorgesteld om de VAMIL niet meer toe te passen, en de KIA af te schaffen ter zake van personenauto’s. Dat blijkt uit een nota van wijziging die 4 oktober jl. is ingediend bij de wetsvoorstellen Belastingplan 2014 en Overige Fiscale maatregelen 2014.

Om het gebruik van (semi-)elektrische auto’s te bevorderen, bevatten de directe belastingen nu een aantal stimulerende maatregelen, zoals een vrijstelling van belasting van personenauto’s en motorrijwielen (BPM) en van motorrijtuigenbelasting (MRB), een tot 7% verlaagde bijtelling wegens privégebruik, en toepassing van de milieu-investeringsaftrek (MIA), de willekeurige afschrijving op milieubedrijfsmiddelen (VAMIL) en de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA).

Het kabinet vindt een evenwichtiger vorm van stimulering gewenst om stapeling te voorkomen. Daarom zijn de genoemde maatregelen voorgesteld aan de Tweede Kamer.

Hof stelt fiscus in ongelijk in btw-kwestie

Het gerechtshof in Den Bosch heeft in een zaak van een zzp’er die als anesthesieverpleegkundige voor een ziekenhuis werkte,... Lees meer >

Het gerechtshof in Den Bosch heeft in een zaak van een zzp’er die als anesthesieverpleegkundige voor een ziekenhuis werkte, bepaald dat deze is vrijgesteld van het betalen van btw. Dat blijkt uit het maandag gepubliceerde arrest.

Het hof bevestigde daarmee de beslissing van de rechtbank, die in februari al in het nadeel van de Belastingdienst had beslist.

Verantwoordelijk staatssecretaris Frans Weekers van Financiën verdedigde onlangs in een brief aan de Tweede Kamer nog de maatregel dat zzp’ers die voor een ziekenhuis of zorginstelling werken 21 procent btw moeten berekenen over hun diensten.

Volgens onder meer belangenclub ZZP Nederland betekent de maatregel in de praktijk dat zzp’ers de 21 procent voor hun eigen rekening moeten nemen, omdat veel instellingen er niet mee akkoord gaan dat de zzp’ers de btw factureren.

Een woordvoerder van het ministerie van Financiën liet in reactie weten dat het arrest van het hof wordt bestudeerd. Weekers heeft 6 weken de tijd om in cassatie te gaan bij de Hoge Raad.

ZZP Nederland spreekt van ‘een doorbraak in de vervelende btw-kwestie”. De belangenorganisatie verwacht dat Weekers afziet van een gang naar de Hoge Raad.

Het beleid ten aanzien van de btw-verplichting van zzp’ers in de zorg werd begin dit jaar aangescherpt na klachten van uitzend- en detacheringsbureau’s over oneerlijke concurrentie omdat zij voor de diensten van hun krachten wel btw in rekening moeten brengen en zzp’ers (nog) niet.

Het hof komt onder meer tot de conclusie dat de ‘eenpitter’ in deze zaak niet kan worden vergeleken met een uitzendbureau.

Per 1 januari 2014 nieuwe regels vrijstelling motorrijtuigenbelasting

Hebt u een personenauto waarvan de CO2-uitstoot niet hoger is dan 50 gram per kilometer? Dan betaalt u ook... Lees meer >

Hebt u een personenauto waarvan de CO2-uitstoot niet hoger is dan 50 gram per kilometer? Dan betaalt u ook na 1 januari 2014 geen motorrijtuigenbelasting. Het maakt niet uit wat voor een motor uw personenauto heeft.

Heeft uw personenauto een CO2-uitstoot die hoger is dan 50 gram per kilometer? Kijk dan in de rekenhulp motorrijtuigenbelasting bij Personenauto hoeveel motorrijtuigenbelasting u moet betalen.

Door Belastingdienst gebruikte afroommethode gebruikelijk loon DGA verworpen

De door de Belastingdienst toegepaste afroommethode voor bepaling van het gebruikelijk directeur-grootaandeelhouder (DGA) loon van beroepsbeoefenaren, zoals advocaten, notarissen... Lees meer >

De door de Belastingdienst toegepaste afroommethode voor bepaling van het gebruikelijk directeur-grootaandeelhouder (DGA) loon van beroepsbeoefenaren, zoals advocaten, notarissen en accountants, is in een door PlasBossinade aanhangig gemaakte zaak in 2012 door de Hoge Raad verworpen. Het gerechtshof Amsterdam heeft na verwijzing door de Hoge Raad op 26 september jl. opnieuw in het voordeel van de belastingplichtige geoordeeld, zo meldt het Groningse advocaten- en notarissenkantoor.

Resultaat: de Belastingdienst moet aantonen dat het loon in soortgelijke dienstbetrekkingen hoger is. Lukt dat niet, dan is correctie van het inkomen van een DGA niet mogelijk.

De wet

Uit de wet volgt dat wanneer een DGA een salaris geniet van ten minste € 43.000, de inspecteur aannemelijk moet maken dat in soortgelijke dienstbetrekkingen een hoger loon gebruikelijk is. Slaagt de inspecteur in zijn bewijslast, dan kan het inkomen worden gecorrigeerd tot zeventig procent van dit hogere loon en mogelijk tot negentig procent in de toekomst.

De praktijk, afroommethode

In de praktijk kwam het er op neer dat de Belastingdienst de stap om eerst aannemelijk te maken dat een hoger loon gebruikelijk is, oversloeg en direct de stelling betrok dat de winst van de BV kon worden afgeroomd ten gunste van het gebruikelijk loon van de DGA. Deze afroommethode houdt in dat het gebruikelijk loon wordt gesteld op zeventig procent van de omzet (min kosten en lasten) van de BV waarin de beroepsbeoefenaar DGA is. Dit leidt tot een hoger loon en dus meer inkomstenbelasting. Het toepassen van deze methode is voor de Belastingdienst eenvoudiger dan nagaan wat nu de dienstbetrekking inhoudt en aan de hand daarvan na te gaan wat iemand in een soortgelijke dienstbetrekking verdient.

Bewijslast

De DGA in deze zaak betoogde dat de Belastingdienst de bewijslast had aan te tonen dat het gebruikelijk loon te laag was en dat de Belastingdienst daarin niet was geslaagd. Er was eenvoudigweg niets over gesteld. Los daarvan stelde de DGA, dat zijn loon niet te laag was gezien de lonen van het kantoor waaraan de DGA als advocaat was verbonden. Bij het salaris van de meest verdienende advocaat-medewerkers van het betreffende kantoor, was met de factor aanmerkelijk belang geen rekening gehouden, terwijl de overige omstandigheden met betrekking tot opleiding, aard en omvang van de werkzaamheden en andere feiten en omstandigheden (vrijwel) gelijk zijn. De invulling van de soortgelijke dienstbetrekking moest dus dicht bij huis worden gezocht. In navolging van de Hoge Raad is nu ook het gerechtshof Amsterdam het eens met de DGA en heeft de aan hem opgelegde aanslagen vernietigd.

Onderscheid erf- en schenkbelasting in strijd met gelijkheidsbeginsel

Het onderscheid in de erf- en schenkbelasting tussen de belasting van particulier vermogen en ondernemingsvermogen is in strijd met... Lees meer >

Het onderscheid in de erf- en schenkbelasting tussen de belasting van particulier vermogen en ondernemingsvermogen is in strijd met het internationaal verankerde gelijkheidsbeginsel. Dat is de conclusie van advocaat-generaal IJzerman aan de Hoge Raad.

Vrijstelling

Een vrijstelling van 100% van het ondernemingsvermogen bij een erfenis tot 1 miljoen euro moet tot 25% ook gelden voor particulier vermogen uit een erfenis met terugwerkende kracht aldus de advocaat-generaal. Gezien het feit dat een vrijstelling van 75% nog niet te hoog was, moet er 25% van het geërfd vermogen vrijgesteld worden aldus de advocaat-generaal.

Rechtbank Breda

Op 13 juli 2012 besliste de rechtbank Breda dat verkrijgers van particulier vermogen hetzelfde recht op een vrijstelling hebben als verkrijgers van ondernemingsvermogen. Naar aanleiding van die uitspraak zijn door veel verkrijgers van particulier vermogen bezwaarschriften ingediend tegen opgelegde aanslagen. Uit de tienduizenden bezwaarschriften zijn vijf gevallen uitgekozen om in een proefprocedure aan de Hoge Raad voor te leggen. Met de conclusie van de advocaat-generaal zal de Hoge Raad waarschijnlijk een nadere vrijstelling verlenen voor velen.

Aanpassing Besluit Levering en verhuur van onroerende zaken

Het Besluit Levering en verhuur van onroerende zaken is aangepast per 30 september 2013. Enkele aanpassingen per 30 september... Lees meer >

Het Besluit Levering en verhuur van onroerende zaken is aangepast per 30 september 2013.

Enkele aanpassingen per 30 september 2013:

  • De gevolgen van het Don Bosco-arrest en het Woningstichting Maasdriel-arrest zijn verwerkt. Een van de gevolgen is een goedkeuring dat de juridische levering van grond en de bouw van een nieuwbouwwoning op grond van een koop-/aannemingsovereenkomst tot 1 januari 2016 als afzonderlijke prestaties kunnen worden behandeld. Deze goedkeuring geldt onder voorwaarden.
  • De goedkeuring voor het niet toepassen van de veilingregeling bij onroerende zaken geldt nu ook voor ondernemers die onroerende zaken laten veilen.
  • De goedkeuring voor de verlaging van de 90%-norm naar 70% voor belaste levering en verhuur op verzoek, geldt nu ook voor postvervoersbedrijven en openbare radio- en televisieorganisaties.
  • De gevolgen voor de btw van het ter beschikking stellen van een multifunctionele ruimte worden uitgebreider uitgelegd.
  • Er wordt duidelijker uitgelegd wanneer niet langer sprake is van verhuur bij het ter beschikking stellen van een onroerende zaak.
  • De goedkeuring dat de verhuur van congres-, vergader- en tentoonstellingsruimte belast is, zonder dat de verhuurder en huurder hoeven te opteren geldt alleen nog als de ruimte voor maximaal 1 maand wordt gehuurd.
  • Als een woonboot langdurig op een ligplaats ligt, is de verhuur van die ligplaats vrijgesteld.
  • Er wordt duidelijker uitgelegd wanneer er sprake is van een afzonderlijke prestatie bij het in rekening brengen van servicekosten.

Meer informatie

Meer informatie leest u in het Besluit van 30 september 2013 nr. BLKB2013 1686M.

Extra geld voor verhoging kinderopvangtoeslag

Het kabinet maakt €100 miljoen extra vrij voor kinderopvang. De kinderopvangtoeslag voor ouders met lagere midden- en hogere inkomens... Lees meer >

Het kabinet maakt €100 miljoen extra vrij voor kinderopvang. De kinderopvangtoeslag voor ouders met lagere midden- en hogere inkomens gaan vanaf 1 januari 2014 omhoog. De lagere inkomens werden eerder al ontzien.

Dit schrijft minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vandaag in een brief aan de Tweede Kamer. De minister nam dit besluit nadat een ruime meerderheid van de Tweede Kamer aan gaf ouders tegemoet te willen komen in de kosten voor kinderopvang (zie ook motie Van Ojik-Samsom).

De minister zet 50 miljoen euro in voor het verhogen van de kinderopvangtoeslag voor ouders met een inkomen tussen rond 47.000 en 105.000 euro. De kinderopvangtoeslag voor het eerste kind wordt daarbij verhoogd. De andere 50 miljoen euro wordt gebruikt om ouders met een inkomen vanaf 105.000 euro weer recht op een vaste vergoeding van 18 procent van de kosten voor kinderopvang te geven voor hun eerste kind. Vooral voor de minst verdienende partner in deze gezinnen wordt het door deze maatregelen aantrekkelijker om een extra dag te gaan werken. In het regeerakkoord van het vorige kabinet was afgesproken dat ouders met de hoogste inkomens (vanaf ongeveer 115.000) vanaf 1 januari 2013 geen kinderopvangtoeslag meer zouden ontvangen.

In zijn begroting reserveerde de minister eerder al 50 miljoen euro om ouders met lagere inkomens tegemoet te komen. De door de overheid te verstrekken vergoeding per uur kan dankzij dat bedrag nu weer aangepast worden aan de stijgende kosten in de kinderopvang. De aanpassing van de door de overheid te verstrekken vergoeding per uur komt vooral ten goede aan ouders met lagere inkomens, omdat het vooral voor deze groep ouders nadelig is als zij over een deel van de betaalde uurprijs geen toeslag ontvangen.

Met de maatregelen denkt de minister de kosten voor kinderopvang voor alle ouders draaglijker te maken. De minister zal bij de behandeling van het wetsvoorstel over de Kindregelingen in de Tweede Kamer bezien of er verzachtende maatregelen nodig zijn voor alleenstaande ouders met een minimumuitkering.

Voorbeeldgezinnen

Leraar en verpleegkundige met twee kinderen.

In dit gezin is de man voltijd werkzaam als leraar en de vrouw in deeltijd werkzaam als verpleegkundige. Tezamen hebben ze een bruto inkomen van rond 1,5x modaal. Ze hebben twee jonge kinderen van 7 en 9 jaar. Het gezin maakt daardoor drie dagen per week gebruik van buitenschoolse opvang. In eerste instantie betaalt dit gezin per jaar circa 12.000 euro aan buitenschoolse opvang, waarvan 8.600 euro wordt vergoed door middel van de kinderopvangtoeslag. Dankzij de intensivering van de kinderopvangtoeslag krijgen ze 70 euro extra kinderopvangtoeslag. Het besteedbaar inkomen gaat er op jaarbasis 70 euro op vooruit.

Accountant en onderwijzer met twee kinderen.

In dit gezin werkt de vrouw voltijd als accountant en de man in deeltijd als onderwijzer. Ze hebben een bruto verzamelinkomen van rond 3,5x modaal. Ze hebben twee jonge kinderen van 7 en 9 jaar. Het gezin maakt daardoor drie dagen per week gebruik van buitenschoolse opvang. In eerste instantie betaalt het gezin per jaar circa 12.000 euro aan buitenschoolse opvang, waarvan 4.500 euro wordt vergoed door middel van de kinderopvangtoeslag. Door de intensivering van de kinderopvangtoeslag ontvangt dit gezin 640 euro meer kinderopvangtoeslag. Het besteedbaar inkomen gaat er op jaarbasis 640 euro op vooruit.

Documenten en publicaties

  • Kamerbrief intensivering kinderopvangtoeslag 2014

    Brief van minister Asscher (SZW) aan de Tweede Kamer over intensivering kinderopvangtoeslag 2014.

Weekers niet bereid forfaitair rendement in box 3 te verlagen

Staatssecretaris Weekers van Financiën is niet bereid het forfaitair rendement in box 3 (al dan niet tijdelijk) te verlagen.... Lees meer >

Staatssecretaris Weekers van Financiën is niet bereid het forfaitair rendement in box 3 (al dan niet tijdelijk) te verlagen. Dit heeft hij geantwoord op vragen van het Tweede Kamerlid Bashir van de SP.

Bij de introductie van de vermogensrendementsheffing is het forfaitaire rendement gesteld op 4%. Deze 4% is het langjarig gemiddelde risicovrije rendement dat een belastingplichtige geacht wordt te kunnen behalen op zijn box 3 vermogen. De Commissie-Van Dijkhuizen kijkt op dit moment ook naar de vermogensrendementsheffing. Weekers wacht af of het eindrapport van de commissie de Kamer aanleiding geeft om de discussie verder te voeren.

Verder is Weekers niet voornemens een voorstel te doen voor de invoering van een vermogenswinstbelasting. De conclusie uit 2001 dat een vermogenswinstbelasting leidt tot grote administratieve lasten en uitvoeringskosten, en dat het ontwijkgedrag minder makkelijk kan worden tegengegaan dan bij een forfaitaire vermogensrendementsheffing, is nog steeds valide.